In toepassing van het huishoudelijk reglement van de gemeenteraad worden de notulen en het zittingsverslag van de zitting van de gemeenteraad van 27 mei 2024 ter goedkeuring voorgelegd.
De notulen en het zittingsverslag van de zitting van de gemeenteraad van 27 mei 2024 worden goedgekeurd.
In januari heb ik de vraag gesteld over het drastisch verminderen van het aantal geldautomaten en de vaststelling dat in Beveren binnenkort de laatste geldautomaat definitief verdwijnt. Het hoeft geen uitleg dat dit een drama is voor mensen die minder mobiel zijn en ook lokale handelaars en kwetsbare doelgroepen die niet mee zijn met de digitale sneltrein zijn de dupe van deze besparingsoperatie.
De burgemeester deelde die bezorgdheid en onderstreepte het belang van nabije dienstverlening en beloofde om samen met de banksector naar oplossingen te zoeken.
Ik hoop dat die onderhandelingen tot een positief resultaat hebben geleid en ben benieuwd naar het antwoord.
Voor het antwoord zie audio-opname en schriftelijke weergave.
di 25/06/2024 - 15:51Roeselare kwam de laatste maanden regelmatig in de nationale pers owv incidenten en problemen met flakka-gebruikers. Eind mei viel er midden in ons stadscentrum een verslaafde man van de vierde verdieping en overleed ter plaatse.
Flakka is misschien de laatste tijd iets minder aanwezig in het stadscentrum (galerij Sint-Michiel) maar lijkt zich te verplaatsen naar de stationsomgeving en naar wijken en deelgemeenten.
Vele burgers zien steeds vaker gebruikers en ervaren overlast. Zo circuleerde vorige week een bericht op Facebook over gebruikte naalden die teruggevonden werden in Rumbeke.
Wat zal de stad ondernemen om dealers weg te houden aan de scholen en de stationsomgeving?
Is er een plan van aanpak om drugscontroles in de deelgemeenten te verhogen?
Voor het antwoord zie audio-opname en schriftelijke weergave.
di 25/06/2024 - 15:51Op heel wat plaatsen in onze stad staan glascontainers. Helaas stellen we te vaak vast dat op plaatsen rond deze containers ook ander afval gedumpt wordt. Zwerfvuil wordt achtergelaten waardoor de omgeving er vaak erg vuil en onaangenaam bij ligt. Vooral voor buurtbewoners is dit niet fijn.
Daarom mijn vraag.
Welke controles en opvolging gebeurt er bij de vaststelling van sluikstorten in de buurt van glascontainers ?
Voor het antwoord zie audio-opname en schriftelijke weergave.
di 25/06/2024 - 15:52Steden die het geluid van wilde knalpotten grondig beu zijn, overwegen de aanschaf en het plaatsen van geluidsflitspalen. Brussel en Gent gaan voorop in deze wens en zij volgen daarom goed op wat er in Frankrijk en Nederland aan het gebeuren is. De Belgische wetgeving is overduidelijk : brommers, motoren en auto's mogen niet meer dan 95 decibel produceren. Met deze technologie kunnen voertuigen die de geluidslimiet overschrijden opsporen en bestraffen?
Wordt dit ook in Roeselare als een mogelijke noodzaak gezien?
Voor het antwoord zie audio-opname en schriftelijke weergave.
di 25/06/2024 - 15:52Het aanbod van Spil en Arhus wordt door vele scholen als zeer de moeite beschouwd. Het is echter zo dat voor meerdere scholen de weg er naar toe geen evidentie is. Gevolg : met jongere kinderen moet bijna elke keer een bus ingelegd worden om zich richting Arhus of Spil te begeven, wat iedere keer een behoorlijke hap uit de maximumfactuur betekent.
Vraag : Zou de bereikbaarheid van Arhus en Spil voor basisscholen eens kunnen bekeken worden?
Voor het antwoord zie audio-opname en schriftelijke weergave.
di 25/06/2024 - 15:52Begin juni voerde de PZ RIHO controleacties uit bij 18 dag- en nachtwinkels in Roeselare en Hooglede in samenwerking met de sociale inspectie, douane en FAVV. Daarbij werden onder andere verboden wapens gevonden, maar werd ook verkoop van illegale vapetoestellen, illegale tabak en verboden cosmeticaproducten vastgesteld. Ook werden er personen aangetroffen die illegaal tewerkgesteld waren en de inspectiediensten stelden ook nog inbreuken vast op ontduiking van accijnzen.
Het Vlaams Belang heeft in het verleden al diverse malen gewag gemaakt van onze vermoedens i.v.m. deze illegale praktijken en wenst hier nogmaals uitdrukkelijk de PZ RIHO te bedanken en te feliciteren met deze succesvolle controles.
Onze vragen zijn:
Voor het antwoord zie audio-opname en schriftelijke weergave.
di 25/06/2024 - 15:52De invoering van de fietszone in Rumbeke en van de zone 30 in Roeselare zijn twee belangrijke ingrepen in mobiliteit die zowel voor de veiligheid van de zwakke weggebruiker als voor een aangename en gezonde leef- en woonomgeving moeten zorgen.
De invoering is één. De implementatie en de handhaving van deze zones is een zeer belangrijke volgende.
Mijn vraag:
Voor het antwoord zie audio-opname en schriftelijke weergave.
di 25/06/2024 - 15:52Zondag 9 juni trokken we naar de stembus voor de Vlaamse, federale en Europese verkiezingen. Hier en daar waren er signalen over wat problemen in de stemlokalen. Er was onder meer sprake van stemcomputers die uitvielen of andere technische problemen (bv. in De Brug). Sommige 16- of 17-jarigen, die Europees mochten stemmen, konden in sommige stembureaus blijkbaar een stem uitbrengen voor het Vlaams parlement of de Kamer. Op sociale media werden ook foto's gedeeld van lange wachtrijen.
Vandaar mijn vragen:
Voor het antwoord zie audio-opname en schriftelijke weergave.
di 25/06/2024 - 15:52Op 9 juni mochten we weer allemaal onze stem uitbrengen. De stad staat daarbij in voor het ter beschikking stellen van de lokalen en de organisatie van de stembureaus. Al hoorden wij hier en daar dat er toch nog steeds ruimte is voor verbetering. In sommige bureaus stond een lange rij mensen aan te schuiven, terwijl het stembureau waar ze eigenlijk moesten zijn beschikbaar was. Ze stonden als het ware in de verkeerde rij. Ook ouderen en mensen met een beperking kwamen dikwijls in zo’n overbodige rij, terwijl ze voorrang zouden moeten krijgen. Borden die dat aangeven stonden pas vlak voor het stembureau en werden zo te laat opgemerkt.
Welke evaluatie maakt de stad hierover en op welke manier willen we pijnpunten aanpakken?
Voor het antwoord zie audio-opname en schriftelijke weergave.
di 25/06/2024 - 15:53Omzendbrief BB-2013/01 van de Vlaamse Minister van Bestuurszaken, Binnenlands Bestuur, Inburgering, Toerisme en Vlaamse Rand.
De rekening voor het dienstjaar 2023 van de verschillende kerkfabrieken en de Protestantse kerk werd nagezien door de financieel directeur. De opmerkingen zijn opgenomen in bijlage.
De jaarrekeningen zijn correct en volledig.
Alle vereiste stukken zijn bijgevoegd. Ook is er telkens een inhoudelijke toelichting te vinden m.b.t. 2023.
In concreto werd er een bedrag van 479.498 euro betaald, terwijl het effectief tekort dat uit de rekeningen blijkt 383.780 euro is. Er werd aldus 95.717 euro ‘teveel’ betaald over alle kerkfabrieken heen.
Er wordt vastgesteld dat dit bedrag vroegere jaren veel hoger was dan de laatste jaren; dit omdat er met het centraal kerkbestuur en de Protestanten enige afspraken werden gemaakt die de vraag naar extra toelagen beperkt houdt (o.a. solidariteitsprincipe, interne kredietaanpassingen over de hoofdrubrieken heen, nazicht of laatste 12de nog dient te worden betaald). Ook stuurde het centraal kerkbestuur richtlijnen uit naar alle kerkfabrieken m.b.t. een aantal toe te passen maatregelen en/of afspraken.
Wat de investeringen betreft, werd een totaal bedrag van 48.523 euro uitbetaald. Deze betroffen uitgaven i.h.k.v. het calamiteitenplan (diverse kerkfabrieken), vernieuwen stookplaats (Heilige Godelieve), elektriciteitswerken en renovatie verwarmingsinstallatie (Sint-Michiel).
