Audio welzijnsvereniging:
Conform artikel 20 van de statuten zijn de afgevaardigden van de deelgenoten verantwoordelijk voor kennisgeving van het verslag van de algemene vergadering aan de gemeenteraad, de raad voor maatschappelijk welzijn of het hoogste bestuursorgaan van de publieke rechtspersoon die geen gemeente of OCMW is of het hoogste bestuursorgaan van de private rechtspersoon zonder winstoogmerk.
Met het e-mailbericht d.d. 9.10.2024 werd het verslag van de algemene vergadering van Audio (welzijnsvereniging) van 30 september 2024 bezorgd.
In toepassing van het huishoudelijk reglement van de gemeenteraad worden de notulen en het zittingsverslag van de zitting van de gemeenteraad van 21 oktober 2024 ter goedkeuring voorgelegd.
De notulen en het zittingsverslag van de zitting van de gemeenteraad van 21 oktober 2024 worden goedgekeurd.
De toenemende frequentie en impact van natuurrampen benadrukken het belang van preventieve maatregelen en een proactieve aanpak op het gebied van solidariteit. In het verleden hebben wij helaas ervaren dat solidariteitsacties vaak te laat op gang komen, wat de effectiviteit ervan beperkt. Zo werd in de nacht van 31 mei 2016 het Groenpark zwaar getroffen door wateroverlast, met een dramatische tol aan menselijke leed en materiële schade als gevolg.
In reactie daarop hebben we in onze buurt een specifiek solidariteitsplan ontwikkeld dat gericht is op een snelle en gecoördineerde actie tijdens noodsituaties, met duidelijke rollen en taken om onze inwoners effectief te beschermen. Vroegtijdige actie en voorbereiding kunnen immers het verschil maken tussen een chaotische situatie en een goed georganiseerde hulpverlening.
Het is onze verantwoordelijkheid om proactief te handelen en onze stad weerbaarder te maken. Een dergelijk solidariteitsplan biedt ons de kans om beter voorbereid te zijn op crisissen en de impact ervan op onze inwoners te beperken. Ik vraag de stad om deze kans te grijpen en dit initiatief samen met de buurten verder uit te werken.
Voor het antwoord zie audio-opname en schriftelijke weergave.
di 19/11/2024 - 10:30Verschillende steden in binnen- en buitenland wijzen op nieuwe problemen die met prostitutie verbonden zijn. Appartementen en woningen worden gehuurd zogezegd voor een woonplaats maar zijn eigenlijk plaatsen waar klanten worden uitgenodigd. Dat veroorzaakt overlast op meerdere domeinen en raakt de openbare orde. Prostituées zijn soms slachtoffer van mensenhandel en van criminele organisaties.
In 2017 kwam de overlast aan het hotel aan de Vijfwegen in Rumbeke in de pers omdat alle kamers gehuurd werden door prostituées. In verschillende woningen blijkt ook in Roeselare prostitutie georganiseerd te worden. Al dan niet met overlast en al dan niet gekoppeld aan misdrijven zoals drugs, huisjesmelkerij, abnormale profijten bij vastgoedacties gekoppeld aan prostitutie, uitbuiting, diefstal, illegaal verblijf, …
In Antwerpen en Mechelen werden appartementen al met bestuurlijke handhaving verzegeld en gesloten omwille van illegale prostitutie en overlast.
Hoe groot is het fenomeen in Roeselare?
Wat doen we er aan om overlast en illegale activiteiten aan te pakken?
Welke resultaten boekte u al?
Voor het antwoord zie audio-opname en schriftelijke weergave.
di 19/11/2024 - 10:31Recent kreeg elke bewoner een flyer in de brievenbus ivm de mobiliteitsstudie voor Roeselare centrum. Ook in winkels zijn ze te vinden aan de toog.
N-VA is sceptisch tov dure mobiliteitsstudies omdat ze leiden tot conclusies en mobiliteitsaanpassingen die niet door het grote deel van de bevolking wordt gesteund. De recente participatietrajecten die doorlopen werden voor Rumbeke en de Godelievewijk zijn hier een voorbeeld van. Op sociale media lees ik vaak kritische maar terechte opmerkingen.
De studiebureaus die een offerte indienen zijn meestal niet uit onze regio en kennen hierdoor vaak de specifieke noden en gevoeligheden niet.
De studie voor het centrum werd toegekend aan MINT uit Mechelen.
Waarom werd MINT gekozen die de duurste offerte indiende van de 6 indieners en werd er niet voor Vectris gekozen waarmee werd samengewerkt voor Rumbeke?
Wat zijn de verwachtingen van deze studie?
Heeft de studie de bedoeling om het circulatieplan van de stad in kaart te brengen en aan te passen ?
Voor het antwoord zie audio-opname en schriftelijke weergave.
di 19/11/2024 - 10:32Is er een gevaar ?
Bij wie dienen meldingen te gebeuren en hoe is de aanpak in onze Hulpverleningszone Midwest verzekerd ? Dient de burger hiervoor te betalen ?
Voor het antwoord zie audio-opname en schriftelijke weergave.
di 19/11/2024 - 10:32Tijdens de campagne leek het alsof de verbinding tussen Sterrebos en Bergmolenbos al gerealiseerd is, iets waar we alleen maar positief over kunnen zijn. Daarom willen we graag nog eens polsen naar de visie van de stad over de toekomst van het bos en zijn ruime regio? Het gaat dan niet alleen over het planten van bomen op bestemde boszone, maar ook over het aangrenzende landbouwgebied ontwikkelen als recreatieve wandelzone. Over het uitbreiden van het bosaanbod met nevenfuncties als een bezoekerscentrum en natuureducatie (met graag ook aandacht voor de omliggende landbouw), horecavoorzieningen en toiletten.
Hoe wil de stad het Bergmolenbos (en zijn omgeving) in de toekomst ook meer laten zijn dan een bos?Voor het antwoord zie audio-opname en schriftelijke weergave.
di 19/11/2024 - 10:32Artikel 46, 47 en 49 van het decreet betreffende de materiële organisatie en werking van de erkende erediensten
In toepassing van art. 47 van het eredienstendecreet werd het budget 2025 van de volgende kerkfabrieken door het CKB gecoördineerd toegezonden naar het Bisdom, Stadsbestuur Roeselare en de provinciegouverneur op 29 september 2024: kerkfabriek Sint-Michiel, kerkfabriek Onze-Lieve-Vrouw, kerkfabriek Heilig Hart, kerkfabriek Heilige Godelieve, kerkfabriek Heilige Kruisverheffing, kerkfabriek Sint-Petrus en Paulus, kerkfabriek Sint-Henricus en kerkfabriek Sint-Martinus.
In toepassing van art. 112 van het decreet bezorgde de Protestantse kerk het budget 2025 op 8 oktober 2024.
Het meerjarenplan 2020-2025 van de diverse eredienstbesturen werden door de gemeenteraad op 16 december 2019 goedgekeurd en gewijzigd in zitting van 29 juni 2020, 19 oktober 2020, 20 december 2021, 21 november 2022, 13 februari 2023, 26 juni 2023, 20 november 2023 en 24 juni 2024.
De totale exploitatietoelagen 2025 bedragen 470.422 euro. Dit is een gemiddelde daling met 16.65 % t.o.v. de exploitatietoelagen 2024 (na BW - totaal 564.368 euro).
Bij quasi alle kerkfabrieken daalt de toelage ten opzichte van de gebudgetteerde toelage 2024.
Bij een aantal kerkfabrieken is deze daling heel aanzienlijk.
Bij een tweetal kerkfabrieken is de toelage stijgend, maar deze stijging is uiterst beperkt.
Bij heel wat kerkfabrieken zien we een - al dan niet beperkte - stijging van de ontvangsten. Dit situeert zich onder andere bij de rubriek ‘privaat patrimonium’ en ‘ontvangsten van vieringen’.
In uitgaven zien we quasi overal een stijging, die diverse oorzaken kent (o.a. bezoldigingen, verzekeringen, onderhoud,…).
Bij een paar kerkfabrieken zien we een status quo of een daling van de uitgaven, maar ook dit heeft zijn specifieke redenen (nutsvoorzieningen voorheen te hoog geraamd, aflossing van leningen,…).
We bekeken de rubriek van de nutsvoorzieningen apart en zien dat deze bij bepaalde kerkfabrieken hoger wordt geraamd dan in 2024; bij andere kerkfabrieken sterk daalt of op hetzelfde niveau blijft.
Deze nieuwe raming hangt uiteraard af van de situatie waarin elke kerkfabriek zich bevindt (vorige raming, contract, voorschotten, aard en gebruik gebouw).
Er zijn voor 2025 geen investeringen gepland waar de stad in tussenkomt.
Opgenomen investeringen kaderen in privaat patrimonium en zijn aldus bevoegdheid van de kerkfabriek zelf. Hierin komt de stad niet tussen.
We zien bij één kerkfabriek een overboeking van exploitatie naar investeringen; dit zonder voorafgaand overleg met de stad. Er zal hieromtrent naar de betreffende kerkfabriek worden teruggekoppeld.
In de stad worden de reeds voorziene onbenutte investeringstoelagen die nog nodig zijn, overgedragen naar 2025.
Het Bisdom en de Administratieve Raad van de Protestants-Evangelische Eredienst-Huis van het Protestantisme verleenden positief advies aangaande de budgetten 2025.
Het budget 2025 van de eredienstbesturen past binnen de goedgekeurde meerjarenplannen. Bijgevolg dient de gemeenteraad akte te nemen van deze budgetten.
Artikel 48 van het decreet betreffende de materiële organisatie en werking van de erkende erediensten
De nodige budgetten i.h.k.v. exploitatie en investeringen zijn voorzien in het meerjarenplan van de stad.
zal visum krijgen begin 2025
Er wordt akte genomen van het budget 2025 van de kerkfabriek Sint-Michiel.
Er wordt akte genomen van het budget 2025 van de kerkfabriek Onze-Lieve-Vrouw.
Er wordt akte genomen van het budget 2025 van de kerkfabriek Heilig Hart.
Er wordt akte genomen van het budget 2025 van de kerkfabriek Heilige Godelieve.
Er wordt akte genomen van het budget 2025 van de kerkfabriek Heilige Kruisverheffing.
Er wordt akte genomen van het budget 2025 van de kerkfabriek Sint-Petrus en Paulus.
Er wordt akte genomen van het budget 2025 van de kerkfabriek Sint-Henricus.
Er wordt akte genomen van het budget 2025 van de kerkfabriek Sint-Martinus.
Er wordt akte genomen van het budget 2025 van de Protestantse kerk.
Een exemplaar van deze beslissing wordt bezorgd aan:
Door de stad Roeselare werden bij akte van 18 oktober 1989 een aantal gronden, die 'de zate' vormden van elektrische cabines en/of gascabines op het grondgebied van de stad Roeselare en gelegen waren binnen de kadastrale afdelingen 1 tot en met 4, overgedragen aan Gaselwest.
Voor dezelfde operatie binnen de afdelingen 5 tot en met 8, zijnde het grondgebied van de vroegere gemeenten Beveren, Rumbeke en Oekene, werd de inventarisatie toen ook opgemaakt maar werd de overdracht niet afgewerkt. Sindsdien werden er ook al elders in Roeselare terug cabines geplaatst op stadsgrond. Er werd door de stad een lijst gemaakt van de gronden waarop een cabine van Gaselwest staat en werd in overleg gegaan met Gaselwest met het oog op de overdracht ervan. De cabines die in een lokaal of gebouw ingericht werden en waarvan er een notariële huurovereenkomst bestaat, worden niet overgedragen.
In zitting van 1 oktober 2012 keurde het college van burgemeester en schepenen de overdracht tegen 1 symbolische euro goed en werd notariskantoor Thiery, Rumbeeksesteenweg 352 te Roeselare, aangesteld. Alle kosten verbonden aan de akte, notariskosten en alle metingskosten worden door Gaselwest voor haar rekening genomen.
De stad Roeselare verbindt er zich toe de grond van de volgende cabines zonder beding van prijs, om reden van openbaar nut, over te dragen aan de opdrachthoudende vereniging “Intercommunale Maatschappij voor Gas en Elektriciteit van het Westen” in het kort “Gaselwest”:
De goederen zijn afgebeeld op de afbakeningsplannen, opgemaakt door landmeterbureau Geomex BV, te Staden op 29 oktober en 4, 12, 13 en 18 november 2013. Door notaris Axelle Thiery werd een ontwerp van akte opgemaakt.
Er zijn geen financiële gevolgen voor de stad.
De overdracht en ontwerp van akte worden goedgekeurd.
De Schuttersvereniging Sint-Michiel en de Schierveldse Politiehond waren tot 2018 gehuisvest in de Koning Leopold-III Laan te Roeselare. De desbetreffende gronden waren evenwel vervuild en dienden door OVAM gesaneerd te worden. Dit impliceerde de noodzakelijke herlokalisatie van beide verenigingen. De lopende erfpachten met bovengenoemde verenigingen werden minnelijk beëindigd.
Rista vzw had reeds ervaring met het beheer van sportinfrastructuur (met name de tennis- en omnisportaccommodatie te Rumbeke) en was bereid om de oprichting, met bijhorende exploitatie, van een nieuw schietcomplex op zich te nemen. De Stad verleende een erfpacht aan Rista vzw voor de grond in de Piljoenstraat 66, 8800 Roeselare, kadastraal gekend Roeselare 3de afdeling sectie C nummer 1679 L met een kadastrale oppervlakte van 2.797 m², voor een periode van 40 jaar (dd. 01 mei 2018 tot en met dd. 30 april 2058). De stad ondersteunde Rista vzw door middel van een doorgeeflening ten bedrage van 1.500.000,00 euro voor de realisatie van een schiet- en sportaccommodatie.
Accommodatie : de accommodatie in de Piljoenstraat 66 omvat :
Rista vzw is in het bezit van een erkenning voor de schietstand (dd. 12 april 2018) (https://www.rista.be/schietstand-documenten)
Gebruikers : de accommodatie wordt uitgebaat door Rista vzw en gebruikt door:
Sportschutters zijn verplicht om aangesloten te zijn bij een vereniging alsook om jaarlijks deel te nemen aan minimum 12 schietbeurten, met het desbetreffende type wapen.
Roeselaarse clubs: er zijn twee Roeselaarse schietclubs actief in de huidige accommodatie, nl. Rista Range en Sint-Michielschutters (verwijzend naar de subsidie aanvragen dd. 2024). Er zijn nog andere Roeselaarse verenigingen actief in het complex o.a. katapult, honden, gevechtssporten.
