Terug
Gepubliceerd op 20/10/2023

2023_GR_00138 - Advies voorlopig Ontwerp Regionaal Mobiliteitsplan en Strategisch MER voor het Regionaal Mobiliteitsplan van de vervoerregio Midwest - Goedkeuring

gemeenteraad
ma 16/10/2023 - 19:00 Politieraadszaal, Westwing Park, Kwadestraat 159
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Liselot De Decker, Voorzitter gemeenteraad; Kris Declercq; Nathalie Muylle; Stefaan Van Coillie; Mieke Vanbrussel; Francis Debruyne; Matthijs Samyn; Piet Delrue; Bart Wenes; José Debels; Henk Kindt; Filip Deforche; Frederik Declercq; Ria Vanzieleghem; Geert Huyghe; Cyriel Ameye; Caroline Martens; Brecht Vermeulen; Siska Rommel; Lieve Lombaert; Bart De Meulenaer; Steven Dewitte; Dieter Carron; Peter Claeys; Jeaninne Vandenabeele; Bert Wouters; Margot Wybo; Eddy Demeersseman; Koenraad Cracco; Sander Braeye; Thomas Witdouck; Stephanie Davidts; Thierry Bouckenooghe; Peter Patteeuw; Georges Decoene; Geert Sintobin, Algemeen directeur

Verontschuldigd

Michèle Hostekint; Immanuel De Reuse; Gerdi Casier; Tom Vandenkendelaere

Secretaris

Geert Sintobin, Algemeen directeur

Voorzitter

Liselot De Decker, Voorzitter gemeenteraad

Stemming op het agendapunt

2023_GR_00138 - Advies voorlopig Ontwerp Regionaal Mobiliteitsplan en Strategisch MER voor het Regionaal Mobiliteitsplan van de vervoerregio Midwest - Goedkeuring

Aanwezig

Liselot De Decker, Kris Declercq, Nathalie Muylle, Stefaan Van Coillie, Mieke Vanbrussel, Francis Debruyne, Matthijs Samyn, Piet Delrue, Bart Wenes, José Debels, Henk Kindt, Filip Deforche, Frederik Declercq, Ria Vanzieleghem, Geert Huyghe, Cyriel Ameye, Caroline Martens, Brecht Vermeulen, Siska Rommel, Lieve Lombaert, Bart De Meulenaer, Steven Dewitte, Dieter Carron, Peter Claeys, Jeaninne Vandenabeele, Bert Wouters, Margot Wybo, Eddy Demeersseman, Koenraad Cracco, Sander Braeye, Thomas Witdouck, Stephanie Davidts, Thierry Bouckenooghe, Peter Patteeuw, Georges Decoene, Geert Sintobin
Stemmen voor 20
Bart Wenes, Henk Kindt, José Debels, Kris Declercq, Nathalie Muylle, Stefaan Van Coillie, Geert Huyghe, Ria Vanzieleghem, Caroline Martens, Piet Delrue, Mieke Vanbrussel, Matthijs Samyn, Francis Debruyne, Margot Wybo, Sander Braeye, Peter Patteeuw, Thierry Bouckenooghe, Thomas Witdouck, Stephanie Davidts, Liselot De Decker
Stemmen tegen 12
Lieve Lombaert, Bart De Meulenaer, Brecht Vermeulen, Frederik Declercq, Siska Rommel, Filip Deforche, Cyriel Ameye, Georges Decoene, Dieter Carron, Peter Claeys, Jeaninne Vandenabeele, Koenraad Cracco
Onthoudingen 3
Steven Dewitte, Bert Wouters, Eddy Demeersseman
Blanco stemmen 0
Ongeldige stemmen 0
2023_GR_00138 - Advies voorlopig Ontwerp Regionaal Mobiliteitsplan en Strategisch MER voor het Regionaal Mobiliteitsplan van de vervoerregio Midwest - Goedkeuring 2023_GR_00138 - Advies voorlopig Ontwerp Regionaal Mobiliteitsplan en Strategisch MER voor het Regionaal Mobiliteitsplan van de vervoerregio Midwest - Goedkeuring

Motivering

Juridische gronden

De goedkeuring door de Vlaamse regering op 26 april 2019 van het decreet betreffende de basisbereikbaarheid. Het decreet basisbereikbaarheid werd op 12 juni 2019 gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad. Op 22 juni 2019 trad het decreet in werking.