Artikel 55 van het decreet van 7 mei 2004 betreffende de materiële organisatie en werking van de erkende erediensten en latere wijzigingen.
Er zijn geen financiële gevolgen.
De rekeningen van de hiernavermelde eredienstbesturen van de Stad Roeselare voor het dienstjaar 2023 worden gunstig geadviseerd :
De rekeningen zijn onderworpen aan de goedkeuring van de gouverneur van de provincie West-Vlaanderen.
Een exemplaar van deze beslissing wordt bezorgd aan:
Artikel 41, 42, 43 van het decreet op de eredienstbesturen
In de gemeenteraadszitting van 16 december 2019 werd het meerjarenplan 2020-2025 van de kerkfabriek Onze-Lieve-Vrouw goedgekeurd. Deze werd gewijzigd en door de gemeenteraad goedgekeurd op 29 juni 2020, 20 december 2021 en 21 november 2022 en 20 november 2023.
In toepassing van art. 42 van het eredienstendecreet werden op 28 mei 2024 de meerjarenplanwijziging 2020-2025, opgemaakt op 13 mei 2024 en 18 mei 2024, van de kerkfabriek Onze-Lieve-Vrouw bezorgd.
In toepassing van art. 6 van het besluit van de Vlaamse Regering betreffende het algemeen reglement op de boekhouding van de besturen van de erkende erediensten en van de centrale besturen van de erkende erediensten bestaat het meerjarenplan uit een strategische nota, een financiële nota en in voorkomend geval een opsomming van de afspraken met de Stad.
Deze meerjarenplanwijzigingen werden nagezien door de financieel directeur:
De kerkfabriek voerde twee meerjarenplanwijzigingen door n.a.v. de wijzigingen die in het budget werden doorgevoerd.
De budgetten dienen namelijk steeds te passen binnen de meerjarenplanning.
De eerste wijziging gebeurde n.a.v. de eerste twee budgetwijzigingen; de tweede n.a.v. de derde budgetwijziging.
Dit heeft geen impact voor de stad.
Het Bisdom verleende gunstig advies over de meerjarenplanwijzigingen op 28 mei 2024.
Artikel 43 van het eredienstendecreet
De nodige kredieten zijn voorzien in het meerjarenplan van de Stad.
De meerjarenplanwijziging 2020-2025, opgemaakt op 13 mei en 18 mei 2024, van de kerkfabriek Onze-Lieve-Vrouw worden goedgekeurd.
Een exemplaar van deze beslissing wordt bezorgd aan:
- de provinciegouverneur
- het Centraal Kerkbestuur
- de kerkfabriek Onze-Lieve-Vrouw
- Bisdom Brugge, Heilige Geeststraat 4, 8000 Brugge
In toepassing van art. 50 van het decreet d.d. 7 mei 2004 betreffende de materiële organisatie en werking van de erkende erediensten werd door het Centraal Kerkbestuur budgetwijzigingen van de kerkfabriek Onze-Lieve-Vrouw m.b.t het budget 2024 ingediend bij de Stad.
In de gemeenteraadszitting van 20 november 2023 werd akte genomen van het budget 2024 van de kerkfabriek Onze-Lieve-Vrouw.
In de gemeenteraadszitting van 16 december 2019 werd het meerjarenplan 2020-2025 van de kerkfabriek Onze-Lieve-Vrouw goedgekeurd. Dit meerjarenplan werd gewijzigd en door de gemeenteraad goedgekeurd in zitting van 29 juni 2020, 20 december 2021, 21 november 2022, 20 november 2023 en zitting van heden.
De budgetwijzigingen werden nagezien door de financieel directeur:
Kerkfabriek Onze-Lieve-Vrouw voerde een aantal budgetwijzigingen door.
De eerste wijziging hield in dat de oorspronkelijke exploitatietoelage vermindert met 10.000 euro.
Dit had geen impact op de stadstoelage 2024, gezien dit reeds vooraf was meegedeeld door de kerkfabriek en met de verminderde toelage rekening is gehouden in ons meerjarenplan.
Daarnaast werden de budgetten in investeringen correct gezet, dit zonder impact op de stadstoelage.
De daaropvolgende wijziging betrof een wijziging in investeringen, dit i.h.k.v. het privaat patrimonium.
Ook deze wijziging had geen impact op de door de stad te betalen toelagen, gezien dit privaat patrimonium betreft.
De derde wijziging betreft een wijziging in exploitatie. Deze heeft een impact op de stadstoelage (+16.450 euro).
Dit heeft te maken met de eindafrekening van Engie, die bijna 14.000 euro bedraagt.
De kerkfabriek is ondertussen al overgestapt naar een andere leverancier die veel hogere – maar blijkbaar meer realistische – voorschotten vraagt.
Door de hogere voorschotten enerzijds en de onverwachte hoge afrekening van Engie anderzijds, kan de kerkfabriek dit niet meer betalen zonder een bijkomende toelage van de stad.
Dit bijkomend bedrag wordt opgenomen in onze AMJP7 (aanpassing meerjarenplan 7).
Deze budgetwijzigingen worden ter aktename voorgelegd gezien deze kaderen binnen het goedgekeurd meerjarenplan.
Artikelen 48, 49 en 50 van het decreet op de eredienstbesturen.
De kredieten zijn voorzien in het meerjarenplan.
Visum onder voorwaarde van goedkeuring AMJP7: 2024/502 dd. 06/06/2024
Kredietcontrole: Momenteel beschikbaar op budgetsleutel: 29.101,79 euro
Er wordt akte genomen van de budgetwijzigingen 2024 van de kerkfabriek Onze-Lieve-Vrouw.
Een exemplaar van deze beslissing wordt bezorgd aan:
In het verleden werden door de Stad restgronden aan 'aanpalende grondeigenaars' verkocht volgens de procedure beschreven in het Decreet Lokaal Bestuur (art. 293) en de omzendbrieven ter zake dd. 12 februari 2010 en dd. 03 mei 2019. De vraag tot verkoop kwam altijd van de 'aanpalende eigenaars'. Het betreft meerdere vragen per jaar die via diverse kanalen werden doorgestuurd. In zitting van de gemeenteraad dd. 25 mei 2020 werd een principekader goedgekeurd die de nieuw te volgen procedure vastlegt.
Er werd een aanvraag ingediend door de eigenaar van Diksmuidsesteenweg 384 om een perceel gelegen in de Diksmuidsesteenweg aan te kopen. Deze aanvraag werd onderworpen aan de verschillende toetsingen van het principekader.
Door de eigenaar van Diksmuidsesteenweg 384 werd een aanvraag ingediend om een restgrond te kunnen kopen. LCV Real Estate nv wenst een bedrijvenpark met KMO-units en kantoren, parkeergelegenheid en buitenaanleg te ontwikkelen op de site die recent door het bedrijf werd aangekocht gelegen in de Diksmuidsesteenweg 384, 8800 Roeselare. De restgrond zou worden meegenomen in de verdere ontwikkeling van de site.
Na verdere toelichting van het principekader werd vanuit de aanvrager een brief gestuurd gericht aan de stad met de vraag om af te wijken van het principekader. In de brief d.d. 21 november 2023 werd toegelicht wat de reden is voor de vraag van afwijking van §7 omtrent het conventioneel voorkooprecht aan de stad en §8 omtrent de meerwaarde bij vervreemding.
De aanvrager wenst op de site gelegen in de Diksmuidsesteenweg 384, 8800 Roeselare een bedrijvenpark met KMO-units en kantoren op te richten. Bij uitwerking van het project zou het restperceel gebruikt worden voor de aanleg van gemeenschappelijke wegenis en parking en niet voor KMO-units. Het perceel zal bijgevolg deel uit maken van de gemeenschappelijke delen en bij verkoop onder het stelsel van mede-eigendom worden onderworpen. Om deze reden wenst de aanvrager af te wijken van het principekader §7 (conventioneel voorkooprecht) om niet bij iedere (deel)verkoop het voorkooprecht te moeten aanbieden aan de stad en ook af te wijken van het principekader §8 (meerwaarde bij vervreemding) wegens de moeilijkheidsgraad om de meerwaarde van een klein deel van een mede-eigendom van de site te bepalen. De verdere procedure opgenomen in het principekader wordt wel gevolgd.