Powershoot wenst een bijkomend schietcomplex te realiseren ter hoogte van de huidige accommodatie in de Piljoenstraat 66, 8800 Roeselare. Het bijkomende complex zou zich situeren nabij het huidige complex, op eigendom van de vennootschap Sto Terra Invest. Dit bijkomende complex zou gebruikt worden door de politie, mogelijk door de recreatieve jagers en door de bovengenoemde Roeselaarse clubs. Deze clubs zouden in deze afspraken maken teneinde ‘overlopende’ leden te vermijden, bv. leden van beide clubs betalen hetzelfde lidgeld en kunnen gebruik maken van zowel de 10 m, 25 m als 100 m schietbaan.
Het complex zou een afmeting van ca. 160 m lengte omvatten en voorzien zijn van een 100 m schietstand en een bijkomende 25 m schietstand op de 1ste verdieping, beide met 10 banen. Daarnaast zouden sanitair, bergruimte en een polyvalente ruimte voorzien worden. Outdoor zouden 19 bijkomende parkeerplaatsen voorzien worden. Het aantal schietbanen in (West-)Vlaanderen is beperkt. Een 100m schietbaan is vrij uniek in de regio; de dichtstbij zijnde 100 m schietbaan is in Oostende gevestigd.
Er zijn verschillende schietsportdisciplines. Deze onderscheiden zich door het gebruikte wapen, het kaliber, de afstand tot het doel, de houding en het aantal schoten per wedstrijd. Olympische disciplines binnen de schietsport zijn 10 m luchtkarabijn, 10 m pistool, 25 m pistool, 50 m pistool in verschillende houdingen (staand, liggend, op de knie), kleiduifschieten (Trap en Skeet). De 100 m schietstand is geen olympische discipline. Er zijn wel 100 m schietdisciplines die niet-olympisch zijn.
Powershoot wenst voor de uitbating van het complex samen te werken met Rista vzw.
Teneinde de 100 m schietstand te realiseren vraagt de bouwheer, Powershoot aan de stad om de afbakening van de huidige erfpacht van Rista VZW beperkt in te krimpen en een ondergrondse doorgang en bovengrondse overgang te verlenen in functie van bereikbaarheid en parkeermogelijkheden. Zowel Rista VZW als de Schierveldse Politiehond (huurder van het aanpalend terrein) zijn opgenomen in de akte en zijn akkoord hiermee. Een globaal ontwerp van akte 'vestiging erfdienstbaarheid' wordt, op vraag en voor rekening van de bouwheer, opgemaakt door "LAGA & LAGA, NOTARISSEN", met zetel te 8870 Izegem, Gentseheerweg 44.
Er zijn geen financiële implicaties, deze erfdienstbaarheden worden kosteloos verleend.
De afbakening van de huidige erfpacht wordt ingekrompen, de ondergrondse doorgang en de bovengrondse overgang, zoals opgenomen in het ontwerp van akte 'vestiging erfdienstbaarheid' worden goedgekeurd.
Voorliggende aanvraag tot het verkavelen van een grond in 5 loten voor open bebouwing langs de Kardinaal Cardijnlaan, voorziet in een kosteloze overdracht van een 5 m-strook tussen de huidige Kardinaal Cardijnlaan en het achterliggend bosgebied. Deze zone van 150 m² wordt overgedragen naar het openbaar domein.
Er werd voor dit dossier een openbaar onderzoek georganiseerd van 2 september 2024 t.e.m. 1 oktober 2024. Er werden twee bezwaren ingediend. De inhoud van de bezwaren heeft geen betrekking op de zaak der wegen en dient bijgevolg ook niet door de gemeenteraad te worden behandeld. Eén van de bezwaren bevat wel de vraag wat de bedoeling is van de 150 m² grondoverdracht naar het openbaar domein. Er heerst een bezorgdheid dat dit gebruikt zou worden om te gaan storten in het bosgebied. Het betreft hier een noodzakelijke doorsteek die vanuit de stad wordt gevraagd om voldoende ruimte te hebben om toegang te kunnen nemen met eventuele voertuigen voor toekomstig onderhoud van het bosgebied.
Informatief volgt hierbij nog enige toelichting omtrent de sanering van deze voormalige stortplaats:
Momenteel is de eigenaar in gesprek met de Openbare Vlaamse AfvalstoffenMaatschappij OVAM.
Gelet op de historische aard van deze vervuiling, zal de OVAM een bodemsaneringsproject opmaken en een ambtshalve sanering uitvoeren om de aanwezige risico’s weg te nemen.
Dit saneringsproject kan echter pas opgemaakt worden, wanneer de contouren van de bouwkaders vastgelegd zijn in een verkavelingsvergunning.
Wanneer het bodemsaneringsproject vergunningsplichtige werken inhoudt (bijv. reliëfwijzigingen, het oppompen en/of zuiveren van verontreinigd grondwater), dan zal ook daar nog een openbaar onderzoek voor worden georganiseerd en zal de Stad Roeselare om een advies worden gevraagd.
De definitieve oplevering en opname in het openbaar domein van de over te dragen delen, zal pas mogelijk zijn wanneer de decretale voorwaarden van overdracht van risico-gronden vervuld zijn: https://ovam.vlaanderen.be/verplichtingen-bij-overdracht-van-een-risicogrond
De aangestelde notaris zal in het kader van het bodemdecreet dienen na te gaan of aan alle verplichtingen werd voldaan en de overdracht dus wettelijk mogelijk is.
Alle ontvangen adviezen (intern en extern) zijn voorwaardelijk gunstig. De voorwaarden, opgenomen in de interne en externe adviezen hebben geen betrekking op de zaak der wegen, waarbij een beoordeling door de gemeenteraad zou vereist zijn.
Het decreet betreffende de omgevingsvergunning van 25 april 2014, artikel 31
Het decreet houdende de gemeentewegen van 3 mei 2019
Het besluit van de Vlaamse Regering van 27 november 2015 tot uitvoering van het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning, in het bijzonder artikel 47
Er zijn geen financiële gevolgen voor de stad.
De kosteloze overdracht door de verkavelaar aan de Stad van de gronden, die afgebeeld zijn op het plan "plan van grondafstand", wordt goedgekeurd. Dit kan pas gebeuren wanneer de decretale voorwaarden van overdracht van risico-gronden vervuld zijn. De verkavelaar spreekt voor deze overdracht een notaris naar keuze aan. Deze regelt de overdracht en verlijdt de akte. Alle kosten verbonden met de overdracht en het opmaken van de akte zijn ten laste van de verkavelaar.
Door geplande wegeniswerken aan de Sint-Eloois-Winkelsestraat is er t.h.v. de hoek Kortrijksestraat/Sint-Eloois-Winkelsestraat een verschuiving van de rooilijn noodzakelijk. Uit het oorspronkelijk lot 6, palende aan de straat, wordt lot 7 (10 m²) afgesplitst en opgenomen in het openbaar domein.
Er werd voor dit dossier een openbaar onderzoek georganiseerd van 11 oktober 2024 t.e.m. 9 november 2024. Er werden geen bezwaren ingediend.
Aan de gemeenteraad zal dan ook gevraagd worden om de wijziging van de rooilijn ten gevolge van de overdracht van lot 7 aan de Stad van de gronden die afgebeeld zijn op het plan 'plan van grondafstand' goed te keuren. De eigenaar van lot 6, verleende via bijzondere en opschortende voorwaarden in het compromis van aankoop volmacht aan de koper van lot 7 (stad Roeselare) om de gewijzigde omgevingsvergunning van het verkavelen van gronden aan te vragen. Het ontwerp van compromis in kader van de aankoop van de 10 m² grond werd goedgekeurd in het college van burgemeester en schepenen in zitting van 30 september 2024.
Het decreet betreffende de omgevingsvergunning van 25 april 2014, artikel 31
Het decreet houdende de gemeentewegen van 3 mei 2019
Het besluit van de Vlaamse Regering van 27 november 2015 tot uitvoering van het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning, in het bijzonder artikel 47
In deze fase zijn er geen financiële gevolgen voor de stad.
De opname van de grond in het openbaar domein (wijzigen rooilijn), zoals afgebeeld op het plan "rooilijnplan", wordt goedgekeurd.
Op vraag van de sector en na goedkeuring door het college van burgemeester en schepenen op 12 april 2021, werd een financieel leefbaarheidsonderzoek opgestart die de kinderopvang 0-3 jaar onder de loep nam. Om dit onderzoek in goede banen te leiden werd een werkgroep opgericht bestaande uit verschillende organisatoren uit de sector: Motena Kidz, De Speelberg, Hocus Pocus/Fonkelbrug, De Savanne, Dushi en Babybelle.
Het financieel leefbaarheidsonderzoek bevestigde de noodzaak van een ondersteunend en flankerend beleid kinderopvang. Er werden in het voorjaar van 2022 verschillende scenario's uitgewerkt om voornamelijk op een flankerende wijze de sector te ondersteunen. Sinds de zomer van 2022 kende de kinderopvangsector een ongeziene crisis. Gekende moeilijkheden in de sector haalden meermaals de media. Ook in onze stad bleek dat de sector het danig moeilijk heeft dat (tijdelijke) sluitingen dreigen. Het leefbaarheidsonderzoek bevestigde deze signalen.
Op vandaag zijn er op enkele noden van de sector deels antwoorden gevonden vanuit de Vlaamse regering, maar nog steeds staat de sector onder druk op vlak van de praktische organisatie van de nieuwe kindratio, het ontbreken va noodzakelijk nieuwe plaatsen, degelijke verloning voor al het personeel in de sector, ...
Naar aanleiding van deze signalen keurde de gemeenteraad op 19 december 2022 het 'Subsidiereglement kinderopvang 0-3 jaar' goed. Via dit reglement wordt een financiële impuls per opvangplaats in onze stad voorzien. Het reglement zorgde zo sinds 2023 voor een eenmalige impuls.
Binnen het reglement opgemaakt in 2023 bedraagt de premie € 350,00 per vergunde opvangplaats die geen of enkel de basissubsidie ontvangt van de hogere overheid. Voor vergunde opvangplaatsen die gesubsidieerd zijn vanaf de subsidie voor inkomenstarief bedraagt de premie binnen het reglement € 175,00 mits ze effectief 80% bezetting realiseren. Indien de effectieve bezetting lager ligt dan 80% schrijft het reglement voor de helft van €175,00 toe te kennen.
De nood aan dergelijke ondersteuning is groot, en de crisis in de sector is zeker nog niet afgewend. N.a.v. deze stedelijke impulssubsidie was de dankbaarheid en het gevoel van erkenning bij de lokale initiatieven groot.
Recent bracht ook de Vlaamse regering in hun regeerakkoord naar voor dat de sector nood heeft aan extra en nieuwe vormen van ondersteuning. Naast de maatregelen die op Vlaams niveau in ontwikkeling zijn, kunnen we in 2025 in kaart brengen wat de lokale bijpas voor de sector kan zijn. Op die manier wordt een lokaal coherent en flankerend beleid vormgegeven. Eveneens zal er opnieuw advies vanuit de sector ingewonnen kunnen worden na de installatie van een nieuw lokaal overleg kinderopvang begin 2025.
Op dit moment is het wenselijk rust en continuïteit te voorzien voor de sector. Daarom wordt voorgesteld en zoals afgestemd tijdens het beleidsoverleg van 14 oktober 2024, om het subsidiereglement kinderopvang 0-3 jaar met een jaar te verlengen en als dusdanig voor te leggen aan de gemeenteraad.
Besluit van de Vlaamse Regering houdende de vergunningsvoorwaarden en het kwaliteitsbeleid voor gezins- en groepsopvang van baby's en peuters (22 november 2013).
Meer info: https://codex.vlaanderen.be/PrintDocument.ashx?id=1023552&geannoteerd=false
Voor het werkjaar 2025 is reeds € 85.000,00 voorzien op de begroting i.k.v. ondersteuning voorschoolse kinderopvang via flankerend maatregelen, alsook € 60.000 i.k.v. investeringsbudget voor de voorschoolse kinderopvang.
In het jaar 2024 zullen er ongeveer € 50.000 restmiddelen zijn die - onder voorbehoud van goedkeuring door de gemeenteraad van de verlenging subsidiereglement kinderopvang 0 - 3 jaar - met één jaar via de volgende aanpassing meerjarenbegroting mee verschoven kunnen worden naar 2025.
De maximale berekening van het reglement stelt dat de maximale uit te betalen subsidies een totale grootorde van € 250.000,00 kunnen kennen. De volledige evaluatie van 2023 en de gedeeltelijke evaluatie van 2024 leren echter dat de totale grootorde rond de € 200 000 is.
Samengevat:
Het budget voor 2025 ter waarde van € 145.000,00 is voorzien op ACT-11630 (€ 85.000,00 flankerend (61450000) en € 60.000,00 investeringsbudget (66400000)). Deze middelen zullen in de volgende AMJP verschoven dienen te worden naar de budgetsleutel 094505/64931014/ACT-11630.
Zodra een nieuwe AMJP geagendeerd zal worden op de gemeenteraad zal voorgesteld worden om het resterende budget van 2024 te verschuiven naar boekjaar 2025 (geschatte grootteorde € 50.000,00) op de budgetsleutel 094505/64931014/ACT-11630.
ACT-11630: Vanuit het lokaal loket kinderopvang wordt het aanbod en de vraag naar kinderopvang gemonitord, om zo te kunnen voldoen aan de noden. Samen met het LOKOR (Lokaal Overleg Kinderopvang Roeselare, samengesteld met aanbieders en gebruikers) worden vragen en noden opgevolgd. Op basis van vraag en aanbod wordt ingespeeld op uitbreidingsrondes van Kind & Gezin.
Gunstig advies mits verschuiving van de voorziene middelen 2025 (80.000 euro werkingsmiddelen + 60.000 euro investeringsbudget) en het overschot 2024 naar de budgetsleutel van het subsidiereglement (094505/64931014/ACT-11630)
Kredietcontrole: 140.000 euro beschikbaar in 2025 op ACT-11630
Het 'Subsidiereglement kinderopvang 0-3 jaar', zoals in bijlage toegevoegd, wordt vastgesteld voor 2025 (verlenging van het reglement, goedgekeurd door de gemeenteraad op 19 december 2022).
Op 30 juli 2024 ontving DVV Midwest van het Departement Cultuur, Jeugd en media nieuws over de automatische verlenging van de huidige subsidieperiode van het intergemeentelijk samenwerkingsverband Cultuur 2020-2025 voor het jaar 2026.
De huidige subsidieperiode, die oorspronkelijk loopt tot 31 december 2025, wordt met een jaar verlengd. DVV Midwest ontvangt hiervoor de jaarlijkse werkingssubsidie van € 100.000 die in 2019 werd toegekend voor de periode 2020-2025, en nu dus ook in 2026.
Dit gebeurt automatisch als Midwest als organisatie blijft voldoen aan de geldende ontvankelijkheids- en subsidievoorwaarden zoals bepaald in het Bovenlokaal Cultuurdecreet van 15 juni 2018.