De goedkeuring door de Vlaamse Regering op 20 juli 2018 van de indeling van het grondgebied van het Vlaamse Gewest in 15 vervoerregio’s en de afbakening van deze vervoerregio’s.

De goedkeuring door de gemeenteraad op 25 februari 2019 voor het aanduiden van de gemeentelijke vertegenwoordigers van de stad Roeselare in de Vervoerregioraad van de vervoerregio Roeselare.

De goedkeuring door de Vlaamse Regering op 20 november 2020 over de regionale mobiliteitsplannen met integratie van de milieueffectrapportage.

De naam van de Vervoerregio Roeselare is bij Besluit van de Vlaamse Regering van 4 december 2020 gewijzigd in Vervoerregio Midwest.

De goedkeuring door de gemeenteraad op 24 januari 2022 voor de vervanging van een gemeentelijke vertegenwoordiger van de stad Roeselare in de Vervoerregioraad van de vervoerregio Midwest.

Context en argumentatie

Proces

Het Decreet Basisbereikbaarheid omschrijft de werking van de 15 vervoerregio’s en legt de taken vast van de vervoerregioraad. Met de inrichting van vervoerregio’s, vervoerregioraden en regionale mobiliteitsplannen creëerde de Vlaamse overheid een kader voor steden en gemeenten waarbinnen ze kunnen samenwerken aan mobiliteitsuitdagingen. 

Binnen elke vervoerregio wordt een regionaal mobiliteitsplan opgesteld. Dat plan legt de gezamenlijke mobiliteitsvisie van de lokale besturen voor alle vervoersmiddelen op lange termijn vast. Het speelt in op de huidige en toekomstige mobiliteitsuitdagingen van de regio, tekent het openbaar vervoersnetwerk uit, legt de link met het ruimtelijk beleid en stelt maatregelen voor de verbetering van de doorstroming, de verkeersveiligheid en het fietsbeleid voor. 

Ook de Vervoerregio Midwest heeft een mobiliteitsplan opgesteld waarin de gezamenlijke mobiliteitsvisie van de betrokken besturen voor alle vervoersmiddelen op lange termijn wordt vastgelegd. De Vervoerregio werd daarin ondersteund door het consortium Deloitte / Traject / Mint / 02, dat door de Vlaamse Overheid als studiebureau aangesteld werd. 

Het regionaal mobiliteitsplan is inhoudelijk breder en strategischer van inslag en mag niet verward worden met de visie op de korte termijn hertekening van het openbaar vervoer die na voorlegging aan alle betrokken gemeenteraden definitief goedgekeurd werd door de Vervoerregioraad op 15 december 2020 en die thans gefaseerd in uitvoering is.

De opmaak van het regionaal mobiliteitsplan gebeurde in diverse stappen:

  • De Oriëntatienota werd op 26 mei 2020 aan de Vervoerregioraad voorgelegd en goedgekeurd.
  • De Visienota werd voorlopig goedgekeurd door de Vervoerregioraad in zitting van 27 september 2022, met het oog op een publieke consultatie van de stakeholders en de gemeenteraden van de regio.
  • De Visienota werd tenslotte op 28 september 2022 door de Vervoerregioraad goedgekeurd.
  • De actietabel werd samen met het voorlopig ontwerp Regionaal Mobiliteitsplan op 2 mei 2023 aan de Vervoerregioraad voorgelegd en goedgekeurd.
  • De Vlaamse minister van Mobiliteit en Openbare Werken hechtte op 20 juni 2023 haar goedkeuring aan het voorlopig ontwerp Regionaal Mobiliteitsplan.