De aanvraag werd bij het verkennend onderzoek als gunstig beoordeeld mits akkoord met afwijking van het principekader §7 (conventioneel voorkooprecht) en mits niet-akkoord met de afwijking van het principekader §8 (meerwaarde bij vervreemding). De stedenbouwkundige fase werd ook gunstig beoordeeld. De juridische toetsing is gunstig. De adviesaanvragen bij de bevoegde stadsdiensten zijn gunstig mits voorwaarde dat er geen ontsluiting mogelijk is naar de aanpalende site 'Schiervelde'.
Verkennend onderzoek: gunstig mits voorwaarden, Stedenbouwkundige toetsing: gunstig, Juridische toetsing: gunstig en adviesaanvragen bij bevoegde stadsdiensten volgens alle criteria: gunstig mits voorwaarde.
In het college van burgemeester en schepenen van 05 februari 2024 werd de gegunde beëdigd landmeter-schatter aangesteld om een meetplan en schattingsverslag op te maken van het restperceel.
Dit restperceel staat afgebeeld op het opmetingsplan opgemaakt door buro PLANCKE BV, beëdigd landmeter-schatter d.d. 22 maart 2024 en heeft een oppervlakte van 344 m². Het schattingsverslag opgemaakt door buro PLANCKE BV, beëdigd landmeter - schatter d.d. 26 maart 2024 waardeert het perceel restgrond op een totaal bedrag van 48.160,00 euro. Dit schattingsbedrag wordt, verwijzend naar het principekader, verhoogt met een toeslag van 5% van de geschatte prijs met een minimum van 1.000,00 euro en de kostprijs van het opmetingsplan, nl. 1.050,00 euro.
Op basis hiervan werd de minimale verkoopprijs van 54.618,00 euro in de zitting van het college van burgemeester en schepenen van 15 april 2024 goedgekeurd. Na onderhandeling met de aanvrager werd de verkoopprijs van 55.000,00 euro bepaald. Aan notaris Axelle Thiery werd gevraagd om een ontwerp van akte op te maken.
Ontvangsten voor de Stad:
Verkoop restperceel Diksmuidsesteenweg : 55.000,00 euro
De verkoop wordt gekoppeld aan een concrete bestemming van de opbrengsten, m.n. het bomenfonds en de concrete invulling ervan (voorwaarde opgenomen in principekader).
Deze ontvangst zal geboekt worden op budgetsleutel 26000000/005000/ACT-11356.
ACT - 11356 : Oprichten en toekennen van een stedelijk bomenfonds.
Het ontwerp van akte voor de verkoop van het restperceel in de Diksmuidsesteenweg wordt goedgekeurd.
Voor het spijzen van de openbare netten is er een bijkomende elektriciteitscabine nodig. In overleg tussen de Stad Roeselare en Fluvius werd een locatie bepaald op de site van de Stedelijke Basisschool De Brug aan de zijde van de Steenstraat.
Door Fluvius werd aan landmeetkundig bureau Daeninck-Audenaert (9940 Evergem), de opdracht gegeven tot het opmaken van een schatting van de aan te kopen grond. In het schattingsverslag van 27 november 2023 werd aan de grond een waarde van 325,00 euro/m² gegeven. De locatie in het schattingsverslag werd later gewijzigd naar de huidige locatie naast Steenstraat huisnummer 54, maar de criteria om tot de waardebepaling te komen, blijven dezelfde.
Aan de hand daarvan werd een ontwerp van overeenkomst opgemaakt, waarbij de stad Roeselare een perceel grond met een oppervlakte van 21,03 m² verkoopt, volgens het plan ontworpen toestand, gelegen te Roeselare langs de Steenstraat en kadastraal gekend als Roeselare, 1ste afdeling sectie A deel van het perceelnummer 446 B4, aan de opdrachthoudende vereniging “Gaselwest, Intercommunale Maatschappij voor Gas en Elektriciteit van het Westen” met maatschappelijke zetel te 8500 Kortrijk, President Kennedypark 12, tegen de prijs van 6.825,00 euro. Deze grond is afgebeeld op het plan van de ontworpen toestand opgemaakt door landmeetkundig bureau Daeninck-Audenaert te Evergem.
Van de Afdeling Vastgoedtransactie werd op de vraag om de akten van verkoop op te maken en te verlijden een positief antwoord bekomen.
Inkomsten: budgetsleutel /005000/2600000000 6.825,00 euro niet voorzien
De verkoop en het ontwerp van overeenkomst worden goedgekeurd.
De opdracht tot het opmaken en het verlijden van de akte wordt aan de Afdeling Vastgoedtransacties gegeven.
De Vlaams commissaris van de Afdeling Vastgoedtransacties kan de Stad vertegenwoordigen voor het ondertekenen van de verkoopakte.
Het kantoor van Rechtszekerheid wordt van de verplichting ontslagen ambtshalve inschrijving te nemen bij overschrijving van de akte.
De Stad stelde in de gemeenteraad van 10 september 2001 het bijzonder plan van aanleg (BPA) Nieuwe Abele Zuid definitief vast. Het BPA betreft een verdere verfijning van de onderliggende gewestplanbestemming ‘regionaal bedrijventerrein met openbaar karakter’.
De deputatie van de provincie West-Vlaanderen behandelt een omgevingsvergunningsaanvraag met het oog op de ontwikkeling van het bedrijventerrein. De Stad ontving daarvoor op 26 april 2024 van de provincie West-Vlaanderen het verzoek om een openbaar onderzoek te organiseren over de omgevingsvergunningsaanvraag ter realisatie van de infrastructuurwerken ten behoeve van bedrijventerrein Nieuwe Abele Zuid en om de bijhorende zaak der wegen voor goedkeuring voor te leggen aan de gemeenteraad.
Het vergunningsdossier voorziet de aanleg van een nieuwe ontsluitingsweg met bijhorende rioleringswerken en omgevingswerken, de gedeeltelijke opheffing van buurtwegen nr. 72 en 73 en het omleiden van een ingebuisd segment van de waterloop Pastoriebeek (WL.7.21.2-2de categorie) en het omvormen van dat segment tot een open tracé.
De gemeenteraad moet bij de beslissing over de zaak der wegen de bezwarende elementen uit het openbaar onderzoek die betrekking hebben op de zaak der wegen behandelen. Er werd over deze omgevingsvergunningsaanvraag een openbaar onderzoek georganiseerd over de periode 07 mei 2024 tot en met 05 juni 2024. Er werden binnen de periode van het openbaar onderzoek geen bezwaarschriften ingediend.
Deze zaak der wegen kadert binnen de realisatie van de stedenbouwkundige bestemming van de betrokken projectzone. Er wordt voldaan aan de inrichtingsvoorschriften van het onderhavig BPA en tevens ook aan de principes opgenomen in art. 3 en art. 4 van het decreet houdende de gemeentewegen, zoals hierna blijkt:
1. De ingrepen moeten ten dienste staan van het algemeen belang.
De gedeeltelijke opheffing van buurtweg nr. 72 en buurtweg nr. 73 betreft enerzijds de opheffing van segmenten die doorsneden worden door bestaande snelweginfrastructuur en bijgevolg hun netwerkfunctie verloren hebben ten gevolge van in het verleden gerealiseerde bovenlokale infrastructuur van algemeen belang. De feitelijke opheffing van deze tracés staat bijgevolg ten dienste van het algemeen belang.
Anderzijds wordt het meest westelijke op te heffen segment van buurtweg nr. 72 voorzien van een nieuw overlappend wegenistracé dat net als het op te heffen segment aansluit op de Kwadestraat, een bestaande gemeenteweg. Ter hoogte van de aansluiting, wordt het bestaande fietspad heraangelegd en de nodige markeringen worden aangebracht als fietssuggestiestrook. De samenhang en de toegankelijkheid van de bestaande wegenisinfrastructuur blijft dus gevrijwaard. De aanvraag voorziet infrastructuurwerken in functie van de realisatie van het eerder reeds stedenbouwkundig bestemd bedrijventerrein Nieuwe Abele Zuid, en vormt dus de concrete uitvoering van eerder beslist beleid. In dat opzicht, wordt gesteld dat ook deze ingreep ten dienste staat van het algemeen belang.
2. Een wijziging, verplaatsing of opheffing van een gemeenteweg is een uitzonderingsmaatregel die afdoende gemotiveerd moet worden.
De gedeeltelijke opheffing van buurtweg nr. 72 en buurtweg nr. 73 betreft de opheffing van segmenten die doorsneden worden door bestaande snelweginfrastructuur en bijgevolg hun netwerkfunctie verloren hebben.