Concreet betekent dit dat naast een inhoudelijke en financiële verantwoording en rapportage, de gezamenlijke cofinanciering door de aangesloten gemeenten € 100.000,00/jaar moet bedragen. In bijlage vindt u een simulatie van de berekening van de gemeentelijke bijdrage per gemeente/jaar terug op basis van het inwonersaantal op 1 januari 2024.
Op basis hiervan wordt de totale gemeentelijke inbreng geraamd op € 0,59/inwoner voor 2025.
De gemeentelijke bijdrage bedraagt jaarlijks €0,59 /inwoner voor de intergemeentelijke cultuurwerking.
64920048/072900/ACT-11600
op 1/1/2024 telt Roeselare 66.220 inwoners.
Geen visum noodzakelijk. Er dient voldoende krediet te worden voorzien bij het nieuwe MJP 2026-2031.
De gemeenteraad keurt de verlenging van het engagement voor 2026 en dit in kader van de continuïteit van de werking, goed en bevestigt de financiële bijdrage top € 0,59 per inwoner.
Artikel 8 van het regiodecreet bepaalt dat de regiowerking maandelijks dient geagendeerd te worden op de agenda van het college van burgemeester en schepenen en minstens twee keer per jaar op de agenda van de gemeenteraad.
De Stad Roeselare behoort tot de referentieregio Midwest.
Op de stadswebsite en de portaalsite van de mandatarissen (met link naar de pagina op de stadswebsite) is een overzicht opgenomen van de intergemeentelijke samenwerkingsverbanden waar de Stad en het OCMW deel van uitmaken, inclusief de mandaten.
Daarnaast zijn de verslagen van de raden van bestuur van de intergemeentelijke samenwerkingsverbanden, de extern verzelfstandigde agentschappen en de welzijnsverenigingen op de portaalsite van de mandatarissen beschikbaar.
Bovendien worden, in afstemming met de fractieleiders, bezoeken aan externe organisaties georganiseerd door de Stad of worden deze organisaties uitgenodigd op de Bijzondere commissie.
Cf. artikel 441 van het decreet lokaal bestuur dient een lid van de raad van bestuur of een door de raad van bestuur hiertoe gemandateerde minstens tweemaal per jaar, tijdens een openbare vergadering van de gemeenteraad van elk van de deelnemende gemeenten, verslag uit te brengen over de uitoefening van de bevoegdheden en taken van de raad, en toelichting te verstrekken bij het beleid van de dienstverlenende of opdrachthoudende vereniging.
Hiertoe wordt er twee maal per jaar een thema-gemeenteraad georganiseerd. Enkele verenigingen organiseren ook informatiesessies waarvan de ontvangen presentaties/verslagen in bijlage werden gevoegd.
Cf. artikel 43 van het huishoudelijk reglement van de gemeenteraad kunnen ook vertegenwoordigers van andere verenigingen waar de Stad of het OCMW lid van is of een samenwerkingsverband mee heeft eveneens uitgenodigd worden op deze thema-gemeenteraden voor toelichting over hun beleid.
Met de fractieleiders (e-mail d.d..17 oktober 2024) werd afgesproken om in het najaar 2024 geen afzonderlijke themagemeenteraad te organiseren, maar dit als agendapunt te voorzien op de reguliere zitting.
In casu gaat het over de volgende organisaties: Midwest, Gaselwest, WVI, MIROM, Psilon, Cipal en Creat Services (vroegere TMVS).
Artikel 8 van het regiodecreet
Artikel 441 van het decreet lokaal bestuur
Artikel 43 van het huishoudelijk reglement van de gemeenteraad
Er zijn geen financiële gevolgen.
Er wordt akte genomen van de regiowerking en van het feit dat geen enkele fractie gevraagd heeft om een bepaalde organisatie uit te nodigen voor toelichting of vraagstelling. In casu gaat het over de volgende organisaties: Midwest, Gaselwest, WVI, MIROM, Psilon, Cipal en Creat Services (vroegere TMVS).
In de gemeenteraadszitting van 20 november 2017 werd de oprichting van de dienstverlenende vereniging (DVV) Midwest goedgekeurd. De oprichtingsakte voor de DVV Midwest werd ondertekend op 22 december 2017.
Met het M.B. van 23 februari 2018 werd de oprichting van DVV Midwest goedgekeurd en de statuten vastgesteld.
De vertegenwoordiger namens de Stad wordt uitgenodigd op de bijzondere algemene vergadering op 26 november 2024 met volgende agenda:
In de gemeenteraadszitting van 24 januari 2022 werd mevr. Stephanie Davidts aangeduid als effectief vertegenwoordiger. Mevr. Liselot De Decker werd aangeduid als plaatsvervangend vertegenwoordiger voor de algemene vergaderingen van DVV Midwest in zitting van 21 januari 2019.
Er zijn geen financiële gevolgen.
Er wordt goedkeuring verleend aan de vermelde agendapunten op de agenda, waarbij een beslissing moet genomen worden en die voorgelegd worden op de bijzondere algemene vergadering van DVV Midwest op 26 november 2024:
Aan de vertegenwoordiger van de Stad Roeselare die zal deelnemen aan de bijzondere algemene vergadering van Midwest dvv op 26 november 2024 (of iedere andere datum waarop deze uitgesteld of verdaagd zou worden), wordt opgedragen haar stemgedrag af te stemmen op de beslissingen genomen in de gemeenteraad van heden.
Het college van burgemeester en schepenen wordt belast met de uitvoering van de hierbij genomen beslissing en er onder meer kennis van te geven aan DVV Midwest, Spanjestraat 141, 8800 Roeselare (dvv-midwest@midwest.be).
In de gemeenteraadszitting van 20 november 2017 werd beslist om toe te treden tot TMVS dv, nu Creat Services dv.
Met het schrijven d.d. 5 september 2024 worden de aandeelhouders uitgenodigd op de buitengewone algemene vergadering van Creat Services dv die gehouden zal worden op 26 november 2024 met volgende agenda:
Met de gemeenteraadsbeslissing d.d. 24 januari 2022 werd dhr. Stefaan Van Coillie aangeduid als effectief vertegenwoordiger voor de algemene vergaderingen van Creat Services dv. Dhr. Geert Huyghe werd aangeduid als plaatsvervangend vertegenwoordiger bij gemeenteraadsbesluit van 21 oktober 2019.
Er zijn geen financiële gevolgen.
Er wordt goedkeuring verleend aan de vermelde agendapunten op de agenda, waarbij een beslissing moet genomen worden en die voorgelegd worden op de buitengewone algemene vergadering van Creat Services dv op 26 november 2024:
De raad draagt de aangeduide vertegenwoordiger/plaatsvervangend vertegenwoordiger op om namens het bestuur alle akten en bescheiden met betrekking tot de buitengewone algemene vergadering van Creat Services dv vastgesteld op 26 november 2024 (of iedere andere datum waarop deze uitgesteld of verdaagd zou worden), te onderschrijven en zijn stemgedrag af te stemmen op het in de beslissing van de gemeenteraad van heden bepaalde standpunt met betrekking tot de agendapunten van voormelde buitengewone algemene vergadering.
Het college van burgemeester en schepenen te gelasten met de uitvoering van dit besluit waaronder het onverwijld bezorgen van een afschrift van deze beslissing, hetzij per post t.a.v. FARYS/TMVW, Stropstraat 1, 9000 Gent, hetzij per elektronische post 20241126BAV@farys.be.
De Stad Roeselare is aangesloten bij WVI dv.
Met het schrijven d.d. 19 september 2024 en 24 oktober 2024 van WVI dv wordt de vertegenwoordiger namens de Stad uitgenodigd voor de buitengewone algemene vergadering op 27 november 2024 met volgende agenda:
In de gemeenteraadszitting van 25 februari 2019 werd dhr. Piet Delrue aangeduid als effectief vertegenwoordiger voor de algemene vergaderingen van de WVI dv voor de resterende duur van de legislatuur.
Er zijn geen financiële gevolgen.
Er wordt goedkeuring verleend aan de vermelde agendapunten op de agenda, waarbij een beslissing moet genomen worden en die voorgelegd worden op de buitengewone algemene vergadering op 27 november 2024:
Aan de aangeduide vertegenwoordiger wordt het mandaat toegekend voor de buitengewone algemene vergadering op 27 november 2024 (of iedere andere datum waarop deze uitgesteld of verdaagd zou worden). Hij wordt opgedragen zijn stemgedrag af te stemmen op de beslissingen genomen in de gemeenteraad van heden.
Het college van burgemeester en schepenen wordt belast met de uitvoering van de hierbij genomen beslissing en er onder meer kennis van te geven aan WVI dv, Baron Ruzettelaan 35, 8310 Brugge.
In de gemeenteraadszitting van 21 februari 2005 werd beslist tot definitieve deelname aan de Intergemeentelijke Vereniging voor Crematoriumbeheer in Zuid-West-Vlaanderen ov (Psilon).
Met de brief d.d. 23 september 2024 van Psilon ov worden de vertegenwoordigers namens de Stad uitgenodigd tot de buitengewone algemene vergadering op 27 november 2024 met volgende agenda:
2. Vaststelling begroting 2025.
In de gemeenteraadszitting van 25 februari 2019 werden mevr. Ria Vanzieleghem en mevr. Liselot De Decker aangeduid als vertegenwoordigers voor de algemene vergaderingen van Psilon ov voor de resterende duur van de legislatuur.
De stad Roeselare beschikt als houder van 2764 aandelen over 2764 stemmen in de algemene vergadering.
Er zijn geen financiële gevolgen.
Er wordt goedkeuring verleend aan de vermelde agendapunten op de agenda, waarbij een beslissing moet genomen worden en die voorgelegd worden op de buitengewone algemene vergadering van Psilon ov op 27 november 2024:
2. Vaststelling begroting 2025.
De vertegenwoordigers van de Stad Roeselare die zullen deelnemen aan de buitengewone algemene vergadering van Psilon ov op 27 november 2024 (of iedere andere datum waarop deze uitgesteld of verdaagd zou worden), op te dragen hun stemgedrag af te stemmen op de beslissingen genomen in de gemeenteraad van heden inzake voormeld artikel 1 van onderhavige beslissing.
Het college van burgemeester en schepenen wordt belast met de uitvoering van de hierbij genomen beslissing en er onder meer kennis van te geven aan Psilon ov, Ambassadeur Baertlaan 5, 8500 Kortrijk.
Artikel 43 van het gemeentedecreet
Artikel 35 van het gemeentedecreet
De Stad Roeselare is voor de afvalophaling en -verwerking lid van MIROM ov.
Met de brief d.d. 30 september 2024 van MIROM ov worden de vertegenwoordigers namens de Stad uitgenodigd tot de algemene vergadering op 17 december 2024 met volgende agenda:
Mevr. Caroline Martens (gemeenteraadsbesluit d.d. 27 juni 2022) en dhr. Piet Delrue (gemeenteraadsbesluit d.d. 21 januari 2019) werden aangeduid als effectieve vertegenwoordigers voor de algemene vergaderingen van MIROM ov. Dhr. Sander Braeye (gemeenteraadsbesluit d.d. 27 juni 2022) en dhr. Tom Vandenkendelaere (gemeenteraadsbesluit d.d. 24 januari 2022) werden aangeduid als plaatsvervangende vertegenwoordigers.
Er zijn geen financiële gevolgen.
Er wordt goedkeuring verleend aan de vermelde agendapunten op de agenda, waarbij een beslissing moet genomen worden en die voorgelegd worden op de algemene vergadering van MIROM ov op 17 december 2024:
De vertegenwoordigers van de Stad Roeselare die zullen deelnemen aan de algemene vergadering van MIROM ov op 17 december 2024 (of iedere andere datum waarop deze uitgesteld of verdaagd zou worden), op te dragen hun stemgedrag af te stemmen op de beslissingen genomen in de gemeenteraad van heden inzake voormeld artikel 1 van onderhavige beslissing.
Het college van burgemeester en schepenen wordt belast met de uitvoering van de hierbij genomen beslissing en er onder meer kennis van te geven aan de intercommunale MIROM Roeselare ov, Oostnieuwkerksesteenweg 121, 8800 Roeselare.
Met de uitnodiging van 24 oktober 2024 van vzw het Cultuurcentrum "De Spil" worden de vertegenwoordigers namens de Stad uitgenodigd op de algemene vergadering op 28 november 2024:
Volgende personen maken deel uit van de algemene vergadering:
Stefaan Van Coillie, Mieke Vanbrussel, Ria Vanzieleghem, Margot Wybo, Thomas Witdouck, Peter Patteeuw, Bart De Meulenaer, Siska Rommel, Peter Claeys, Jeaninne Vandenabeele, Griet Decoster, Henk Kindt en Liselot De Decker.
Cf. artikel 246 §2 van het decreet lokaal bestuur moeten de vertegenwoordigers van de gemeente in de algemene vergadering handelen overeenkomstig de instructies van de gemeenteraad.
Artikel 246 § 2 van het decreet lokaal bestuur:
De vertegenwoordigers van de gemeente in de algemene vergadering moeten handelen overeenkomstig de instructies van de gemeenteraad
Statuten van vzw Het cultuurcentrum "De Spil"
Er zijn geen financiële gevolgen.
Aan de aangeduide vertegenwoordigers wordt het mandaat toegekend. Zij worden opgedragen hun stemgedrag af te stemmen op de instructies gegeven door de gemeenteraad in zitting van heden.
Het college van burgemeester en schepenen wordt belast met de uitvoering van de hierbij genomen beslissing en er onder meer kennis van te geven aan vzw Het cultuurcentrum "De Spil".
In zitting van de gemeenteraad van 20 oktober 2008 werd de oprichting van een gemeentelijk extern verzelfstandigd agentschap in privaatrechtelijke vorm nl. vzw Het Portaal met bijhorende statuten goedgekeurd.
Met de brief d.d. 7 november 2024 van ARhus worden de vertegenwoordigers namens de Stad uitgenodigd tot de algemene vergadering van vzw Het Portaal op 25 november 2024 met volgende agenda:
Volgende personen maken deel uit van de algemene vergadering:
Mieke Vanbrussel, Matthijs Samyn, Tom Vandenkendelaere, Margot Wybo, Ria Vanzieleghem, Sander Braeye, Stephanie Davidts, Siska Rommel, Brecht Vermeulen, Lieve Lombaert, Peter Claeys, Koenraad Cracco, Immanuel De Reuse, Griet Decoster en Piet Delrue.
Cf. artikel 246 §2 van het decreet lokaal bestuur moeten de vertegenwoordigers van de gemeente in de algemene vergadering handelen overeenkomstig de instructies van de gemeenteraad.
Artikel 246 § 2 van het decreet lokaal bestuur:
De vertegenwoordigers van de gemeente in de algemene vergadering moeten handelen overeenkomstig de instructies van de gemeenteraad
Er zijn geen financiële gevolgen.
Aan de aangeduide vertegenwoordigers wordt het mandaat toegekend. Zij worden opgedragen hun stemgedrag af te stemmen op de beslissingen genomen in de gemeenteraad van heden.