Het inhoudelijke debat vindt plaats in de schoot van de Vervoerregioraad. Deze wordt ondersteund door de ambtelijke werkgroep die de inhoudelijke voorbereiding op zich neemt. Er werd ook meerdere malen bilateraal teruggekoppeld tussen het bestuur en het team MOW dat voor deze studie als plangroep optreedt.

Het regionaal mobiliteitsplan maakt onderwerp uit van een strategische milieu-effectrapportage. Het ontwerp plan-MER werd opgemaakt in het eerste kwartaal van 2023 en iteratief in het RMP verwerkt. Op 4 mei 2023 werd een positief informeel advies met opmerkingen van team omgevingseffecten verleend. De opmerkingen zijn – conform afspraak met de vervoerregioraad – in het finale MER aangebracht. 

Het regionaal mobiliteitsplan zit thans in de fase van openbaar onderzoek. Dit loopt van 17 augustus 2023 tot en met 15 oktober 2023. Parallel aan het openbaar onderzoek wordt het plan voor advies voorgelegd aan de verschillende adviesverlenende instanties, waaronder ook de steden en gemeenten van de vervoerregio. De adviestermijn start op 1 augustus en eindigt op 29 oktober 2023. De inhoudelijke inbreng van burgers, stakeholders en gemeenteraden kan in deze fase nog aanleiding geven tot een finale bijsturing van het ontwerp regionaal mobiliteitsplan. Het aldus eventueel bijgestuurde mobiliteitsplan zal na goedkeuring door de Vervoerregioraad ter goedkeuring voorgelegd worden aan de Vlaamse minister voor Mobiliteit en Openbare Werken. Haar goedkeuring en de bekendmaking daarvan in het Belgisch Staatsblad, vormen de afronding van het proces van regionale mobiliteitsplanning.


Voorlopig Ontwerp Regionaal Mobiliteitsplan Vervoerregio Midwest + Ontwerp Plan-MER

Het regionaal mobiliteitsplan legt de globale mobiliteitsvisie voor de komende 10 jaar (met een doorkijkperiode van 30 jaar) vast voor de vervoerregio op een strategisch niveau, en dat voor alle vervoerswijzen. 

Het voorlopig Ontwerp Regionaal Mobiliteitsplan van de vervoerregio Midwest bestaat uit:

  • de visienota
  • de kaart wegencategorisering
  • de kaart vrachtroutenetwerk
  • de actietabellen (actieplan)

In kader van het openbaar onderzoek werd voor het bijhorende plan-MER van het Ontwerp Regionaal Mobiliteitsplan een niet-technische samenvatting geschreven.

De visienota bevat de strategische lijnen voor een duurzaam mobiliteitsbeleid voor deze regio. Het plan gaat uit van acht strategische doelstellingen, die uitgewerkt worden in negen concrete thema’s.

  • 8 strategische doelstellingen
    • Anders: We laten meer en meer de wagen en de vrachtwagen aan de kant. 
    • Leefbaar: We weren het drukke verkeer uit onze steden en dorpskernen. 
    • Vlot: We houden onze steden, dorpen en economische knooppunten vlot bereikbaar. 
    • Groen: We verminderen de druk op het milieu en we verbruiken minder energie. 
    • Nabij: We dragen bij tot een duurzame mobiliteit met een goeie ruimtelijke ordening. 
    • Sociaal: We garanderen iedereen de mogelijkheid om zich te verplaatsen. 
    • Veilig: We aanvaarden geen dodelijke verkeersslachtoffers meer. 
    • Slim: We zijn koploper op vlak van slimme systemen voor onze mobiliteit.
  • 9 thema's:
    • Veiligheid: Over alle maatregelen die de verkeersveiligheid drastisch kunnen doen toenemen.
    • Ruimte: Over hoe ruimtelijk beleid en mobiliteitsbeleid elkaar kunnen versterken.
    • Fietsverkeer: Over hoe we over gemeentegrenzen kunnen komen tot veilige en kwalitatieve fietsverbindingen.
    • Openbaar vervoer op lange termijn: Over hoe openbaar vervoer een passend antwoord kan bieden op vervoersvragen.
    • Autoverkeer: Over hoe we kunnen zorgen voor minder en duurzamer autogebruik.
    • Parkeren: Over welke aspecten van parkeerbeleid best regionaal worden aangepakt.
    • Wegencategorisering: Over welke functie elke weg kan krijgen en welk gevolg dit heeft op de inrichting van die weg.
    • Logistiek en vrachtroutenetwerk: Over het uitwerken van alternatieven voor vrachtvervoer over de weg en over hoe we vrachtwagens zoveel mogelijk uit de kernen kunnen houden.
    • Toegankelijkheid: Over hoe we mobiliteit kunnen garanderen voor iedereen.