Het meest westelijke op te heffen deel van buurtweg nr. 72 is op vandaag waarneembaar op het terrein. Op deze plek wordt met onderhavige omgevingsvergunningsaanvraag alvast een concreet nieuw wegenistracé met nieuwe rooilijn voorzien. Binnen het inrichtingsplan dat door WVI werd opgesteld, en onderdeel uitmaakt van het vergunningsaanvraagdossier, wordt aangetoond dat dit concrete tracé bij een verdere ontwikkeling van het bedrijventerrein genetwerkt kan worden binnen een nieuw netwerk van trage wegen. Het inrichtingsplan illustreert dat de mogelijkheden daarvoor, binnen de contouren van de betrokken omgevingsvergunningsaanvraag, gevrijwaard blijven.
Om voormelde redenen is de gedeeltelijke opheffing van buurtweg nr. 72 en nr. 73 aanvaardbaar. Bij een verdere concretisering ter realisatie van het bedrijventerrein moet cfr. het betrokken inrichtingsplan voorzien worden in een genetwerkte inbedding binnen een nieuw toegankelijk netwerk van trage wegen dat voldoet aan de beoordelingscriteria opgenomen in artikel 3 en artikel 4 van het gemeentewegendecreet.
3. De verkeersveiligheid en de ontsluiting van aaneengrenzende percelen worden steeds in acht genomen.
In het vergunningsaanvraagdossier is een inrichtingsplan opgenomen waarbinnen een inrichtingsconcept op bedrijventerreinniveau wordt voorgesteld. Daaruit blijkt dat er geen reststroken worden gecreëerd die de ontsluitbaarheid van aanpalende ontwikkelbare percelen in het gedrang brengen. Aangrenzende percelen kunnen op de voorziene nieuwe wegenis of op een alternatieve manier ontsluiten. Er moet tevens worden opgemerkt dat er binnen de periode van het openbaar onderzoek geen bezwaarschriften ingediend werden die het tegendeel daarover beweren.
4. Ingrepen worden zo nodig beoordeeld in een gemeentegrensoverschrijdend perspectief.
De gedeeltelijke opheffing van buurtweg nr. 72 en buurtweg nr. 73 betreft de opheffing van segmenten die doorsneden worden door bestaande snelweginfrastructuur en bijgevolg hun netwerkfunctie verloren hebben. Om voormelde redenen is de gedeeltelijke opheffing van buurtweg nr. 72 en nr. 73 aanvaardbaar. De voorziene nieuwe wegenis ligt volledig op het grondgebied van Roeselare. Het gaat om een lusvormige aantakking op een segment van het bestaand tracé van de Kwadestraat, een gemeenteweg. Om voormelde redenen, vereist de vaststelling van deze nieuwe wegenis op zich geen beoordeling vanuit gemeentegrensoverschrijdend perspectief.
Bij een verdere concretisering van de plannen ter realisatie van het bedrijventerrein moet evenwel cfr. het betrokken inrichtingsplan voorzien worden in een genetwerkte inbedding binnen een nieuw toegankelijk netwerk van trage wegen dat voldoet aan de beoordelingscriteria opgenomen in artikel 3 en artikel 4 van het gemeentewegendecreet. Het gemeentegrensoverschrijdend perspectief, en meer bepaald de aansluiting op bestaande fietssnelweginfrastructuur ten noorden en ten noordoosten van de projectzone, moet daarbij mee in overweging genomen worden.
5. Ingrepen moeten worden beoordeeld in functie van een duurzame ruimtelijke ontwikkeling in de zin van VCRO art. 1.1.4.
De nieuw aan te leggen wegenis kadert binnen de realisatie van een bedrijventerrein, dat geordend wordt door het BPA Nieuwe Abele Zuid. Overeenkomstig artikel 4.3.1, §2, eerste lid, 3° van de VCRO worden de aandachtspunten inzake de goede ruimtelijke ordening die behandeld en geregeld worden door de voorschriften van een BPA geacht de criteria van de goede ruimtelijke ordening weer te geven. Het volgens het rooilijnplan voorziene tracé valt binnen de in het BPA door stedenbouwkundige voorschriften afgebakende mogelijkheden voor de aanleg van nieuwe wegenis (artikel 3.2.1. ‘wegen met vast tracé’ en artikel 3.2.2. ‘wegen met variabel tracé’), waardoor kan geoordeeld worden dat het gekozen tracé in overeenstemming is met de relevante aspecten van de goede ruimtelijke ordening.
Uit het inrichtingsplan dat in het aanvraagdossier opgenomen is, blijkt eveneens dat het ontworpen tracé het mogelijk maakt om verschillende zones voor regionale bedrijvigheid te ontwikkelen, en dat de realisatie van de onderliggende stedenbouwkundige bestemming bijgevolg niet in het gedrang wordt gebracht.
Specifiek voor de nieuw aan te leggen wegenis, blijkt uit het wegenisontwerp en de bijhorende omgevingsaanleg dat door rechtstreekse afwatering naar omliggende groene bermen en de centrale wadi, ingezet wordt op bovengrondse infiltratie van hemelwater dat op de wegenis neervalt. Ter hoogte van de aansluiting op de Kwadestraat wordt aandacht besteed aan het kruispunt met het bestaande fietspad: het fietspad wordt ter hoogte van de nieuwe insteekweg heraangelegd en voorzien van een rode coating. Enkele meters voor de oversteekplaats van het fietspad zal het wegdek aan beide zijden gemarkeerd worden als fietssuggestiestrook.
Het decreet betreffende de omgevingsvergunning van 25 april 2014, artikel 31
Het decreet houdende de gemeentewegen van 3 mei 2019
Het besluit van de Vlaamse Regering van 27 november 2015 tot uitvoering van het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning, in het bijzonder artikel 47
Er zijn geen financiële gevolgen voor de Stad.
Er wordt kennis genomen van de resultaten van het openbaar onderzoek over de omgevingsvergunningsaanvraag met referentie OMV_2023155684.
Het ontwerp en tracé van straten (ligging, breedte en uitrusting van de nieuw te realiseren gemeenteweg en de opname ervan in het openbaar domein en de gedeeltelijke afschaffing van buurtweg nr. 72 enn r. 73) worden goedgekeurd conform de plannen in bijlage.
De kosteloze overdracht door West-Vlaamse Intercommunale (WVI) aan de Stad van de gronden met de te realiseren infrastructuur, die afgebeeld zijn op het grondoverdrachtsplan (op het rooilijnplan aangeduide delen) worden goedgekeurd. Deze overdracht geschiedt na goedkeuring van de definitieve oplevering van de infrastructuurwerken. De West-Vlaamse Intercommunale spreekt hiervoor een notaris naar keuze aan. Deze regelt de overdracht en verlijdt de akte. Alle kosten verbonden met de overdracht en het opmaken van de akte zijn ten laste van de West-Vlaamse Intercommunale.
In het centrum van Roeselare zijn op een aantal locaties voetgangerszones afgebakend (vb. voetgangerszone De Munt, Stationsplein) en zijn er locaties waar omwille van de belevingswaarde en veiligheid het gemotoriseerd verkeer zoveel mogelijk geweerd moet worden (vb. Poststraat, Marie-Louise De Meesterplein). Voor bepaalde categorieën gebruikers/voertuigen is het noodzakelijk dat men toch door deze autovrije/-luwe gebieden kan rijden. In het reglement betreffende de toegang tot de voetgangerszones en autovrije/-luwe gebieden in Roeselare (gemeenteraad d.d. 25 september 2017, aangepast gemeenteraad d.d. 15 mei 2023) werd een kader vastgelegd waarin aangegeven wordt welke categorieën gebruikers/voertuigen al dan niet toelating kunnen krijgen om door één of meerdere autovrije/-luwe gebieden te rijden en hiervoor een vergunning dienen aan te vragen.
De site Rolariusplein wordt binnenkort in gebruik genomen en wordt aangeduid als voetgangerszone. De voetgangerszone Rolariusplein situeert zich tussen de Spoorweglaan, Stationsdreef, Stationsplein, Sint-Amandsstraat en de spoorweg (lijn 66 Brugge - Kortrijk).
Het reglement betreffende de toegang tot de voetgangerszones en autovrije/-luwe gebieden in Roeselare, goedgekeurd door de gemeenteraad van 25 september 2017 (aangepast gemeenteraad d.d. 15 mei 2023), wordt aangevuld met de voetgangerszone Rolariusplein.
Er zijn geen financiële gevolgen voor de Stad.