Het college van burgemeester en schepenen wordt belast met de uitvoering van de hierbij genomen beslissing en er onder meer kennis van te geven aan vzw Het Portaal, De Munt 8, 8800 Roeselare.
De Stad Roeselare werd, conform het Koninklijk Besluit van 2 februari 2009 tot vaststelling van de territoriale afbakening van de hulpverleningszones, ingedeeld in hulpverleningszone 2 West-Vlaanderen (verder zone Midwest genoemd).
De zone Midwest bereikte in zitting van de prezoneraad van 27 mei 2014 een akkoord m.b.t. de financiële verdeelsleutel die de dotatie bepaalt van elke gemeente aan de hulpverleningszone. Na diverse infosessies aan schepenen, raadsleden, financieel directeurs en algemeen directeurs werd de financiële verdeelsleutel herbevestigd tijdens de prezoneraad op 24 juni 2014.
Een informatievergadering voor de gemeentebesturen vond plaats op 3 oktober 2024.
De op 24 juni 2014 goedgekeurde verdeelsleutel werd opnieuw bevestigd door de zoneraad in zitting van 22 oktober 2024 en dit in het kader van de opmaak van het budget voor 2025.
De totale exploitatietoelage van de gemeenten voor 2025 bedraagt 8.113.947,00 euro, de totale investeringstoelage voor 2025 bedraagt 1.605.000,00 euro en de totale gemeentelijk gezamenlijke toelage bedraagt 9.718.947,00 euro.
De toelage voor 2025 bedraagt voor de Stad Roeselare 3.788.339,00 euro waarvan 3.238.626,50 euro als exploitatietoelage en 549.712,50 euro als investeringstoelage. . Deze kredieten werden voor het jaar 2025 in het MJP 2020-2025 ingeschreven.
Exploitatietoelage:
Gemeente | Dotatie 2025 |
Ardooie | € 310.247,50 |
Hooglede | € 332.173,50 |
Ingelmunster | € 287.777,50 |
Izegem | € 839.381,50 |
Lichtervelde | € 274.229,00 |
Meulebeke | € 309.869,50 |
Moorslede | € 306.344,00 |
Pittem | € 226.980,00 |
Roeselare | € 3.238.626,50 |
Ruiselede | € 149.337,50 |
Staden | € 343.782,50 |
Tielt | € 671.744,50 |
Wingene | € 420.215,50 |
Dentergem | € 204.229,50 |
Oostrozebeke | € 199.008,50 |
Totaal | € 8.113.947,00 |
Investeringstoelage:
Gemeente | Dotatie 2025 (in euro) |
Ardooie | € 63.397,50 |
Hooglede | € 68.533,50 |
Ingelmunster | € 68.533,50 |
Izegem | € 184.093,50 |
Lichtervelde | € 52.965,00 |
Meulebeke | € 70.780,50 |
Moorslede | € 64.842,00 |
Pittem | € 49.755,00 |
Roeselare | € 549.712,50 |
Ruiselede | € 33.223,50 |
Staden | € 71.422,50 |
Tielt | € 148.462,50 |
Wingene | € 90.361,50 |
Dentergem | € 45.100,50 |
Oostrozebeke | € 43.816,50 |
Totaal | € 1.605.000,00 |
Wet van 15 mei 2007 betreffende de Civiele Veiligheid en meer bepaald artikel 68 § 1 dat bepaalt dat de gemeentelijke dotatie wordt ingeschreven in de uitgaven van elke gemeentebegroting.
Wet van 15 mei 2007 betreffende de Civiele Veiligheid en meer bepaald artikel 68 § 2 dat bepaalt dat de dotaties van de gemeenten van de zone jaarlijks worden vastgelegd door de raad op basis van een akkoord, bereikt tussen de verschillende betrokken gemeenteraden.
Kosten ten laste van de Stad:
Bijdrage Hulpverleningszone Midwest | budgetsleutel: 64912100/041002: 3.238.626,50
euro
Investeringssubsidie Hulpverleningszone Midwest | budgetsleutel: 66400000/041002/ACT-11264: 549.712,50 euro
Dit wordt opgenomen in het meerjarenplan 2020-2025 van de Stad.
zal visum krijgen begin 2025
Kredietcontole:
Er wordt akte genomen van de herbevestiging door de Zoneraad (zitting 22 oktober 2024) van de financiële verdeelsleutel die de jaarlijkse bijdrage van elke gemeente aan de Zone Midwest vastlegt.
De dotatie van de Stad Roeselare aan de hulpverleningszone Midwest voor 2025 wordt als volgt vastgesteld:
- 3.238.626,50 euro als exploitatietoelage
- 549.712,50 euro als investeringstoelage.
Een afschrift van dit besluit wordt bezorgd aan de voorzitter van de zoneraad van Zone Midwest, Kwadestraat 159, 8800 Roeselare.
De toelage voor 2025 bedraagt voor de stad Roeselare 12.713.638,70 euro waarvan 12.514.729,00 euro als exploitatietoelage en 198.909,70 euro als investeringstoelage. Voor investeringsuitgaven in het kader van het cameraplan wordt een bijzondere buitengewone toelage voorzien van 30.000 euro.
De bovenstaande bedragen werden opgenomen in het meerjarenplan 2020-2025 van de Stad.
De politiebegroting 2025 werd door de politieraad goedgekeurd op 24 oktober 2024.
De wet van 7 december 1998 omvat de organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus.
Artikel 40 van de WGP bepaalt dat de begroting van het lokaal politiekorps wordt goedgekeurd door de politieraad, overeenkomstig de door de Koning bepaalde minimale begrotingsnormen. De begroting komt ten laste van de verschillende gemeenten van de zone en de federale staat.
De regels voor de verdeling van de totale gemeentelijke dotatie binnen een meergemeentezone over de verschillende gemeenten van de zone zijn vastgelegd in het K.B. van 7 april 2005 houdende de nadere regels inzake de berekening en de verdeling van de gemeentelijke dotaties in de schoot van een meergemeentepolitiezone en latere wijzigingen.
Kosten ten laste van de Stad:
2025:
Bijdrage politiezone RIHO: 64912000/040000 voor 12.514.729,00
euro
Investeringssubsidie RIHO: 66400000/040000/ACT-11265 voor 228.909,7 (excl. cameraplan: 198.909,70 euro voor 2025)
zal visum krijgen begin 2025
Kredietcontole:
In de eerstvolgende AMJP zullen de gewijzigde budgetten 2025 voorzien dienen te worden.
De dotatie van de Stad Roeselare aan de politiezone RIHO voor 2025 wordt vastgesteld als volgt:
Een afschrift van deze beslissing wordt overgemaakt aan:
Het decreet betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen van 30 mei 2008, en latere wijzigingen;
Het decreet van 27 maart 2009 betreffende het grond- en pandenbeleid en latere wijzigingen;
De Vlaamse Codex Ruimtelijke ordening van 15 mei 2009 en latere wijzigingen;
Het belastingreglement op de activeringsheffing op onbebouwde kavels gelegen in een niet-vervallen verkaveling werd voor de aanslagjaren 2020 tot en met 2025 goedgekeurd in de gemeenteraad van 17 december 2019 en gewijzigd in de gemeenteraad van 25 mei 2020 en 29 januari 2024.
Het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen werd gewijzigd bij decreet van 4 mei 2024, gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad van 31 mei 2024 met onmiddellijke inwerkingtreding, op 10 juni 2024.
De decreetwijziging voorziet een fundamentele aanpassing voor belastingreglementen met aangifteplicht.
De reglementen moeten een aangiftedatum voorzien i.p.v. een aangiftetermijn.
Om te voldoen aan de bepalingen van de decreetwijziging wordt artikel 6 van het belastingreglement als volgt aangepast:
De belastingplichtige ontvangt vanwege het stadsbestuur, minstens 20 dagen voor de uiterste aangiftedatum, een aangifteformulier dat door hem, behoorlijk ingevuld en ondertekend, moet worden teruggestuurd uiterlijk tegen 31 mei van het aanslagjaar.
De belastingplichtige die geen aangifteformulier heeft ontvangen dient spontaan aan het stadsbestuur de voor de aanslag noodzakelijke gegevens ter beschikking te stellen uiterlijk tegen 31 mei van het aanslagjaar.
De ontvangsten zijn opgenomen in AMJP 7
Het belastingreglement op de activeringsheffing op onbebouwde kavels gelegen in een niet-vervallen verkaveling, zoals goedgekeurd in de gemeenteraad van 17 december 2019 en gewijzigd in de gemeenteraad van 25 mei 2020 en 29 januari 2024, wordt hierbij opgeheven vanaf 1 januari 2025.
Het belastingreglement voor de activeringsheffing op onbebouwde kavels gelegen in een niet-vervallen verkaveling wordt vastgesteld, zoals in bijlage gevoegd.
Het decreet betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen van 30 mei 2008, en latere wijzigingen.
Het decreet van 27 maart 2009 betreffende het grond- en pandenbeleid, hierna afgekort als DGPB; en latere wijzigingen.
De Vlaamse Codex Ruimtelijke ordening van 15 mei 2009, afgekort als VCRO; en latere wijzigingen.
Het belastingreglement op de activeringsheffing op onbebouwde percelen in een woongebied van een goedgekeurd plan van aanleg of ruimtelijk uitvoeringsplan werd voor de aanslagjaren 2020 tot en met 2025 goedgekeurd in de gemeenteraad van 17 december 2019 en gewijzigd in de gemeenteraad van 25 mei 2020 en 29 januari 2024.
Het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen werd gewijzigd bij decreet van 4 mei 2024, gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad van 31 mei 2024 met onmiddellijke inwerkingtreding op 10 juni 2024.
De decreetwijziging voorziet een fundamentele aanpassing voor belastingreglementen met aangifteplicht.
De reglementen moeten een aangiftedatum voorzien i.p.v. een aangiftetermijn.
Om te voldoen aan de bepalingen van de decreetwijziging wordt artikel 6 van het belastingreglement als volgt aangepast:
De belastingplichtige ontvangt vanwege het stadsbestuur, minstens 20 dagen voor de uiterste aangiftedatum, een aangifteformulier dat door hem, behoorlijk ingevuld en ondertekend, moet worden teruggestuurd uiterlijk tegen 31 mei van het aanslagjaar.
De belastingplichtige die geen aangifteformulier heeft ontvangen dient spontaan aan het stadsbestuur de voor de aanslag noodzakelijke gegevens ter beschikking te stellen uiterlijk tegen 31 mei van het aanslagjaar.
De ontvangsten zijn opgenomen in AMJP 7.
Het belastingreglement op onbebouwde percelen in een woongebied van een goedgekeurd plan van aanleg of ruimtelijk uitvoeringsplan, zoals goedgekeurd in de gemeenteraad van 17 december 2019 en gewijzigd in de gemeenteraad van 25 mei 2020 en 29 januari 2024, wordt hierbij opgeheven vanaf 1 januari 2025.
Het belastingreglement voor de activeringsheffing op onbebouwde percelen in een woongebied van een goedgekeurd plan van aanleg of ruimtelijk uitvoeringsplan wordt vastgesteld, zoals in bijlage gevoegd.
Het belastingreglement op de tweede verblijven werd voor de aanslagjaren 2020 tot en met 2025 goedgekeurd in de gemeenteraad van 17 december 2019 en gewijzigd in de gemeenteraad van 29 januari 2024.
Het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen werd gewijzigd bij decreet van 4 mei 2024, gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad van 31 mei 2024 met onmiddellijke inwerkingtreding, op 10 juni 2024.
De decreetwijziging voorziet een fundamentele aanpassing voor belastingreglementen met aangifteplicht.
De reglementen moeten een aangiftedatum voorzien i.p.v. een aangiftetermijn.
Om te voldoen aan de bepalingen van de decreetwijziging wordt artikel 6 van het belastingreglement als volgt aangepast:
§ 1 De belastingplichtige ontvangt vanwege het stadsbestuur, minstens 20 dagen voor de uiterste aangiftedatum, een aangifteformulier dat door hem, behoorlijk ingevuld en ondertekend, moet worden teruggestuurd uiterlijk tegen 31 oktober van het aanslagjaar.
§ 2 De belastingplichtige die geen aangifteformulier heeft ontvangen dient spontaan aan het stadsbestuur de voor de aanslag noodzakelijke gegevens ter beschikking te stellen uiterlijk tegen 31 oktober van het aanslagjaar.
Voor het aanslagjaar 2024 werd het kohier nog niet opgemaakt, waardoor voor het aanslagjaar 2024 een afwijkende aangiftedatum wordt ingeschreven:
§ 3 In afwijking van §1en §2 wordt de uiterste aangiftedatum voor het aanslagjaar 2024 vastgesteld op 31 december van het aanslagjaar.
De ontvangsten zijn opgenomen in AMJP 7.
Het belastingreglement op de tweede verblijven, goedgekeurd in de gemeenteraad van 17 december 2019 en gewijzigd in de gemeenteraad van 29 januari 2024, wordt hierbij opgeheven vanaf 1 januari 2025.
Het belastingreglement op tweede verblijven wordt vastgesteld zoals in bijlage toegevoegd.
Het decreet betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen van 30 mei 2008, en latere wijzigingen.
Het belastingreglement op vaste reclameborden, tijdelijke reclameborden en steigerreclame werd voor de aanslagjaren 2020 tot en met 2025 goedgekeurd in de gemeenteraad van 17 december 2019 en gewijzigd in de gemeenteraad van 25 mei 2020 en 29 januari 2024.
Het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen werd gewijzigd bij decreet van 4 mei 2024, gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad van 31 mei 2024 met onmiddellijke inwerkingtreding, op 10 juni 2024.
De decreetwijziging voorziet een fundamentele aanpassing voor belastingreglementen met aangifteplicht.
De reglementen moeten een aangiftedatum voorzien i.p.v. een aangiftetermijn.
Om te voldoen aan de bepalingen van de decreetwijziging wordt artikel 3.4 van het belastingreglement m.b.t. de aangifteplicht als volgt aangepast:
De belastingplichtige ontvangt vanwege het stadsbestuur, minstens 20 dagen voor de uiterste aangiftedatum, een aangifteformulier dat door hem, behoorlijk ingevuld en ondertekend, moet worden teruggestuurd uiterlijk tegen 30 april van het aanslagjaar.
De belastingplichtige die geen aangifteformulier heeft ontvangen dient spontaan aan het stadsbestuur de voor de aanslag noodzakelijke gegevens ter beschikking te stellen tegen 30 april van het aanslagjaar.
Naast de jaarlijkse aangifteplicht moet na wijziging van de belastbare toestand uiterlijk tegen 30 november van het aanslagjaar spontaan aangifte worden gedaan van:
De ontvangsten zijn opgenomen in AMJP 7.