De kaarten wegencategorisering en vrachtroutenetwerk geven voor de vervoerregio het wensbeeld van het netwerk voor respectievelijk het autoverkeer en het vrachtverkeer.

In de actietabellen wordt de in de visienota omschreven visie geconcretiseerd naar regionale acties voor de verschillende thema's. Deze geven weer hoe de visie gerealiseerd zal worden.

De verschillende documenten van het voorlopig Ontwerp Regionaal Mobiliteitsplan van de vervoerregio Midwest en het bijhorend ontwerp Plan-MER zijn in bijlage bijgevoegd.


Advies stad Roeselare

Vanuit de stad Roeselare zijn er geen opmerkingen meer op het voorlopig Ontwerp Regionaal Mobiliteitsplan vervoerregio Midwest.

De stad Roeselare wenst nogmaals haar bezorgdheid te uiten omtrent het bereiken van de in het plan vooropgestelde ambities en doelen. Dit zal een werk van lange adem zijn en hiervoor zullen bij de verschillende betrokken instanties (Vlaamse overheid, lokale overheid, provincie, NMBS, politie,...) de nodige middelen (financieel, capaciteit,...) voorzien moeten worden. Tevens zullen hiervoor de nodige instrumenten, kaders en procedures aangereikt moeten worden. 

Enkele specifieke punten worden hieronder meegegeven:

  • Voor de vervoerregio Midwest is er een historische onderfinanciering voor het aanbod aan openbaar vervoer vanuit De Lijn voor deze regio, wat zich dan ook vertaalt in de gebruikscijfers. Dit heeft ook reeds een aanzienlijke impact op de mogelijkheden en het aanbod dat binnen het nieuw openbaar vervoerplan (dat momenteel gefaseerd uitgerold wordt door De Lijn) opgenomen en voorzien kon worden. 
  • Voor een aantal acties in het actieplan wordt een rol weggelegd voor de 'Vervoerregio'. Vanuit Vlaanderen zullen de nodige middelen voorzien moeten worden om de taak die aan de 'Vervoerregio' toebedeeld wordt voor het opvolgen of uitwerken van deze acties ook effectief te kunnen opnemen.
  • Vanuit Vlaanderen zal i.f.v. verschillende acties ook initiatief  genomen moeten worden naar de hogere overheden (federaal, Europa,...).
  • Heel wat acties i.f.v. het verhogen van de verkeersveiligheid en het bevorderen van het fietsverkeer (o.a. realiseren volledig BFF) vergen zware investeringen, vaak gekoppeld aan rioleringswerken, waarvoor i.f.v. de verschillende onderdelen (verharding, ruimte fiets, doorstroming bus, klimaat ...) voldaan moet worden aan steeds strengere eisen en voorwaarden. Dit zorgt voor lange procedures en doorlooptijden (o.a. onteigeningen, creëren draagvlak,...) wat naast het financiële luik eveneens een bepalende factor is voor de termijn waarop het gewenste effect van deze maatregelen bereikt kan worden.
  • De toepassing van de principes voor de interlokale mazen zal gezien de  verschillende omvang en ruimtelijke context van de interlokale mazen in de vervoerregio een belangrijke uitdaging vormen. Hetzelfde geldt eveneens voor de  gemeentegrensoverschrijdende toepassing van het wensbeeld voor het vrachtroutenetwerk (o.a. afdwingen geselecteerde routes, handhaving,...).