De aanpassingen aan het reglement betreffende de toegang tot de voetgangerszones en autovrije/-luwe gebieden in Roeselare, zoals in bijlage toegevoegd, worden vastgesteld.
Artikel 485 van het decreet lokaal bestuur stelt dat de bepalingen van deel 2, titel 7 van het decreet lokaal bestuur inzake het bestuurlijk toezicht van toepassing zijn op de welzijnsvereniging.
Artikel 193 van het besluit van de Vlaamse Regering BBC en artikel 490 § 2 van het decreet lokaal bestuur: De toelichting bij het meerjarenplan, het budget en de jaarrekening van de OCMW-vereniging wordt samen met het desbetreffende beleidsrapport en een kopie van het desbetreffende besluit van de raad van bestuur tegelijkertijd verzonden naar de raad of raden voor maatschappelijk welzijn en naar de toezichthoudende overheid.
De vereniging Audio is een samenwerking van en voor lokale besturen en is een OCMW-vereniging cf. artikel 219 van het decreet lokaal bestuur. Het is een interne auditdienst van tientallen besturen en voert voor deze besturen interne audits uit in diverse domeinen.
Het OCMW is stichtend lid van de vereniging Audio. Stad Roeselare trad toe bij gemeenteraadsbesluit van 24 september 2012.
Audio wordt bestuurd door een algemene vergadering en een raad van bestuur. De Stad is in de algemene vergadering vertegenwoordigd door schepen Stefaan Van Coillie (effectief vertegenwoordiger) en mevr. Liselot De Decker (plaatsvervangend vertegenwoordiger). Het OCMW is in de algemene vergadering vertegenwoordigd door dhr. Matthijs Samyn (effectief vertegenwoordiger) en mevr. Liselot De Decker (plaatsvervangend vertegenwoordiger).
Roeselare heeft geen mandaat in de raad van bestuur (noch het OCMW, noch de Stad).
Het zijn de bestuursorganen van de vereniging die zowel het meerjarenplan als het budget van de vereniging goedkeuren en de rekening vaststellen. Dit gebeurt volgens de regelgeving voor de Beleids- en Beheerscyclus (BBC). Decretaal is bepaald dat de stukken vervolgens dienen overgemaakt te worden aan elk lokaal bestuur dat lid is voor agendering op de respectievelijke raden. Voor de rekening dient een kennisname te gebeuren door zowel de OCMW-raad als door de gemeenteraad. De gemeenteraad kan bovendien zo gewenst opmerkingen formuleren.
Audio verzoekt met zijn e-mailbericht van 30 mei 2024 om kennis te nemen van het verslag van de algemene vergadering en de voorliggende jaarrekening 2023 en eventueel bemerkingen over te maken aan de provinciegouverneur.
Artikel 490 van het decreet lokaal bestuur:
De algemene vergadering van de welzijnsvereniging spreekt zich uit over de vaststelling van de jaarrekening voor 30 juni van het boekjaar dat volgt op het boekjaar waarop de rekening betrekking heeft.
Een afschrift van de vastgestelde jaarrekening wordt binnen twintig dagen bezorgd aan de betrokken openbare centra voor maatschappelijk welzijn (in casu ook de gemeenteraad, indien de Stad lid is)
De betrokken raden voor maatschappelijk welzijn kunnen advies uitbrengen over de jaarrekening van de welzijnsvereniging.
Artikel 20 van de statuten:
Het verslag van de algemene vergadering m.b.t. de jaarrekening dient ter kennisname en voor eventuele opmerkingen voorgelegd te worden aan de raad voor maatschappelijk welzijn.
Er zijn geen financiële gevolgen.
Er wordt akte genomen van het verslag van de algemene vergadering d.d. 24 mei 2024 en de jaarrekening 2023 van de OCMW-vereniging Audio.
Audio is een samenwerking van en voor lokale besturen. De vereniging staat open voor elke gemeente of OCMW.
In 2007 beslisten de OCMW's van de centrumsteden om samen een interne auditdienst uit te bouwen. Initieel gebeurde dit via een feitelijk samenwerkingsverband.
In 2010 werd het proefproject gunstig geëvalueerd. Sindsdien is Audio een Vereniging in toepassing van deel 3, titel 4, hoofdstuk 2 van het decreet lokaal bestuur (en heeft bijgevolg rechtspersoonlijkheid) en staat open voor elk lokaal bestuur.
Intussen is Audio de interne auditdienst van tientallen lokale besturen. Audio heeft voor deze besturen al honderden audits uitgevoerd in de meest uiteenlopende domeinen.
OCMW van Roeselare is stichtend lid van Audio. De Stad werd lid via de gemeenteraadsbeslissing van 24 september 2012.
Audio wordt bestuurd door een algemene vergadering en een raad van bestuur.
De Stad is in de algemene vergadering vertegenwoordigd door schepen Stefaan Van Coillie (effectief vertegenwoordiger) en mevr. Liselot De Decker (plaatsvervangend vertegenwoordiger). Het OCMW is in de algemene vergadering vertegenwoordigd door dhr. Matthijs Samyn (effectief vertegenwoordiger) en mevr. Liselot De Decker (plaatsvervangend vertegenwoordiger).
Roeselare heeft geen mandaat in de raad van bestuur (noch het OCMW, noch de Stad).
Gelet op de vraag vanwege gemeente Knokke-Heist om toe te treden tot de vereniging Audio, zoals blijkt uit de notulen van de gemeenteraad van 30 november 2023;
Gelet op de vraag vanwege OCMW Knokke-Heist om toe te treden tot de vereniging Audio, zoals blijkt uit de notulen van de raad voor maatschappelijk welzijn van 30 november 2023;
Gelet op de vraag vanwege gemeente Oosterzele om toe te treden tot de vereniging Audio, zoals blijkt uit de notulen van de gemeenteraad van 23 mei 2023;
Gelet op de vraag vanwege OCMW Oosterzele om toe te treden tot de vereniging Audio, zoals blijkt uit de notulen van de raad voor maatschappelijk welzijn van 23 mei 2023;
Gelet op de vraag vanwege OCMW Sint-Gillis-Waas om toe te treden tot de vereniging Audio, zoals blijkt uit de notulen van de raad voor maatschappelijk welzijn van 22 juni 2023;
Gelet op de vraag vanwege stad Sint-Truiden om toe te treden tot de vereniging Audio, zoals blijkt uit de notulen van de gemeenteraad van 25 september 2023;
Gelet op de vraag vanwege OCMW Sint-Truiden om toe te treden tot de vereniging Audio, zoals blijkt uit de notulen van de raad voor maatschappelijk welzijn van 25 september 2023;
Gelet op de vraag vanwege zorgvereniging VitaS om toe te treden tot de vereniging Audio, zoals blijkt uit de notulen van de raad van bestuur van 20 februari 2024;
Gelet op de groeistrategie goedgekeurd door de algemene vergadering Audio van 24 mei 2024;
Gelet op het verzoek van de vereniging Audio, om de toetreding van gemeente Knokke-Heist, OCMW Knokke-Heist, gemeente Oosterzele, OCMW Oosterzele, OCMW Sint-Gillis-Waas, stad Sint-Truiden, OCMW Sint-Truiden en zorgvereniging VitaS formeel goed te keuren.
Artikel 482, tweede lid, van het decreet lokaal bestuur bepaalt dat de instemming van alle deelgenoten vereist is voor de toetreding van de nieuwe deelgenoten.
Er zijn geen financiële gevolgen.
De toetreding van de volgende besturen tot de vereniging Audio wordt goedgekeurd:
Een afschrift van dit besluit wordt bezorgd aan Audio.
In zitting van de gemeenteraad van 20 oktober 2008 werd de oprichting van een gemeentelijk extern verzelfstandigd agentschap in privaatrechtelijke vorm nl. vzw Het Portaal met bijhorende statuten goedgekeurd.
Met het schrijven d.d. 31 mei 2024 van vzw Het Portaal worden de vertegenwoordigers namens de Stad uitgenodigd tot de algemene vergadering op 26 juni 2024.
Agenda algemene vergadering:
Volgende personen maken deel uit van de algemene vergadering:
Mieke Vanbrussel, Matthijs Samyn, Tom Vandenkendelaere, Margot Wybo, Ria Vanzieleghem, Sander Braeye, Stephanie Davidts, Siska Rommel, Brecht Vermeulen, Lieve Lombaert, Peter Claeys, Koenraad Cracco, Immanuel De Reuse, Steven Dewitte, Gerdi Casier en Piet Delrue.