Het belastingreglement op vaste reclameborden, tijdelijke reclameborden en steigerreclame zoals goedgekeurd in de gemeenteraad van 17 december 2019 en gewijzigd in de gemeenteraad van 25 mei 2020 en 29 januari 2024 wordt opgeheven vanaf 1 januari 2025.
Het belastingreglement op permanente en tijdelijke reclameborden en steigerreclame wordt vastgesteld, zoals in bijlage gevoegd.
Het financieel rapport van het 1ste kwartaal en het financieel rapport van het 2de kwartaal van 2024 werden via de Portaalsite mandatarissen aan de gemeenteraad ter beschikking gesteld.
Door het departement Financiën wordt per kwartaal een financiële rapportage uitgewerkt.
Het rapport van het 3de kwartaal 2024 bestaat uit 4 onderdelen:
Artikel 177 van het decreet lokaal bestuur
Er zijn geen financiële gevolgen aan dit besluit.
Er wordt akte genomen van de financiële rapportage van het 3de kwartaal 2024.
Het reglement inzake het toekennen van een eretitel stipuleert:
'...
De titel van ere-schepen wordt toegekend aan de aftredende schepenen die voldoen aan volgende cumulatieve voorwaarden:
De titel van ere-raadslid en ere-lid van het bijzonder comité voor de sociale dienst wordt toegekend aan een aftredend raadslid/lid van het bijzonder comité voor de sociale dienst dat voldoet aan volgende cumulatieve voorwaarden:
Personen die zowel raadslid als lid van het bijzonder comité voor de sociale dienst geweest zijn, maken de keuze tussen de titels ‘ere-raadslid’ en ‘ere-lid van het bijzonder comité voor de sociale dienst’.
...'
Volgende personen hebben een instemmingsverklaring bezorgd en voldoen aan de voorwaarden:
Titel ere-schepen:
Titel ere-raadslid:
Dhr. Georges Decoene deelt mee dat hij niet wenst in te gaan op het bekomen van een eretitel
Raadslid: 25.01.1971 - 31.12.1975 en 01.09.2023 - 03.12.2024
OCMW-raadslid: 01.01.2013 - 31.12.2018
De eretitels worden toegekend conform het reglement de dato 25 januari 2021.
Voor wat betreft de personen die in de termijnberekening 1 maand tekort komen om toegelaten te worden tot een eretitel omwille van de gewijzigde wetgeving (inkorting legislatuur door installatievergadering in december in plaats van januari), wordt een uitzondering gemaakt. Deze context is immers volledig buiten hun wil ontstaan en is in die zin een vorm van overmacht. Bovendien is de ratio legis van de reglementering dat gerekend wordt per legislatuur en de personen in kwestie vervulden effectief de nodige (volle) legislaturen. De personen in deze situatie komen aldus ook in aanmerking voor een eretitel.
De gemeenteraad kan de eretitels toekennen aan de gemeenteraadsleden onder de voorwaarden die hij bepaalt.
De Vlaamse Regering kan de eretitels van de burgemeester toekennen onder de voorwaarden die ze bepaalt.
De gemeenteraad kan de eretitels van de schepenen toekennen onder de voorwaarden die hij bepaalt.
De raad voor maatschappelijk welzijn kan de eretitels van de voorzitter en de leden van het bijzonder comité voor de sociale dienst toekennen, onder de voorwaarden die hij bepaalt.
Niet van toepassing.
De gemeenteraad neemt akte van de toekenning van de volgende eretitels:
Gezien de opmars van autodelen wordt er op maat van de stad een langetermijnvisie en -(actie)plan ontwikkeld die de gewenste rol ervan binnen het parkeer- en mobiliteitsbeleid van de stad moet bepalen. Hierop geënt wordt er een langdurige sensibiliseringscampagne ontwikkeld, gericht op de diverse autodeelinitiatieven om het gebruik ervan naar een hoger niveau te tillen.
In het kader van de uitrol van het nieuwe openbaarvervoermodel 'basisbereikbaarheid' in de loop van 2020 zullen autodeelinitiatieven sterker geïntegreerd worden met andere vervoersvormen onder de noemer 'vervoer op maat'. Hiermee wordt beoogd om de lokale vervoersvragen beter te kunnen beantwoorden. Ook de realisatie van mobipunten zal hiertoe bijdragen (ACT-11315 'Realiseren van mobipunten op wijkniveau').
Vanuit deze invalshoeken wordt er onderzocht hoe deelsystemen een sterkere rol kunnen spelen, in hoeverre bijkomende stimuli mogelijk zijn, in hoeverre (een deel van) het wagenpark van de Stad in het weekend beschikbaar kan gesteld worden voor geïnteresseerden, en dergelijke meer.
Carpoolen dient eveneens onderdeel uit te maken van een multimodaal vervoersaanbod. Mogelijke locaties worden onderzocht, mede i.h.k.v. de realisatie van mobipunten, zodoende de integraliteit van het vervoersaanbod te versterken.
WVI heeft een raamovereenkomst met clausule aankoopcentrale opgesteld voor de exploitatie van autodeelsystemen in het werkingsgebied van WVI. WVI treedt hierin op als aankoopcentrale voor alle lokale besturen in het werkingsgebied van WVI (in de zin van artikel 2, 6°a en 7°b van de wet van 17 juni 2016 betreffende de overheidsopdrachten); De exploitatie van de deelwagens binnen deze raamovereenkomst geschiedt tot 31 december 2028. Deelbestellingen zijn mogelijk tot juni 2026, er dient daarbij rekening gehouden te worden met een levertermijn van de deelwagens (tot 8 maand voor elektrische deelwagens).
Conform de wetgeving op de overheidsopdrachten (artikel 47§2) dient Stad Roeselare zelf geen overheidsopdracht voor diensten op te starten als er toegetreden wordt tot de aankoopcentrale in deze raamovereenkomst.
Op 8 mei 2024 heeft de raad van bestuur van WVI de opdracht met betrekking tot de exploitatie van elektrische en conventionele deelwagens (perceel 3) aan Hoppinpunten gegund aan Claus Mobility bv, Menenstraat 41, 8980 Geluveld, Zonnebeke, BE0770.908.488.
De opdracht werd gesloten op 24 mei 2024.
Stad Roeselare is in het bestek opgenomen als entiteit die kan afnemen van de raamovereenkomst. Stad Roeselare begroot het bedrag voor de afname op basis van de raamovereenkomst op 140.000,00 euro exclusief btw.
Op deze overeenkomst is geen bijdrage in de werking van toepassing.
Kosten ten laste van het budget van de Stad:
De instap in de raamovereenkomst heeft geen financiële gevolgen.
Per deelopdracht zal er (eventueel) visum verleend worden.
Er wordt goedkeuring verleend aan de instap in de raamovereenkomst 'AC/053 W2410 421 deelwagens aan Hoppinpunten'. De raming bedraagt € 140.000,00 exclusief btw of € 169,400,00 inclusief btw voor de resterende looptijd van de raamovereenkomst (einde 31 december 2028).
De deelopdrachten van de raamovereenkomst werden gegund aan: Claus Mobility bv, Menenstraat 41, 8980 Geluveld, Zonnebeke, BE0770.908.488.
In toepassing van artikel 2, 6°a en 7°a van de wet van 17 juni 2016 betreffende de overheidsopdrachten, treedt WVI op als aankoopcentrale.
De Stad streeft naar een verdere versterking van de retail en horeca in shoppingstad Roeselare. Dit gebeurt onder andere door:
Op 25 mei 2020 keurde de gemeenteraad het subsidiereglement "Subsidiëring van handelaars(verenigingen) in het kader van het corona-relanceplan" goed. Dit reglement stelde de Stad in staat om subsidies toe te kennen aan handelaarsverenigingen voor de organisatie van evenementen. Op 28 juni 2021 werd deze subsidie verlengd tot het einde van dat jaar. Vervolgens werd op 30 mei 2022 het reglement aangepast met een verhoging van het maximumbedrag en opnieuw ingevoerd.
Gezien het succes van deze subsidie, met 30 aanvragen sinds de herinvoering op 30 mei 2022, wordt voorgesteld om het reglement tot 31 december 2025 te verlengen.
De nodige budgetten dienen te worden voorzien vanaf 2025 (€25.000/jaar) op budgetsleutel 64939007/050002
Indien goedgekeurd, zal dit reglement visum krijgen begin 2025
Kredietcontrole:
In de eerstvolgende AMJP zal bijkomend budget (25.000 euro) voorzien dienen te worden op de budgetsleutel 050002/64939007.
De verlenging tot 31 december 2025 van het subsidiereglement Subsidiering handelaars en horeca(-verenigingen) wordt vastgesteld zoals in bijlage gevoegd.
Met de gemeenteraadsbeslissing van 10 oktober 2014 en volgende werden retributies geheven op het gebruik van de recyclageparken.
De recyclageparken worden opengesteld voor zowel huishoudelijke afvalstoffen als voor met huishoudelijke afvalstoffen vergelijkbare bedrijfsafvalstoffen.
De door of op vraag van de stad ingezamelde huishoudelijke afvalstoffen en vergelijkbare bedrijfsafvalstoffen worden in opdracht van de stad gerecycleerd, nuttig toegepast of verwijderd.
De kosten voor inzameling, hergebruik, recyclage, nuttige toepassing en verwijdering van huishoudelijke afvalstoffen en vergelijkbare bedrijfsafvalstoffen wegen echter zwaar door op de gemeentelijke financiën en worden bijgevolg verhaald op de aanbieders via een gedifferentieerd retributiereglement.
De invoering van een gedifferentieerde retributie laat de stad toe het principe “de vervuiler betaalt” toe te passen, waarbij prioriteit verleend wordt aan afvalvoorkoming, slechts in tweede instantie aan hergebruik en waarbij tenslotte recyclage van huishoudelijke afvalstoffen en vergelijkbare bedrijfsafvalstoffen wordt gestimuleerd.
In 2014 werd voor de eerste maal, met de invoer van DIFTAR, een retributiereglement opgemaakt waarin de te betalen tarieven voor de aanvoer van afval opgenomen werden.
Dit reglement wordt jaarlijks opnieuw vastgesteld.
Bij de activiteiten en strategie van MIROM Roeselare voor het werkjaar 2025 werd een gewijzigde retributielijst toegevoegd.
Deze wordt gewijzigd volgens de stijging of daling van de effectieve verwerkingskosten. Het principe ‘de vervuiler betaalt’ dient gehanteerd.
De wijzigingen hebben betrekking op het tarief voor de aanvoer van:
| 2024 | 2025 |
Harde Plastics / PVC | 220,00 euro/ton | 270,00 euro/ton |
Houtafval | 45,00 euro/ton | 75,00 euro/ton |
De ontvangsten zijn opgenomen in AMJP 7.
Het retributiereglement op het gebruik van de recyclageparken wordt vastgesteld, zoals in bijlage gevoegd.
Het meerjarenplan 2020-2025 Stad en OCMW werd door de gemeenteraad op 17 december 2019 goedgekeurd.
Ondertussen werd het meerjarenplan reeds 7 maal gewijzigd. De laatste aanpassing van het meerjarenplan (AMJP7) werd op 24 juni 2024 door de gemeenteraad goedgekeurd. Naar aanleiding van de gemeenteraadsverkiezingen in oktober werd geopteerd om in de AMJP7 de kredieten voor het boekjaar 2024 en voor het boekjaar 2025 vast te stellen.
Tegelijkertijd met de goedkeuring van de AMJP7 werd de lijst van de toegestane werkings- en investeringssubsidies en de toekenning ervan goedgekeurd. Ondertussen zijn er een aantal wijzigingen in de uit te betalen subsidies waardoor deze lijst opnieuw ter goedkeuring aan de gemeenteraad voorgelegd wordt.
Er zijn geen financiële gevolgen aan dit besluit.
De lijst van de toegestane werkings- en investeringssubsidies zoals in bijlage gevoegd en de toekenning ervan wordt goedgekeurd.
De burgemeester keurde op 6 september 2024 het politiebesluit m.b.t. het verlenen van toelating tot uitvoering van systematische identiteitscontroles goed. Dit besluit werd bekrachtigd op de navolgende gemeenteraad.
Per 7 oktober werd dit besluit op vraag van de korpschef met een maand verlengd (met bekrachtiging door de gemeenteraad), zijnde van 7 oktober tot en met 6 november 2024.
Per 4 november 2024 ontving de burgemeester van de korpschef het verzoek tot verlenging van de toelating met 1 maand gezien de maatregel en de controles vruchten afwerpen en de politionele actie hieromtrent nog niet is afgerond.
Per 5 november 2024 werd per besluit van de burgemeester vervolgens de toelating verlengd voor de duurtijd van 1 maand voor dezelfde zone.
Cf. artikel 134 van de Nieuwe gemeentewet dient dit besluit bekrachtigd te worden door de gemeenteraad.
Op grond van artikel 134 van de Nieuwe gemeentewet heeft de burgemeester het recht op te treden middels een politieverordening in geval van oproer, kwaadwillige samenscholing, ernstige stoornis van de openbare rust of andere onvoorziene gebeurtenissen, waarbij het geringste uitstel gevaar of schade zou kunnen opleveren voor de inwoners, onder verplichting om daarvan onverwijld aan de gemeenteraad kennis te geven, met opgave van de redenen waarom hij heeft gemeend zich niet tot de raad te moeten wenden. Die verordeningen vervallen dadelijk, indien zij door de raad in de eerstvolgende vergadering niet worden bekrachtigd.
Artikel 34 §3 Wet op het Politieambt dat de toelating voor systematische identiteitscontroles regelt.
Er zijn geen financiële gevolgen.
Aan de gemeenteraad wordt gevraagd om het besluit van de burgemeester van 5 november 2024 te bekrachtigen waarbij, conform artikel 34§3 Wet op het Politieambt, toelating wordt verleend om systematische identiteitscontroles uit te voeren voor een periode van 1 maand, van 7 november 2024 tot en met 6 december 2024 in de zone zoals weergegeven op het plan in bijlage en zoals begrensd (doch inclusief) door volgende straten: Mandellaan – Ardooisesteenweg – Parking uiteinde Gasstraat – Ooststraat – Jan Mahieustraat – Chicoreistraat – Rondekomstraat – Weverijstraat – Stationsdreef – Sint-Amandsstraat – Site TRAX – Beversesteenweg – Herentalslaan zoals in bijlage gevoegd.
en afschrift van dit besluit zal verstuurd worden aan de:
Dit besluit wordt na goedkeuring bekend gemaakt op de website van de Stad Roeselare cfr. artikels 285, 286 en 287 van het decreet lokaal bestuur en opgenomen in het register van de bekendmakingen.
In het kader van de opdracht “Weg- en rioleringswerken Meensesteenweg vak A tussen Ten Bunderenstraat en Meerlaanstraat” werd op basis van het door het CBS goedgekeurde voorontwerp (2020_CBS_00834) een definitief ontwerp, waaronder het bestek met nr. WEG/426 W2012 168, opgesteld door de ontwerper, VK ENGINEERING nv, Brugsesteenweg 210, 8800 Roeselare en gefinaliseerd door ontwerper SWECO BELGIUM bv/srl, Arenbergstraat 13, bus 1, 1000 Brussel, omwille van overname van VK ENGINEERING door SWECO BELGIUM bv/srl op 24 maart 2023.