Financiële informatie

Er zijn voorlopig geen financiële gevolgen voor de stad.

Regelgeving bevoegdheid

Artikel 40-41 van het decreet lokaal bestuur
De gemeenteraad is bevoegd op basis van artikel 40-41 van het decreet lokaal bestuur

Besluit

De gemeenteraad beslist:

Artikel 1

De gemeenteraad van de stad Roeselare geeft een gunstig advies op het voorlopig Ontwerp Regionaal Mobiliteitsplan voor de vervoerregio Midwest en het ontwerp Plan-MER voor het Regionaal Mobiliteitsplan voor de vervoerregio Midwest, zoals goedgekeurd door de Vervoerregioraad op 2 mei 2023 en door de bevoegde minister op 20 juni 2023.

Artikel 2

De gemeenteraad stemt in met de bezorgdheden als hieronder weergegeven en vraagt bij de verdere besluitvorming en implementatie hiermee rekening te houden.

De stad Roeselare wenst nogmaals haar bezorgdheid te uiten omtrent het bereiken van de in het plan vooropgestelde ambities en doelen. Dit zal een werk van lange adem zijn en hiervoor zullen bij de verschillende betrokken instanties (Vlaamse overheid, lokale overheid, provincie, NMBS, politie, ...) de nodige middelen (financieel, capaciteit, ...) voorzien moeten worden. Tevens zullen hiervoor de nodige instrumenten, kaders en procedures aangereikt moeten worden. 

Enkele specifieke punten worden hieronder meegegeven:

  • Voor de vervoerregio Midwest is er een historische onderfinanciering voor het aanbod aan openbaar vervoer vanuit De Lijn voor deze regio, wat zich dan ook vertaalt in de gebruikscijfers. Dit heeft ook reeds een aanzienlijke impact op de mogelijkheden en het aanbod dat binnen het nieuw openbaar vervoerplan (dat momenteel gefaseerd uitgerold wordt door De Lijn) opgenomen en voorzien kon worden. 
  • Voor een aantal acties in het actieplan wordt een rol weggelegd voor de 'Vervoerregio'. Vanuit Vlaanderen zullen de nodige middelen voorzien moeten worden om de taak die aan de 'Vervoerregio' toebedeeld wordt voor het opvolgen of uitwerken van deze acties ook effectief te kunnen opnemen.
  • Vanuit Vlaanderen zal i.f.v. verschillende acties ook initiatief genomen moeten worden naar de hogere overheden (federaal, Europa, ...).
  • Heel wat acties i.f.v. het verhogen van de verkeersveiligheid en het bevorderen van het fietsverkeer (o.a. realiseren volledig BFF) vergen zware investeringen, vaak gekoppeld aan rioleringswerken, waarvoor i.f.v. de verschillende onderdelen (verharding, ruimte fiets, doorstroming bus, klimaat, ...) voldaan moet worden aan steeds strengere eisen en voorwaarden. Dit zorgt voor lange procedures en doorlooptijden (o.a. onteigeningen, creëren draagvlak, ...) wat naast het financiële luik eveneens een bepalende factor is voor de termijn waarop het gewenste effect van deze maatregelen bereikt kan worden.
  • De toepassing van de principes voor de interlokale mazen zal gezien de verschillende omvang en ruimtelijke context van de interlokale mazen in de vervoerregio een belangrijke uitdaging vormen. Hetzelfde geldt eveneens voor de  gemeentegrensoverschrijdende toepassing van het wensbeeld voor het vrachtroutenetwerk (o.a. afdwingen geselecteerde routes, handhaving, ...).