Cf. artikel 246 §2 van het decreet lokaal bestuur moeten de vertegenwoordigers van de gemeente in de algemene vergadering handelen overeenkomstig de instructies van de gemeenteraad.
Artikel 246 § 2 van het decreet lokaal bestuur:
De vertegenwoordigers van de gemeente in de algemene vergadering moeten handelen overeenkomstig de instructies van de gemeenteraad
Er zijn geen financiële gevolgen.
Aan de aangeduide vertegenwoordigers wordt het mandaat toegekend. Zij worden opgedragen hun stemgedrag af te stemmen op de beslissingen genomen in de gemeenteraad van heden.
Het college van burgemeester en schepenen wordt belast met de uitvoering van de hierbij genomen beslissing en er onder meer kennis van te geven aan vzw Het Portaal, De Munt 8, 8800 Roeselare.
Artikels 217 t/m 219 van het Decreet lokaal bestuur.
Door de gemeenteraad (in zitting van 27 juni 2017) en de raad voor maatschappelijk welzijn (in zitting van 5 juli 2017) werd een 'Kader voor het organisatiebeheersingssysteem (OBS) voor de Stad & OCMW Roeselare' vastgesteld. Punt '2.4 Rapportering' van dit kader bepaalt: Jaarlijks rapporteert de algemeen directeur over het OBS aan het college van burgemeester en schepenen, de gemeenteraad, de raad voor maatschappelijk welzijn en het managementteam aan de hand van een actuele kopie van het document LOB RSL. Het decreet lokaal bestuur bepaalt dat ook aan het vast bureau dient gerapporteerd te worden.
Het document bevat een inventaris van de meest relevante beheersmaatregelen bij de Stad en het OCMW Roeselare. Het gaat daarbij over de maatregelen die kaderen binnen de elf thema’s uit de ‘Leidraad voor organisatiebeheersing voor lokale besturen’, die werd ontwikkeld door Audit Vlaanderen.
Deze thema's zijn:
0. Organisatiebeheersing (=OB)
1. Doelstellingen en procesmanagement (=DPR)
2. Belanghebbendenmanagement (=BHM)
3. Monitoring (=MON)
4. Financieel management (=FIM)
5. Organisatiestructuur (=ORG)
6. Personeelsbeleid (=HRM)
7. Organisatiecultuur (=CUL)
8. Informatie en communicatie (=ICO)
9. Facilitaire middelen, opdrachten en contracten (=FAM)
10.Informatie- en communicatietechnologie (=ICT)
Voor ieder thema zijn er doelstellingen door Audit Vlaanderen geformuleerd. Per doelstelling is er een opsomming van beheersmaatregelen die van toepassing zijn bij de Stad en/of het OCMW Roeselare.
Door het inventariseren van de concrete beheersmaatregelen wordt een overzicht opgemaakt van de acties en maatregelen die binnen onze organisatie worden toegepast/uitgevoerd of zijn gepland om de werking van de organisatie te beheersen.
Het betreffen voornamelijk acties die kaderen in, of deel uitmaken van, ondersteunende en management- of sturende processen. Het goed functioneren van deze processen is immers een voorwaarde om de kernprocessen (gericht op het aanbieden van producten en diensten aan burgers en organisaties) goed en vlot te laten verlopen.
Dit document is het hoofdbestanddeel van het jaarlijks rapport over het OBS dat door de Algemeen directeur aan respectievelijk het college van burgemeester en schepenen, de gemeenteraad, het vast bureau en de raad voor maatschappelijk welzijn wordt voorgelegd.
Artikel 219 van het decreet lokaal bestuur: ... De algemeen directeur rapporteert jaarlijks aan het college van burgemeester en schepenen, de gemeenteraad, de raad voor maatschappelijk welzijn en het vast bureau over de organisatiebeheersing.
Er zijn geen financiële gevolgen.
Er wordt akte genomen van het rapport over het organisatiebeheersingssysteem (2024).
De burgemeester keurde op 10 juni 2024 het politiebesluit m.b.t. EK Voetbal 2024 goed.
Ek voetbal is een evenement dat mensen mobiliseert, grote groepen/massa's op de been brengt en reacties kan creëren bij individuen of groepen.
Daarom worden, in overleg met de politie, de nodige maatregelen genomen zodat de veiligheid optimaal kan gegarandeerd worden.
Cf. artikel 134 van de Nieuwe gemeentewet dient dit besluit bekrachtigd te worden door de gemeenteraad.
Op grond van artikel 134 van de Nieuwe gemeentewet heeft de burgemeester het recht op te treden middels een politieverordening in geval van oproer, kwaadwillige samenscholing, ernstige stoornis van de openbare rust of andere onvoorzien gebeurtenissen, waarbij het geringste uitstel gevaar of schade zou kunnen opleveren voor de inwoners, onder verplichting om daarvan onverwijld aan de gemeenteraad kennis te geven, met opgave van de redenen waarom hij heeft gemeend zich niet tot de raad te moeten wenden. Die verordeningen vervallen dadelijk, indien zij door de raad in de eerstvolgende vergadering niet worden bekrachtigd.
Er zijn geen financiële gevolgen.
Het besluit van de burgemeester van 10 juni 2024 m.b.t. EK voetbal 2024 wordt bekrachtigd zoals in bijlage gevoegd.
Op het grondgebied van de stad Roeselare zijn actueel 194 vaste bewakingscamera’s actief die in beheer zijn van de Politiezone RIHO en geplaatst en gebruikt worden cf. de wet op het politieambt.
Deze zijn opgesteld in het stadscentrum in een strategisch netwerk.
De stad Roeselare wil in het kader van haar veiligheidsbeleid een verplaatsbare (tijdelijk vaste) camera aankopen en inzetten op het openbaar domein (niet-besloten plaatsen).
Zoals voorzien in de wet op de camerabewaking van 2007 dient hiervoor aan de verwerkingsverantwoordelijke (in deze de stad) een positief advies gegeven te worden door de gemeenteraad . De gemeenteraad bepaalt de geldigheidsduur van dit advies. Hiervoor dient voorafgaandelijke de korpschef te zijn geraadpleegd.
Het gebruik van de tijdelijk vaste camera situeert zich in volgende domeinen.
De finaliteit van de camerabewaking is
De stad Roeselare is verwerkingsverantwoordelijke en bekijkt de beelden. De beelden zullen beveiligd opgeslagen worden in een gebouw van de stad Roeselare om de toegankelijkheid tot het systeem te bewaken. De beelden worden bekeken door de belanghebbende diensten van het stadsbestuur. De personen die toegang hebben tot de beelden zijn gebonden door een ‘discretieplicht’ ten aanzien van de persoonsgegevens. De stad Roeselare neemt nodige voorzorgsmaatregelen om de toegang tot de beelden te beveiligen tegen de toegang door onbevoegden. Dit impliceert het beveiligen van de toegang tot de archiefbeelden en het afschermen van de live beelden. De stad Roeselare zorgt dat de personen belast met het bekijken van de beelden worden geresponsabiliseerd in het kader van de bescherming van de privacy.
Er wordt door de stad Roeselare een register bijgehouden van de beeldverwerkingsactiviteiten van de camera’s.
De beelden worden niet langer bewaard dan één maand, tenzij de beelden een bijdrage kunnen leveren tot het bewijzen van een misdrijf, van schade of van overlast of tot het identificeren van een dader, een getuige of een slachtoffer. De beelden worden overgemaakt aan de politie of op vraag van de politie ter beschikking gesteld.
Gezien real-time bekijken van beelden enkel kan onder toezicht van de politiediensten worden de nodige overeenkomsten gesloten om politiezone RIHO in het kader van het genegotieerd beheer van de openbare ruimte live toegang te geven tot de beelden.
Tijdelijk vaste camerabewaking kan worden ingezet op het volledige grondgebied van de stad Roeselare en wordt ingezet op locaties waarvoor inzet op bovenstaande domeinen als relevant wordt ingeschat op basis van vastgestelde of verwachte situaties.
Tijdelijk vaste camerabewaking wordt bijgevolg ingezet in een breder pakket van maatregelen (subsidiariteitsprincipe en proportionaliteitsbeginsel) en wordt kenbaar gemaakt aan de gebruikers van het openbaar domein via de wettelijke voorziene pictogrammen.
Er wordt op toegezien dat de camera’s niet specifiek gericht worden op een plaats waarvoor de verantwoordelijke voor de verwerking niet zelf de gegevens verwerkt, tenzij hij daarvoor expliciet de toestemming heeft van de verantwoordelijke voor de verwerking van de betrokken plaats. De verantwoordelijke voor de verwerking waakt erover dat de bewakingscamera’s worden aangewend conform de gestelde doelen.