De opdracht omvat in hoofdzaak:
Het betreft een gezamenlijke opdracht waarbij het aangewezen is dat Stad Roeselare de procedure zal voeren en in naam van Agentschap Wegen en Verkeer (AWV) West-Vlaanderen bij de gunning van de opdracht zal optreden. Hiervoor werd een samenwerkingsovereenkomst opgemaakt en goedgekeurd door het CBS op 28 oktober 2024 (2024_CBS_0189).
Gezamenlijk aankopen kan leiden tot aanzienlijke besparingen en administratieve vereenvoudiging.
De totale uitgave voor deze opdracht wordt geraamd op € 5.243.027,84 excl. btw of € 5.805.962,05 incl. btw medecontractant - rekening houdende met de btw-wetgeving, waarvan:
Een deel van de kostprijs ten laste van Stad Roeselare wordt gesubsidieerd door de Vlaamse Milieumaatschappij, Dokter De Moorstraat 24-26, 9300 Aalst (75% van de gesubsidieerde rioleringswerken). Dit gesubsidieerd deel wordt geraamd op € 1.829.764,37 excl. btw of € 1.829.764,37 incl. btw medecontractant. Hierdoor komt de werkelijke kostprijs ten laste van Stad Roeselare neer op € 1.105.536,59 excl. btw of € 1.183.848,16 incl. btw medecontractant - rekening houdende met de btw-wetgeving.
Er wordt voorgesteld de opdracht te gunnen bij wijze van de openbare procedure. Huidige opdracht (deel A) is een onderdeel van het project voor de volledige heraanleg Meensesteenweg (op grondgebied Roeselare). Vandaar dat de huidige opdracht wordt beschouwd als een Europese opdracht, dit in het kader van de totale raming van het project, die de limieten van de Europese bekendmaking overschrijdt.
Het voorziene budget is toereikend voor de opdracht.
De uitvoeringstermijn bedraagt 220 werkdagen.
De veiligheidscoördinator wordt door Stad Roeselare aangesteld, zoals opgenomen in de goedgekeurde samenwerkingsovereenkomst.
De dienst Aankopen heeft dit besluit opgemaakt in samenwerking met het departement Beleidsontwikkeling - Ruimte, Projectleiding & Staf - Projectleiders.
Kosten ten laste van het budget van de Stad:
In deze fase van de opdracht zijn er nog geen definitieve financiële gevolgen aan dit besluit.
De definitieve financiële gevolgen zullen pas gekend zijn bij gunning van de opdracht.
Het bestek met nr. WEG/426 W2012 168 en de raming voor de opdracht “Weg- en rioleringswerken Meensesteenweg vak A tussen Ten Bunderenstraat en Meerlaanstraat”, opgesteld door de ontwerper, VK ENGINEERING nv, Brugsesteenweg 210, 8800 Roeselare en gefinaliseerd door ontwerper SWECO BELGIUM bv/srl Arenbergstraat 13, bus 1, 1000 Brussel, omwille van overname van VK ENGINEERING door SWECO BELGIUM bv/srl, op 24 maart 2023, worden goedgekeurd. De lastvoorwaarden worden vastgesteld zoals voorzien in het bestek en zoals opgenomen in de algemene uitvoeringsregels van de overheidsopdrachten voor aannemingen van werken, leveringen en diensten.
De totale uitgave voor deze opdracht wordt geraamd op € 5.243.027,84 excl. btw of € 5.805.962,05 incl. btw medecontractant - rekening houdende met de btw-wetgeving, waarvan:
Een deel van de kostprijs ten laste van Stad Roeselare wordt gesubsidieerd door de Vlaamse Milieumaatschappij, Dokter De Moorstraat 24-26, 9300 Aalst (75% van de gesubsidieerde rioleringswerken). Dit gesubsidieerd deel wordt geraamd op € 1.829.764,37 excl. btw of € 1.829.764,37 incl. btw medecontractant. Hierdoor komt de werkelijke kostprijs ten laste van Stad Roeselare neer op € 1.105.536,59 excl. btw of € 1.183.848,16 incl. btw medecontractant - rekening houdende met de btw-wetgeving.
Bovengenoemde opdracht wordt gegund bij wijze van de openbare procedure.
Stad Roeselare wordt gemandateerd om de procedure te voeren en in naam van Agentschap Wegen en Verkeer (AWV) West-Vlaanderen bij de gunning van de opdracht op te treden.
Afschrift van deze beslissing wordt bezorgd aan de deelnemende besturen.
In geval van een juridisch geschil omtrent deze overheidsopdracht, is elk deelnemend bestuur mee verantwoordelijk voor alle mogelijke kosten in verhouding tot zijn aandeel in de opdracht.
De aankondiging van de opdracht wordt ingevuld, goedgekeurd en bekendgemaakt op nationaal en Europees niveau.
Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening (VCRO) d.d. 15 mei 2009 en latere wijzigingen: T2. Planning – H2. Ruimtelijke uitvoeringsplannen – Afdeling 1 Algemene bepalingen & Afdeling 4 Gemeentelijke Ruimtelijke Uitvoeringsplannen:
Artikel 2.2.21. van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening (VCRO) stipuleert dat de gemeenteraad het ontwerp van het gemeentelijk ruimtelijk uitvoeringsplan definitief vaststelt. Bij de definitieve vaststelling van het plan kunnen ten opzichte van het voorlopig vastgestelde plan alleen wijzigingen worden aangebracht die gebaseerd zijn op of voortvloeien uit de tijdens het openbaar onderzoek geformuleerde bezwaren en opmerkingen, of uit de adviezen, uitgebracht door de aangewezen diensten en overheden, of uit het advies van de gemeentelijke commissie voor ruimtelijke ordening.
Artikel 2.2.4. van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening (VCRO) bepaalt dat:
§ 1. Het geïntegreerde planningsproces uit vijf fasen bestaat, waarbij het resultaat telkens geconsolideerd wordt in een van de volgende documenten:
1° de startnota;
2° de scopingnota;
3° het voorontwerp van ruimtelijk uitvoeringsplan;
4° het ontwerp van ruimtelijk uitvoeringsplan;
5° het definitieve ruimtelijk uitvoeringsplan.
De informatie over de inspraak of adviesvraag in elke fase geeft duidelijk aan waarover de inspraak of adviesvraag gaat.
Artikel 2.2.5. van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening (VCRO) bepaalt dat:
§ 1. Een ruimtelijk uitvoeringsplan de volgende zaken bevat :
1° een beschrijving en verantwoording van de doelstellingen van het plan;
2° een grafisch plan dat aangeeft voor welk gebied of welke gebieden het plan van toepassing is;
3° de bijbehorende stedenbouwkundige voorschriften inzake de bestemming, de inrichting of het beheer en, in voorkomend geval, de normen, vermeld in artikel 5.96 en 5.97 van de Vlaamse Codex Wonen van 2021;
4° een weergave van de juridische toestand;
5° een weergave van de feitelijke ruimtelijke toestand en de toestand van het leefmilieu, de natuur en andere relevante feitelijke gegevens;
6° de relatie met het ruimtelijk structuurplan of ruimtelijk beleidsplan of de ruimtelijke structuurplannen of ruimtelijke beleidsplannen waarvan het een uitvoering is en, in voorkomend geval, een omschrijving van andere relevante beleidsplannen;
7° in voorkomend geval, een limitatieve opgave van de voorschriften die strijdig zijn met het ruimtelijk uitvoeringsplan en die opgeheven worden;
8° de kwaliteitsbeoordeling en, in voorkomend geval, de verklaring, vermeld in artikel 4.2.11, § 7, eerste lid, 2°, van het decreet van 5 april 1995 houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid, en, in voorkomend geval, een overzicht van de conclusies van de volgende effectbeoordelingen waarbij aangegeven wordt hoe die geïntegreerd zijn in het plan :
a) het planmilieueffectrapport;
b) de passende beoordeling;
c) het ruimtelijk veiligheidsrapport;
d) andere verplicht voorgeschreven of gemaakte effectenrapporten;
in voorkomend geval de monitoringsmaatregelen in het kader van de uitgevoerde effectbeoordelingen;
9° in voorkomend geval, een register, al dan niet grafisch, van de percelen waarop een bestemmingswijziging wordt doorgevoerd die aanleiding kan geven tot een planschadevergoeding als vermeld in artikel 2.6.1 van deze codex, een planbatenheffing als vermeld in artikel 2.6.4 van deze codex, of een compensatie als vermeld in boek 6, titel 2 of titel 3, van het decreet van 27 maart 2009 betreffende het grond- en pandenbeleid;
10° in voorkomend geval, een register, al dan niet grafisch, van de percelen waarop een bestemmingswijziging wordt doorgevoerd of een overdruk wordt toegevoegd die aanleiding kan geven tot gebruikerscompensatie als vermeld in het decreet van 27 maart 2009 houdende vaststelling van een kader voor de gebruikerscompensatie bij bestemmingswijzigingen;
10° /1 in voorkomend geval, het schaderamingsrapport, vermeld in artikel 7, § 2, van het Instrumentendecreet van 26 mei 2023, en het meerwaarderamingsrapport, vermeld in artikel 2.6.10, § 2/1;
11° voor de gewestelijke ruimtelijke uitvoeringsplannen, in voorkomend geval, een overzicht van de geheel of gedeeltelijk gewijzigde of opgeheven erkennings-, rangschikkings- en beschermingsbesluiten inzake onroerend erfgoed, samen met de gegevens, vermeld in artikel 6.2.5 van het Onroerenderfgoeddecreet van 12 juli 2013, met uitzondering van de aanduiding van de plaats van de aanplakking van het bericht over het openbaar onderzoek op het gegeorefereerde plan;
12° in voorkomend geval, het grondruilplan, vermeld in artikel 2.1.65 van het decreet van 28 maart 2014 betreffende de landinrichting;
13° in voorkomend geval, de inrichtingsnota, vermeld in artikel 4.2.1 van het decreet van 28 maart 2014 betreffende de landinrichting;
14° in voorkomend geval, een overzicht van de instrumenten waarover samen met het ruimtelijk uitvoeringsplan een beslissing genomen wordt door de bevoegde overheid om die aspecten te regelen of om de maatregelen of voorwaarden te bepalen die de bevoegde overheid op basis van het planningsproces, in het bijzonder de effectbeoordelingen, noodzakelijk acht voor de vaststelling van het ruimtelijk uitvoeringsplan en die niet geregeld worden met toepassing van punten 1° tot en met 13°;
15° in voorkomend geval het rooilijnplan, vermeld in het decreet van 8 mei 2009 houdende vaststelling en realisatie van de gewestelijke rooilijnen en het decreet van 3 mei 2019 houdende de gemeentewegen.
Het grafische plan dat aangeeft voor welk gebied of welke gebieden het plan van toepassing is en de bijbehorende stedenbouwkundige voorschriften hebben verordenende kracht.
Besluit van de Vlaamse Regering betreffende het geïntegreerde planningsproces voor ruimtelijke uitvoeringsplannen, planmilieueffectrapportage, ruimtelijke veiligheidsrapportage en andere effectbeoordelingen van 17/02/2017.
Het Gemeentelijk Ruimtelijk Structuurplan Roeselare goedgekeurd door de Deputatie op 2 augustus 2012.
Het Provinciaal Ruimtelijk Structuurplan, waarvan tweede partiële herziening goedgekeurd werd door de Vlaamse Regering op 20 januari 2020.
Het Ruimtelijk Structuurplan Vlaanderen, waarvan de tweede herziening werd goedgekeurd op 17 december 2010 definitief werd vastgesteld.
De Strategische visie van het Beleidsplan Ruimte Vlaanderen, goedgekeurd door de Vlaamse Regering op 20 juli 2018.
De opmaak van het Gemeentelijk Ruimtelijk Uitvoeringsplan 'Hof ter Weze' doorliep de volgende fasen:
Doel
De opmaak van het Gemeentelijk Ruimtelijk Uitvoeringsplan 'Hof ter Weze' heeft als doel:
Advies Gecoro na openbaar onderzoek en verwerking
De Gemeenteraad stelde het ontwerp-RUP voorlopig vast op 29 april 2024. Van 27 mei tot en met 25 juli 2024 liep het openbaar onderzoek. Tijdens deze periode maakten het Departement Omgeving en de Provincie West-Vlaanderen een advies over aan de Gecoro. Aan de Gecoro werden ook 4 bezwaren overgemaakt.
Volgens het artikel 2.2.21. §.5. bundelt en coördineert de gemeentelijke commissie voor ruimtelijke ordening (Gecoro) alle adviezen, opmerkingen en bezwaren en brengt binnen negentig dagen na het einde van het openbaar onderzoek gemotiveerd advies uit bij de gemeenteraad. Het advies bevat de integrale adviezen van de Deputatie en van het Departement. Op hetzelfde ogenblik bezorgt de Gecoro het college van burgemeester en schepenen de gebundelde adviezen, opmerkingen en bezwaren.
Op basis van dit artikel werd op 23 september 2024 een Gecorozitting georganiseerd. Op basis van de ontvangen adviezen en bezwaren bracht de Gecoro een advies uit. Daarna werden deze adviezen en bezwaren verwerkt in zitting van het College van Burgemeester en Schepenen van 21 oktober 2024.
Definitieve vaststelling Gemeenteraad
Het ontwerp van Gemeentelijk Ruimtelijk uitvoeringsplan wordt voorgelegd aan de Gemeenteraad tot definitieve vaststelling op 18 november 2024.
Het integrale advies van de Gecoro van 23 september 2024 wordt gevolgd, behalve de volgende punten:
Aan de hand van het advies van de Gecoro dat werd gevolgd worden aan het grafisch plan, aan de stedenbouwkundige voorschriften en aan de toelichtende nota aanpassingen doorgevoerd (zie verslag Gecoro en adviezen in bijlage).
Het ontwerp omvat de volgende documenten die volgens de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening zijn opgelegd:
Geen Plan-MER en geen Ruimtelijk Veiligheidsrapport
Voor dit Gemeentelijk Ruimtelijk Uitvoeringsplan hoeft geen:
Ramingsrapport
Op 23 mei 2024 vroeg de Stad aan de landcommissie van de Vlaamse Landmaatschappij West Vlaanderen tot de opmaak van een ramingsrapport. De opmaak van dit rapport houdt rekening met:
Op 24 oktober 2024 ontving de Stad van de landcommissie het ramingsrapport. In dit rapport werd op basis van de doorgevoerde bestemmingswijzigingen een raming gemaakt van de vermoede meerwaarde en van de vermoede eigenaarsvergoeding. Deze raming werd opgemaakt op basis van de doorgevoerde bestemmingswijzigingen én vormt de basis voor het berekenen van de planbaten en planschade.