De politiezone RIHO wordt steeds vooraf geïnformeerd over de locatie waar de camera opgesteld wordt. De opstelling wordt eveneens geregistreerd via www.aangiftecamera.be.
Ieder gefilmde persoon kan een gemotiveerd verzoek richten aan de verantwoordelijke van de verwerking voor het bekomen van inzage/kopij van de beelden. Hij richt daartoe een gemotiveerd verzoek aan de verantwoordelijke voor de verwerking conform de bepalingen uit de Camerawet. Het recht op kopij kan beperkt worden in functie van de bescherming van de rechten en vrijheden van derden en/of in functie van de bescherming van de openbare veiligheid.
Artikel 5§2 van de wet van 21 maart 2007 tot regeling van de plaatsing en het gebruik van bewakingscamera's.
Hiervoor is een budget van 64.000 euro voorzien in AMJP6 - budgetsleutel 66400000/040000/ACT-11789 toegestane investeringssubsidie/politiediensten).
De gemeenteraad geeft voor een termijn van 3 jaar een positief advies voor de inzet van tijdelijk vaste camerabewaking door de stad Roeselare.
Volgens het rijksregister is het officiële adres voor het Stadhuis 'Botermarkt 2' en dit sedert 1976. Het adres 'Grote Markt 1' is gekoppeld aan het historisch gedeelte van het stadhuis (Belfort) en kan dus in principe gebruikt worden voor het nieuwe stadhuis.
Gezien de hoofdingang van het nieuwe stadhuis aan de Grote Markt gesitueerd is, is het logisch om de maatschappelijke zetel te wijzigen van "Botermarkt 2" naar "Grote Markt 1".
Op basis van deze goedkeuring zullen formele instanties (RSZ, KBO) ingelicht worden betreffende onze adreswijziging, zodat ook voor correspondentie en rapportering met officiele instanties het juiste adres wordt gebruikt. In samenspraak met de dienst Communicatie worden diverse communicatieacties op touw gezet om burgers en instanties te informeren dat ons adres wijzigt.
In reglementen dient Botermarkt 2 gelezen te worden als Grote Markt 1 vanaf de inwerkingtreding van dit besluit. Bij toekomstige aanpassingen van reglementen zal het nieuwe adres ook in de eigenlijke reglementen opgenomen worden.
Niet van toepassing
Met ingang van 1 juli 2024 wijzigt de maatschappelijke zetel van Stad Roeselare van "Botermarkt 2, 8800 Roeselare" naar "Grote Markt 1, 8800 Roeselare".
Met ingang van 1 juli 2024 dient elke vermelding van 'Botermarkt 2' in stedelijke reglementen gelezen te worden als 'Grote Markt 1'.
In het kader van de opdracht “Buitengewone onderhoudswerken aan landbouwwegen 2024” werd een bestek met nr. WEG/466 W2404 964 opgesteld door de dienst Projectuitvoering, in samenwerking met de dienst Aankopen.
De opdrachtzone omvat 3 straten:
De werken omvatten:
De uitgave voor deze opdracht wordt geraamd op € 341.530,00 excl. btw of € 409.630,90 incl. btw medecontractant - rekening houdend met de btw-wetgeving.
De raming excl. btw overschrijdt de limiet van € 750.000,00 voor het gebruik van de vereenvoudigde onderhandelingsprocedure met voorafgaande bekendmaking niet.
Er wordt voorgesteld de opdracht te gunnen bij wijze van de vereenvoudigde onderhandelingsprocedure met voorafgaande bekendmaking.
Op deze opdracht is de procedure voor werken met derden van toepassing. Deze werd opgenomen in het bestek.
De dienst Aankopen heeft dit besluit opgemaakt in samenwerking met de dienst Projectuitvoering.
Kosten ten laste van het budget van de Stad:
In deze fase van de opdracht zijn er nog geen definitieve financiële gevolgen aan dit besluit.
De definitieve financiële gevolgen zullen pas gekend zijn bij gunning van de opdracht.
Het oorspronkelijk budget voor deze opdracht is € 368.962,00. Er zal bij gunning een verschuiving dienen te gebeuren vanuit de buffer investeringen.
Het bestek met nr. WEG/466 W2404 964 en de raming voor de opdracht “Buitengewone onderhoudswerken aan landbouwwegen 2024”, opgesteld door de dienst Projectuitvoering, in samenwerking met de dienst Aankopen, worden goedgekeurd.
De lastvoorwaarden worden vastgesteld zoals voorzien in het bestek en zoals opgenomen in de algemene uitvoeringsregels van de overheidsopdrachten voor aannemingen van werken, leveringen en diensten. De raming bedraagt € 341.530,00 excl. btw of € 409.630,90 incl. btw medecontractant - rekening houdend met de btw-wetgeving.
Bovengenoemde opdracht wordt gegund bij wijze van de vereenvoudigde onderhandelingsprocedure met voorafgaande bekendmaking.
De aankondiging van de opdracht wordt ingevuld, goedgekeurd en bekendgemaakt op nationaal niveau.
Stad Roeselare wenst de huidige algemene gemeentelijke stedenbouwkundige verordening (zoals goedgekeurd door de Deputatie op 2 maart 2017) te herzien omwille van een aantal redenen.
Allereerst traden de voorbij jaren een aantal nieuwe gemeentelijke visieplannen in Roeselare in werking (zoals het Groenplan, Kernplan, PRO-plan, Klimaatadaptatieplan, Mobiliteitsplan,...). Deze visies werden voor een deel verwerkt in de herziene verordening.
De nota Bouwen in Roeselare (zie bijlage 1) dient als een aanvulling bij deze verordening gezien te worden en geeft meer duiding bij de visie en de ruimtelijke ambitie die de stad Roeselare uitspreekt op het vlak van bouwprojecten.
Daarnaast vond met de inwerkingtreding van het instrumentendecreet en de bouwshift een radicale ommezwaai plaats hoe de principes van de goede ruimtelijke ordening in de praktijk dienen toegepast te worden. Minder ruimtebeslag in buitengebied, kwalitatieve verdichting binnen de kernen, in harmonie met zijn omgeving.
Het instrumentendecreet verplicht de gemeenten om de technische en financiële lasten die gekoppeld worden aan een omgevingsvergunning vanaf 1 januari 2024 via een gemeentelijke stedenbouwkundige verordening uit te werken om zo meer vanuit een gemeentelijke visie het ruimtelijke beleid vorm te geven.
Bijgevolg voldeden de principes uit de algemene gemeentelijke stedenbouwkundige verordening van 2017 onvoldoende om toekomstgericht het ruimtelijk beleid van de stad te bepalen, waardoor de herziening dient doorgevoerd te worden.
De nieuwe verordening streeft ernaar om tot meer kwaliteit te komen. De stad zet in op comfortabel en bereikbaar wonen in Roeselare met duidelijke klimaatengagementen in een groene omgeving.
1. Procedure
De procedure tot de herziening van de gemeentelijke stedenbouwkundige verordening is gelijk aan deze van de opmaak ervan. Deze volgt de bepalingen van art. 2.3.2 §2 van de VCRO (Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening). Het college van burgemeester en schepenen is belast met de opmaak van de verordening en relevante documenten. De gemeenteraad dient de verordening formeel vast te stellen. Na de vaststelling door de gemeenteraad wordt advies gevraagd aan de GECORO, de Deputatie en aan het Departement Omgeving. Ook onderwerpt het college van burgemeester en schepenen de verordening aan een openbaar onderzoek van 30 dagen, dat aangekondigd wordt in het Belgisch Staatsblad. Na het verwerken van de adviezen en de bezwaren uit het openbaar onderzoek wordt de verordening definitief vastgesteld door de gemeenteraad. Na de betekening van deze beslissing start een schorsingstermijn van 45 dagen in hoofde van de Deputatie en de Vlaamse Regering. Wordt de beslissing niet geschorst, dan treedt de verordening in werking 10 dagen na de publicatie (bij uittreksel) in het Belgisch Staatsblad.
De aankondiging van het openbaar onderzoek werd gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad van 2 april 2024 (zie bijlage 2)
Het openbaar onderzoek vond plaats van 10 april 2024 tot en met 9 mei 2024.
Er werden 34 bezwaarschriften ingediend. (zie bijlage 3)
De bezwaarschriften handelden in hoofdzaak over de thema's mobiliteit, groen en wonen.