Volgende stappen:
Na definitieve vaststelling door de gemeenteraad op 18 november 2024 beschikt de hogere overheid (Departement Omgeving en de Provincie West-Vlaanderen) over een schorsingstermijn van 45 dagen. Na afloop van deze termijn en indien de hogere overheid dit plan niet heeft geschorst wordt de definitieve vaststelling van dit plan gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad. Veertien dagen na publicatie is dit plan van kracht.
Er zijn geen financiële gevolgen aan dit besluit.
Het ontwerp van het Gemeentelijk Ruimtelijk Uitvoeringsplan 'Hof ter Weze' wordt definitief vastgesteld.
Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening (VCRO) d.d. 15 mei 2009 en latere wijzigingen: T2. Planning – H2. Ruimtelijke uitvoeringsplannen – Afdeling 1 Algemene bepalingen & Afdeling 4 Gemeentelijke Ruimtelijke Uitvoeringsplannen:
Artikel 2.2.21. van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening (VCRO) stipuleert dat de gemeenteraad het ontwerp van het gemeentelijk ruimtelijk uitvoeringsplan voorlopig vaststelt. Na de voorlopige vaststelling wordt het ontwerp van gemeentelijk ruimtelijk uitvoeringsplan onmiddellijk opgestuurd naar de deputatie van de provincie waarin de gemeente ligt, naar het departement en naar de Vlaamse Regering.
Het college van burgemeester en schepenen onderwerpt het ontwerp van gemeentelijk ruimtelijk uitvoeringsplan samen met het ontwerp van de effectbeoordelingsrapporten aan een openbaar onderzoek dat binnen dertig dagen na de voorlopige vaststelling, vermeld in paragraaf 1, minstens wordt aangekondigd door een bericht in het Belgisch Staatsblad. Die termijn is een termijn van orde.
Artikel 2.2.4. van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening (VCRO) bepaalt dat:
§ 1. Het geïntegreerde planningsproces uit vijf fasen bestaat, waarbij het resultaat telkens geconsolideerd wordt in een van de volgende documenten :
1° de startnota;
2° de scopingnota;
3° het voorontwerp van ruimtelijk uitvoeringsplan;
4° het ontwerp van ruimtelijk uitvoeringsplan;
5° het definitieve ruimtelijk uitvoeringsplan.
De informatie over de inspraak of adviesvraag in elke fase geeft duidelijk aan waarover de inspraak of adviesvraag gaat.
Artikel 2.2.5. van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening (VCRO) bepaalt dat:
§ 1. Een ruimtelijk uitvoeringsplan bevat:
1° een beschrijving en verantwoording van de doelstellingen van het plan;
2° een grafisch plan dat aangeeft voor welk gebied of welke gebieden het plan van toepassing is;
3° de bijbehorende stedenbouwkundige voorschriften inzake de bestemming, de inrichting of het beheer en, in voorkomend geval, de normen, vermeld in artikel 5.96 en 5.97 van de Vlaamse Codex Wonen van 2021;
4° een weergave van de juridische toestand;
5° een weergave van de feitelijke ruimtelijke toestand en de toestand van het leefmilieu, de natuur en andere relevante feitelijke gegevens;
6° de relatie met het ruimtelijk structuurplan of ruimtelijk beleidsplan of de ruimtelijke structuurplannen of ruimtelijke beleidsplannen waarvan het een uitvoering is en, in voorkomend geval, een omschrijving van andere relevante beleidsplannen;
7° in voorkomend geval, een zo mogelijk limitatieve opgave van de voorschriften die strijdig zijn met het ruimtelijk uitvoeringsplan en die opgeheven worden;
8° de kwaliteitsbeoordeling en, in voorkomend geval, de verklaring, vermeld in artikel 4.2.11, § 7, eerste lid, 2°, van het decreet van 5 april 1995 houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid, en, in voorkomend geval, een overzicht van de conclusies van de volgende effectbeoordelingen waarbij aangegeven wordt hoe die geïntegreerd zijn in het plan:
a) het planmilieueffectrapport;
b) de passende beoordeling;
c) het ruimtelijk veiligheidsrapport;
d) andere verplicht voorgeschreven of gemaakte effectenrapporten;
in voorkomend geval de monitoringsmaatregelen in het kader van de uitgevoerde effectbeoordelingen;
9° in voorkomend geval, een register, al dan niet grafisch, van de percelen waarop een bestemmingswijziging wordt doorgevoerd die aanleiding kan geven tot een planschadevergoeding als vermeld in artikel 2.6.1 van deze codex, een planbatenheffing als vermeld in artikel 2.6.4 van deze codex, of een compensatie als vermeld in boek 6, titel 2 of titel 3, van het decreet van 27 maart 2009 betreffende het grond- en pandenbeleid;
10° in voorkomend geval, een register, al dan niet grafisch, van de percelen waarop een bestemmingswijziging wordt doorgevoerd of een overdruk wordt toegevoegd die aanleiding kan geven tot gebruikerscompensatie als vermeld in het decreet van 27 maart 2009 houdende vaststelling van een kader voor de gebruikerscompensatie bij bestemmingswijzigingen;
11° voor de gewestelijke ruimtelijke uitvoeringsplannen, in voorkomend geval, een overzicht van de geheel of gedeeltelijk gewijzigde of opgeheven erkennings-, rangschikkings- en beschermingsbesluiten inzake onroerend erfgoed, samen met de gegevens, vermeld in artikel 6.2.5 van het Onroerenderfgoeddecreet van 12 juli 2013, met uitzondering van de aanduiding van de plaats van de aanplakking van het bericht over het openbaar onderzoek op het gegeorefereerde plan;
12° in voorkomend geval, het grondruilplan, vermeld in artikel 2.1.65 van het decreet van 28 maart 2014 betreffende de landinrichting;
13° in voorkomend geval, de inrichtingsnota, vermeld in artikel 4.2.1 van het decreet van 28 maart 2014 betreffende de landinrichting;
14° in voorkomend geval, een overzicht van de instrumenten waarover samen met het ruimtelijk uitvoeringsplan een beslissing genomen wordt door de bevoegde overheid om die aspecten te regelen of om de maatregelen of voorwaarden te bepalen die de bevoegde overheid op basis van het planningsproces, in het bijzonder de effectbeoordelingen, noodzakelijk acht voor de vaststelling van het ruimtelijk uitvoeringsplan en die niet geregeld worden met toepassing van punten 1° tot en met 13°;
15° in voorkomend geval het rooilijnplan, vermeld in het decreet van 8 mei 2009 houdende vaststelling en realisatie van de gewestelijke rooilijnen en het decreet van 3 mei 2019 houdende de gemeentewegen.
Het grafische plan dat aangeeft voor welk gebied of welke gebieden het plan van toepassing is en de bijbehorende stedenbouwkundige voorschriften hebben verordenende kracht.
Besluit van de Vlaamse Regering betreffende het geïntegreerde planningsproces voor ruimtelijke uitvoeringsplannen, planmilieueffectrapportage, ruimtelijke veiligheidsrapportage en andere effectbeoordelingen van 17/02/2017.
Het Gemeentelijk Ruimtelijk Structuurplan Roeselare goedgekeurd door de Deputatie op 2 augustus 2012.
Het Provinciaal Ruimtelijk Structuurplan, waarvan tweede partiële herziening goedgekeurd werd door de Vlaamse Regering op 20 januari 2020.
Het Ruimtelijk Structuurplan Vlaanderen, waarvan de tweede herziening werd goedgekeurd op 17 december 2010 definitief werd vastgesteld.
De Strategische visie van het Beleidsplan Ruimte Vlaanderen, goedgekeurd door de Vlaamse Regering op 20 juli 2018.
Voorafgaand aan de start van de opmaak van dit Gemeentelijk Ruimtelijk Uitvoeringsplan werd door de gemeenteraad op 17 februari 2020 een gedeeltelijk positief planologisch attest met voorwaarden afgeleverd aan het autobedrijf Vander Stichele. Conform aan de kortetermijnvisie van dit planologisch attest verleende het college van burgemeester en schepenen op 11 oktober 2021 een omgevingsvergunning aan dit bedrijf.
In navolging van dit gedeeltelijk positief afgeleverd planologisch attest wordt een Gemeentelijk Ruimtelijk Uitvoeringsplan opgemaakt. De opmaak van dit Gemeentelijk Ruimtelijk Uitvoeringsplan doorliep de volgende fasen:
Doel
Het Gemeentelijk Ruimtelijk Uitvoeringsplan 'Vander Stichele' heeft als doel:
Advies Gecoro na openbaar onderzoek en verwerking
De gemeenteraad stelde het ontwerp-RUP voorlopig vast op 25 maart 2024. Van 3 mei tot en met 1 juli 2024 liep het openbaar onderzoek. Tijdens deze periode maakten het Departement Omgeving en de Provincie West-Vlaanderen een advies over aan de Gecoro. Aan de Gecoro werden ook 1 bezwaar en 1 opmerking overgemaakt.
Volgens het artikel 2.2.21. §.5. bundelt en coördineert de gemeentelijke commissie voor ruimtelijke ordening (Gecoro) alle adviezen, opmerkingen en bezwaren en brengt binnen negentig dagen na het einde van het openbaar onderzoek gemotiveerd advies uit bij de gemeenteraad. Het advies bevat de integrale adviezen van de Deputatie en van het Departement. Op hetzelfde ogenblik bezorgt de Gecoro het college van burgemeester en schepenen de gebundelde adviezen, opmerkingen en bezwaren.
Op basis van dit artikel werd op 23 september 2024 een Gecorozitting georganiseerd. Op basis van de ontvangen adviezen en bezwaren bracht de Gecoro een advies uit. Daarna werden deze adviezen verwerkt in zitting van het College van Burgemeester en Schepenen van 21 oktober 2024.
Definitieve vaststelling Gemeenteraad
Het ontwerp van Gemeentelijk Ruimtelijk uitvoeringsplan wordt voorgelegd aan de Gemeenteraad tot definitieve vaststelling op 18 november 2024.
Het integrale advies van de Gecoro wordt gevolgd, behalve het punt waarbij geen consensus werd bereikt bij het bepalen van een percentage aan onbebouwde ruimte. Dit in afwijking van het percentage van minimum 30% aan onbebouwde ruimte in het artikel 7.3. 'aandeel onbebouwde ruimte' van de algemene stedenbouwkundige verordening van de Stad die op 1 september 2024 in werking trad.
Het voorstel is om met het RUP een onbebouwde ruimte met een hoofdzakelijk groen karakter vast te leggen. Dit met een minimaal percentage die de oppervlaktes omvat van de:
Met dit percentage wijkt het RUP af van het artikel 7.3. ‘aandeel onbebouwde ruimte’ van de algemene stedenbouwkundige verordening van de Stad. Het RUP voorziet deze afwijking omdat het RUP een uitvoering is van een eerder afgeleverd planologisch attest in functie van een uitbreiding van een bedrijf.
Het ontwerp omvat de volgende documenten die volgens de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening zijn opgelegd:
Geen Plan-MER en geen Ruimtelijk Veiligheidsrapport
Voor dit Gemeentelijk Ruimtelijk Uitvoeringsplan hoeft geen:
Volgende stappen:
Na definitieve vaststelling door de gemeenteraad op 18 november 2024 beschikt de hogere overheid (Departement Omgeving en de Provincie West-Vlaanderen) over een schorsingstermijn van 45 dagen. Na afloop van deze termijn en indien de hogere overheid dit plan niet heeft geschorst wordt de definitieve vaststelling van dit plan gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad. Veertien dagen na publicatie is dit plan van kracht.
Er zijn geen financiële gevolgen aan dit besluit.
Het ontwerp van het Gemeentelijk Ruimtelijk Uitvoeringsplan 'Vander Stichele' wordt definitief vastgesteld.
Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening (VCRO) d.d. 15 mei 2009 en latere wijzigingen: T2. Planning – H2. Ruimtelijke uitvoeringsplannen – Afdeling 1 Algemene bepalingen & Afdeling 4 Gemeentelijke Ruimtelijke Uitvoeringsplannen:
Artikel 2.2.21. van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening (VCRO) stipuleert dat de gemeenteraad het ontwerp van het gemeentelijk ruimtelijk uitvoeringsplan definitief vaststelt. Bij de definitieve vaststelling van het plan kunnen ten opzichte van het voorlopig vastgestelde plan alleen wijzigingen worden aangebracht die gebaseerd zijn op of voortvloeien uit de tijdens het openbaar onderzoek geformuleerde bezwaren en opmerkingen, of uit de adviezen, uitgebracht door de aangewezen diensten en overheden, of uit het advies van de gemeentelijke commissie voor ruimtelijke ordening.
Artikel 2.2.4. van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening (VCRO) bepaalt dat:
§ 1. Het geïntegreerde planningsproces uit vijf fasen bestaat, waarbij het resultaat telkens geconsolideerd wordt in een van de volgende documenten:
1° de startnota;
2° de scopingnota;
3° het voorontwerp van ruimtelijk uitvoeringsplan;
4° het ontwerp van ruimtelijk uitvoeringsplan;
5° het definitieve ruimtelijk uitvoeringsplan.
De informatie over de inspraak of adviesvraag in elke fase geeft duidelijk aan waarover de inspraak of adviesvraag gaat.
Artikel 2.2.5. van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening (VCRO) bepaalt dat:
§ 1. Een ruimtelijk uitvoeringsplan de volgende zaken bevat:
1° een beschrijving en verantwoording van de doelstellingen van het plan;
2° een grafisch plan dat aangeeft voor welk gebied of welke gebieden het plan van toepassing is;
3° de bijbehorende stedenbouwkundige voorschriften inzake de bestemming, de inrichting of het beheer en, in voorkomend geval, de normen, vermeld in artikel 5.96 en 5.97 van de Vlaamse Codex Wonen van 2021;
4° een weergave van de juridische toestand;
5° een weergave van de feitelijke ruimtelijke toestand en de toestand van het leefmilieu, de natuur en andere relevante feitelijke gegevens;
6° de relatie met het ruimtelijk structuurplan of ruimtelijk beleidsplan of de ruimtelijke structuurplannen of ruimtelijke beleidsplannen waarvan het een uitvoering is en, in voorkomend geval, een omschrijving van andere relevante beleidsplannen;
7° in voorkomend geval, een limitatieve opgave van de voorschriften die strijdig zijn met het ruimtelijk uitvoeringsplan en die opgeheven worden;
8° de kwaliteitsbeoordeling en, in voorkomend geval, de verklaring, vermeld in artikel 4.2.11, § 7, eerste lid, 2°, van het decreet van 5 april 1995 houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid, en, in voorkomend geval, een overzicht van de conclusies van de volgende effectbeoordelingen waarbij aangegeven wordt hoe die geïntegreerd zijn in het plan:
a) het planmilieueffectrapport;
b) de passende beoordeling;
c) het ruimtelijk veiligheidsrapport;
d) andere verplicht voorgeschreven of gemaakte effectenrapporten;
in voorkomend geval de monitoringsmaatregelen in het kader van de uitgevoerde effectbeoordelingen;
9° in voorkomend geval, een register, al dan niet grafisch, van de percelen waarop een bestemmingswijziging wordt doorgevoerd die aanleiding kan geven tot een planschadevergoeding als vermeld in artikel 2.6.1 van deze codex, een planbatenheffing als vermeld in artikel 2.6.4 van deze codex, of een compensatie als vermeld in boek 6, titel 2 of titel 3, van het decreet van 27 maart 2009 betreffende het grond- en pandenbeleid;
10° in voorkomend geval, een register, al dan niet grafisch, van de percelen waarop een bestemmingswijziging wordt doorgevoerd of een overdruk wordt toegevoegd die aanleiding kan geven tot gebruikerscompensatie als vermeld in het decreet van 27 maart 2009 houdende vaststelling van een kader voor de gebruikerscompensatie bij bestemmingswijzigingen;
11° voor de gewestelijke ruimtelijke uitvoeringsplannen, in voorkomend geval, een overzicht van de geheel of gedeeltelijk gewijzigde of opgeheven erkennings-, rangschikkings- en beschermingsbesluiten inzake onroerend erfgoed, samen met de gegevens, vermeld in artikel 6.2.5 van het Onroerenderfgoeddecreet van 12 juli 2013, met uitzondering van de aanduiding van de plaats van de aanplakking van het bericht over het openbaar onderzoek op het gegeorefereerde plan;
12° in voorkomend geval, het grondruilplan, vermeld in artikel 2.1.65 van het decreet van 28 maart 2014 betreffende de landinrichting;
13° in voorkomend geval, de inrichtingsnota, vermeld in artikel 4.2.1 van het decreet van 28 maart 2014 betreffende de landinrichting;
14° in voorkomend geval, een overzicht van de instrumenten waarover samen met het ruimtelijk uitvoeringsplan een beslissing genomen wordt door de bevoegde overheid om die aspecten te regelen of om de maatregelen of voorwaarden te bepalen die de bevoegde overheid op basis van het planningsproces, in het bijzonder de effectbeoordelingen, noodzakelijk acht voor de vaststelling van het ruimtelijk uitvoeringsplan en die niet geregeld worden met toepassing van punten 1° tot en met 13°;
15° in voorkomend geval het rooilijnplan, vermeld in het decreet van 8 mei 2009 houdende vaststelling en realisatie van de gewestelijke rooilijnen en het decreet van 3 mei 2019 houdende de gemeentewegen.
Het grafische plan dat aangeeft voor welk gebied of welke gebieden het plan van toepassing is en de bijbehorende stedenbouwkundige voorschriften hebben verordenende kracht.
Besluit van de Vlaamse Regering betreffende het geïntegreerde planningsproces voor ruimtelijke uitvoeringsplannen, planmilieueffectrapportage, ruimtelijke veiligheidsrapportage en andere effectbeoordelingen van 17/02/2017.
Het Gemeentelijk Ruimtelijk Structuurplan Roeselare goedgekeurd door de Deputatie op 2 augustus 2012.
Het Provinciaal Ruimtelijk Structuurplan, waarvan tweede partiële herziening goedgekeurd werd door de Vlaamse Regering op 20 januari 2020.
Het Ruimtelijk Structuurplan Vlaanderen, waarvan de tweede herziening werd goedgekeurd op 17 december 2010 definitief werd vastgesteld.
De Strategische visie van het Beleidsplan Ruimte Vlaanderen, goedgekeurd door de Vlaamse Regering op 20 juli 2018.
De opmaak van het Gemeentelijk Ruimtelijk Uitvoeringsplan 'Izegemsestraat' doorliep de volgende fasen:
Doel
De opmaak van het Gemeentelijk Ruimtelijk Uitvoeringsplan 'Izegemsestraat' heeft als doel:
Advies Gecoro na openbaar onderzoek en verwerking
De gemeenteraad stelde het ontwerp-RUP voorlopig vast op 25 maart 2024. Van 3 mei tot en met 1 juli 2024 liep het openbaar onderzoek. Tijdens deze periode maakten het Departement Omgeving en de Provincie West-Vlaanderen een advies over aan de Gecoro. Aan de Gecoro werden geen bezwaren overgemaakt.
Volgens het artikel 2.2.21. §.5. bundelt en coördineert de gemeentelijke commissie voor ruimtelijke ordening (Gecoro) alle adviezen, opmerkingen en bezwaren en brengt binnen negentig dagen na het einde van het openbaar onderzoek gemotiveerd advies uit bij de gemeenteraad. Het advies bevat de integrale adviezen van de Deputatie en van het Departement. Op hetzelfde ogenblik bezorgt de Gecoro het college van burgemeester en schepenen de gebundelde adviezen, opmerkingen en bezwaren.
Op basis van dit artikel werd op 23 september 2024 een Gecorozitting georganiseerd. Op basis van de ontvangen adviezen en bezwaren bracht de Gecoro een advies uit. Daarna werden deze adviezen verwerkt in zitting van het College van Burgemeester en Schepenen van 21 oktober 2024.
Definitieve vaststelling Gemeenteraad
Het ontwerp van Gemeentelijk Ruimtelijk uitvoeringsplan wordt voorgelegd aan de Gemeenteraad tot definitieve vaststelling op 18 november 2024.
Het integrale advies van de Gecoro wordt gevolgd, behalve het punt waarbij geen consensus werd bereikt bij het bepalen van een percentage aan onbebouwde ruimte. Dit in afwijking van het percentage van minimum 30% aan onbebouwde ruimte in het artikel 7.3. 'aandeel onbebouwde ruimte' van de algemene stedenbouwkundige verordening van de Stad die op 1 september 2024 in werking trad. Het voorstel is om met het RUP een onbebouwde ruimte met een hoofdzakelijk groen karakter vast te leggen. Dit met een minimaal percentage die de oppervlaktes omvat van de:
Met dit percentage wijkt het RUP af van het artikel 7.3. ‘aandeel onbebouwde ruimte’ van de algemene stedenbouwkundige verordening van de Stad. Het RUP voorziet deze afwijking omdat het RUP een voldoende aandeel aan onbebouwde ruimte met een groen karakter voorziet met de overdruk 1a 'zone voor multifunctioneel groen en buurtondersteunende functies', overdruk 1b 'bufferzone' en indicatieve aanduiding 1c 'groenblauwe verbinding'.
Aan de hand van het advies van de Gecoro dat werd gevolgd worden aan de stedenbouwkundige voorschriften en aan de toelichtende nota aanpassingen doorgevoerd (zie verslag Gecoro en adviezen in bijlage).
Het ontwerp omvat de volgende documenten die volgens de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening zijn opgelegd:
Geen Plan-MER en geen Ruimtelijk Veiligheidsrapport
Voor dit Gemeentelijk Ruimtelijk Uitvoeringsplan hoeft geen:
Opheffen van verkaveling
Met dit ontwerp van Gemeentelijk Ruimtelijk Uitvoeringsplan wordt de verkaveling VK 719/1 d.d. 29 augustus 1963 opgeheven.
Volgende stappen:
Na definitieve vaststelling door de gemeenteraad op 18 november 2024 beschikt de hogere overheid (Departement Omgeving en de Provincie West-Vlaanderen) over een schorsingstermijn van 45 dagen. Na afloop van deze termijn en indien de hogere overheid dit plan niet heeft geschorst wordt de definitieve vaststelling van dit plan gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad. Veertien dagen na publicatie is dit plan van kracht.
Er zijn geen financiële gevolgen aan dit besluit.
Het ontwerp van het Gemeentelijk Ruimtelijk Uitvoeringsplan 'Izegemsestraat' wordt definitief vastgesteld. Met dit ontwerp van Gemeentelijk Ruimtelijk Uitvoeringsplan wordt de verkaveling VK 719/1 d.d. 29 augustus 1963 opgeheven.
Decreet op de begraafplaatsen en de lijkbezorging van 16 januari 2004.
De huidige administratieve verordening dateert van 2014 en ging van kracht op 1 januari 2015. Dit is ondertussen 10 jaar geleden. Door de jaren heen wijzigden er een aantal (eerder beperkte) zaken binnen de werking en de materie van de begraafplaatsen waardoor een actualisatie van de administratieve verordening zich opdrong. Ook werden we in 2023 op de hoogte gesteld van het feit dat er vanuit Vlaanderen een aantal wijzigingen in voorbereiding waren die het decreet van 16 januari 2004 betreffende de begraafplaatsen en de lijkbezorging op een aantal vlakken zou wijzigen. Op 9 februari 2024 keurde het Vlaams Parlement de definitieve tekst goed. De wijzigingen traden in werking op 15 maart 2024.
Met de voorliggende wijzigingen van de administratieve verordening werden de nodige wijzigingen aangebracht zodat de verordening kan toegepast worden op de actuele manier van werken en ook de nieuwe zaken bevat die met de wijziging van het decreet van 16 januari 2004 betreffende de begraafplaatsen en de lijkbezorging werden mogelijk gemaakt.
Volgende zaken werden aangepast:
Decreet op de begraafplaatsen en de lijkbezorging van 16 januari 2004.
Er zijn geen financiële gevolgen voor de stad.
De voorgestelde aanpassingen aan de administratieve verordening van de begraafplaatsen worden goedgekeurd zoals in bijlage gevoegd.
In antwoord op mijn schriftelijke vraag van 13 september jl over het aantreffen en de behandeling van injectienaalden/spuiten op het openbaar domein verwijst u naar de meldingsprocedure (1788 binnen- en 101 buiten de bureeluren). Op mijn bezorgdheid rond de veiligheid verzekerde u dat de medewerkers die de naalden gaan ophalen over de nodige persoonlijke beschermingskledij beschikken (prikwerende handschoenen), een naaldcontainer en een Kochertang om de naalden te kunnen vastnemen. Opruiming zou binnen het uur gebeuren en het personeel heeft de nodige veiligheidsinstructies gekregen om op een veilige manier met de naalden om te gaan.
Dit is alvast bemoedigend. Maar wat met de preventie naar onze burgers toe? Nergens op de webstek van RSL kon ik iets aantreffen over hoe de burger die dergelijke naalden (of ander druggerelateerde zaken) ontdekt moet doen.
Nergens vond ik informatie over de gevaren van dergelijke naalden bij fysisch contact: infectie met gevaarlijk ziekten, zoals HIV, Hepatitis… en het gevaar op overdosis bij injectienaalden waar zware drugs mee werden geïnjecteerd. Ik heb het al verschillende malen aangehaald dat het in aanraking komen met een heel minieme dosis van zware drugs, zoals de in opmars zijnde drug fentanyl en carfentanyl, kan leiden tot een overdosis en dit niet allen door een prik maar gewoon via opname langs de huid.
Dit jaar al waren er blijkbaar al 14 gevallen van aantreffen van naalden. In één geval althans is de politie zelfs tussengekomen voor het aantreffen van naalden in een grootwarenhuis in Roeselare. Het zal je maar overkomen dat je iets uit de rekken wil halen en je in contact komt met iets dat gevaarlijke stoffen bevat.
Dit jaar weet ik dat er in onze wijk al een naalden werden aangetroffen in een gazon waar de Chiro geregeld activiteiten houdt en in de nabijheid van twee lagere scholen.
Laat me duidelijk zijn: het is niet het doel angst aan te wakkeren of iedereen schrik aan te jagen die gaat wandelen in een park of langs de straat. Maar we moeten wel duidelijk informatie verschaffen aan onze burgers, van jong tot oud, wat te doen als ze dergelijke zaken aantreffen.
Daarom leg ik volgend voorstel voor ter beslissing:
De gemeenteraad, in zitting bij elkaar op 18 november 2024,geeft het college van burgemeester en schepenen opdracht om een preventiecampagne te voeren naar de bevolking toe om ongevallen met aangetroffen naalden/spuiten te vermijden door o.a.:
Dit zowel op de webstek RSL via de pagina over drugs en via zoekterm “naalden”, “injectiespuiten”, “spuiten” … als in de eerstvolgende brochure “Veiligheid”.
1. In mei 2020 heeft Matthias Diependaele, toenmalig minister van onroerend erfgoed, de stad als nieuwe onroerenderfgoedgemeente erkend. Daarbij neemt de stad een aantal bevoegdheden over van het agentschap onroerend erfgoed. Uiteraard diende de stad zich hiervoor kandidaat te stellen en een dossier samen te stellen met de belangrijkste erfgoedfactoren. In het dossier staat letterlijk : Roeselare wens het imago van historische stad te behouden en te versterken.
2. Recentelijk stond in de pers dat Roeselare een nieuw erfgoeddepot wil inplanten in de vroegere administratieve gebouwen van AZ Delta. Het wordt een fors project met een grote financiële input van de stad ( € 2,5 miljoen ).
Roeselare heeft dus iets met erfgoed en wil zich op dit punt profileren. De oude stedelijke begraafplaats wordt besproken als bouwkundig erfgoed en valt onder de 800 items in Roeselare die niet beschermd zijn maar een grote culturele waarde hebben. Bepaalde praalgraven worden wel erkend.
Het verbaast mij dat de hele site niet kan erkend en beschermd worden. Nochtans zijn hier verschillende componenten aanwezig : Onder de lijst van beschermde monumenten zijn er die refereren naar de 1ste en 2de wereldoorlog. Er zijn diverse militaire begraafplaatsen op dit kerkhof aanwezig : Franse, Britse en een monument voor de Belgische oorlogsslachtoffers. De geschiedenis weerspiegelt zich in de grafmonumenten van bekende Roeselaarnaars oa. kunstschilder Alfons Blomme en Albrecht Rodenbach. Maar ook in de grafmonumenten van de 'Nieuwmarkters. Landschappelijk zijn er de dreven met oude bomen en vanuit de hoofdingang aan de Blekerijstraat kijkt men recht naar de St. Michielskerk. Ondertussen werd het kerkhof deels vergroend en toegankelijker voor voetgangers en fietsers.
Ik vind het heel belangrijk dat dit kerkhof zijn functie als laatste rustplaats behoudt en in ere wordt gehouden.
Ik ben op de hoogte dat Dhr. Brecht Vermeulen al een dergelijk voorstel formuleerde. Dit werd toen verworpen. Nu Roeselare zich opwerpt als erfgoed'deskundige' mag het m.i. de oude begraafplaats niet laten liggen. Het is een enorme troef die ondergesneeuwd raakt.
Voorstel tot beslissing: De gemeenteraad geeft aan het college van burgemeester en schepenen de opdracht om alle maatregelen te nemen om de oude stedelijke begraafplaats van Roeselare als beschermd erfgoed te laten erkennen.