Het standpunt ingenomen over deze bezwaren is opgenomen in bijlage 4.
Daarnaast werd ook formeel en verplicht advies gevraagd aan de GECORO, de Deputatie en het Departement Omgeving.
De adviesaanvraag werd op 28 april 2024 opgestart.
De adviezen van deze adviesinstanties waren allen voorwaardelijk gunstig. (zie bijlage 5-7)
Naar aanleiding van enkele bezwaren en de adviezen werd de tekst inhoudelijk op bepaalde aspecten aangepast. De aanpassingen betreffen in hoofdorde verduidelijkingen of aanvulingen bij de definities en verduidelijkingen rond de thema's groen en mobiliteit.
De aanpassingen ten aanzien van de versie van de voorlopige vaststelling (gemeenteraad van 25 maart 2024) werden in gele markering weergegeven. (zie bijlage 8-9)
2. Planmer-screening van de verordening
Op 22 juli 2021 heeft de Raad voor Vergunningsbetwistingen (RvVB) zich in een arrest uitgesproken over een weigeringsbesluit van de deputatie Oost-Vlaanderen voor een aanvraag van een omgevingsvergunning in de stad Gent. Het weigeringsbesluit werd vernietigd omdat de raad oordeelde dat de wijzigingen aan het bouwreglement van na 21 juli 2004 (datum waarop de termijn voor omzetting van de Europese plan-MER-richtlijn in nationale wetgeving verstreek) onwettig zijn bij gebrek aan plan-MER of plan-MER-screening.
In het algemeen is de draagwijdte van het arrest groot, omdat dit de toepassing van het bouwreglement (lees gemeentelijke stedenbouwkundige verordening) in toekomstige beslissingen over nieuwe omgevingsvergunningsaanvragen in het gedrang zou kunnen brengen. Toekomstige beslissingen (zowel vergunningen als weigeringen) waarin de motieven steun vinden in het algemeen bouwreglement (verordening), kunnen immers aangevochten worden met een verzoek tot nietigverklaring, en zullen door de RvVB kunnen vernietigd worden op grond van de (vermeende) onwettigheid van een bepaald artikel in het bouwreglement (verordening).
Vandaar dat ingevolge dit arrest van de RvVb A-2021-1226 een planmer-screening (zie bijlage 10) werd opgemaakt om na te gaan of er milieu-effecten te verwachten zijn ingevolge de verordening.
Hiervoor werden verschillende adviezen ingewonnen bij onderstaande adviesinstanties (op datum van 4 april 2024):
13 van de 16 aangeschreven instanties brachten een advies uit. Geen enkel advies was negatief.
Deze screening wees uit dat, ook al zijn er een aantal beperkte gevolgen op bepaalde aspecten van het leefmilieu te verwachten in hoofde van deze verordening, toch moet vastgesteld worden dat deze gevolgen voor alle disciplines hoofdzakelijk positief zijn. Bijgevolg is een plan-MER niet vereist aangezien er geen aanzienlijke milieu-effecten verwacht worden.
De Stad ontving op datum van 5 juni 2024 de formele beslissing (ontheffing plan-mer) in deze. (zie bijlage 11)
3. Inhoud verordening
In tegenstelling tot de verordening uit 2017 (zie bijlage 12) is de opbouw van de herziene verordening anders. Allereerst werd ingezet op een meer leesbaar en helderder document, op basis van de gemeentelijke visieplannen en doelstellingen per hoofdstuk. Hieruit worden in elk hoofdstuk een aantal maatregelen voorzien, die daarna vertaald worden in verordenende voorschriften. De verordening bestaat uit de volgende 5 hoofdstukken:
De verordening wordt afgesloten met een aantal technische richtlijnen.
Het nieuwe hoofdstuk stedenbouwkundige lasten bij omgevingsvergunningen, dat omwille van het instrumentendecreet van 24 mei 2023 werd ingevoerd, bespreekt de technische en de financiële lasten. De bedragen van de financiële lasten worden later dit jaar in een nieuw apart retributiereglement bepaald. Dit reglement zal ten vroegste vanaf 1 januari 2025 in werking treden.
Deze retributie heeft als doel om de financiering mogelijk te maken van de bijkomende taken die de overheid door de uitvoering van de omgevingsvergunning op zich moet nemen. Deze inkomsten worden door de stad verplicht aangewend voor het ruimtelijk beleid van de stad.
4. Retributiereglement:
Het bijhorende retributiereglement gekoppeld aan deze verordening treedt ten vroegste vanaf 1 januari 2025 formeel in werking. De definitieve vaststelling van deze retributie zal worden voorgelegd aan de gemeenteraad eind 2024 of begin 2025.
tijdslijn procedure herziening:
niet van toepassing
De herziening van de algemene gemeentelijke stedenbouwkundige verordening uit 2017 wordt definitief vastgesteld.
Dit op basis van de ontwerpdocumenten die door het college van burgemeester en schepenen werden opgemaakt ingevolge de procedure van art. 2.3.2 § 2VCRO en na het organiseren van het openbaar onderzoek, het verplicht inwinnen van de externe adviezen en het verkrijgen van de formele ontheffing tot opmaak van de plan-mer screening.
In augustus 2018 opende Sportoase Schiervelde de deuren voor het publiek. Sportoase Schiervelde bestaat uit een zwembadcomplex, een fitnesscomplex en een horecafaciliteit.
Na 1,5 jaar werking kon Sportoase Schiervelde mooie bezoekersaantallen en financiële cijfers voorleggen. Corona gooide echter roet in het eten.
De site moest tijdelijk sluiten, mocht openen met beperkte capaciteit, moest opnieuw sluiten, … dit zowel in 2020 als in 2021.
Met betrekking tot het boekjaar 2020 klopte Sportoase in de loop van 2021 bij de stad aan met een vraag tot tussenkomst in het verlies van dit boekjaar. Sportoase vroeg initieel een tussenkomst van 410.275 euro. Na onderhandelingen tussen de stad en Sportoase werd door de stad beslist om akkoord te gaan met een tussenkomst van 177.506 euro (besluit college van burgemeester en schepenen 2021_CBS_01164 dd. 13 september 2021). Dit is tot op heden de enige tussenkomst bovenop de beschikbaarheidsvergoeding die stad aan Sportoase heeft betaald.
Voor het boekjaar 2021 had Sportoase op 23 juni 2022 opnieuw een vraag tot tussenkomst aan de stad gericht. Ditmaal voor een bedrag van 326.109 euro. Een akkoord werd niet bereikt.
De publiek-private samenwerking werd na corona daarenboven geconfronteerd met de sterk gestegen energieprijzen. Omwille van de hoge energieprijzen werd in de gemeenteraad van 19 december 2022 beslist de openingsuren van het recreatiebad van Sportoase Schiervelde aan te passen vanaf 1 januari 2023.
In 2022, 2023 en begin 2024 werd er op constructieve wijze verder onderhandeld, maar werd er nog geen akkoord bereikt.
De besprekingen, tussen de politiek-ambtelijke stuurgroep en Sportoase, hebben halfweg april 2024 geleid tot een voorstel van akkoord tussen beide partijen hetgeen kon vertaald worden in een addendum. De krachtlijnen hiervan zijn de volgende:
1. Tussenkomst in uitzonderlijke stijging van de energieprijzen
De stad komt voor het boekjaar 2023 tussen in de uitzonderlijke stijging van de energieprijzen, en dit op basis van de beschrijving van “een uitzonderlijke stijging van de energieprijzen” als “onvoorziene omstandigheid” opgenomen in het subsidiebesluit gevoegd dat eerder door de gemeenteraad van 24 juni 2017 goedgekeurd werd.
In dit subsidiebesluit staat in:
Voor de bepaling van de totale kost van de uitzonderlijk gestegen energieprijzen worden de geraamde bedragen 2018 voor gas en elektriciteit van het businessplan aan de actuele gezondheidsindex aangepast, analoog met de berekening van de beschikbaarheidsvergoeding. Het geïndexeerd bedrag dient dan als basis om de vergelijking te maken met de werkelijke gefactureerde energiekosten (elektriciteit, gas en warmtenet). Wanneer het verschil tussen de gefactureerde energiekosten en de aan de index aangepaste energiekosten uit het businessplan hoger is dan 5% van de subsidie van het vorige kalenderjaar zal de stad dit bedrag aan Sportoase betalen als tussenkomst. De indexatie gebeurt op maandbasis. Voor het boekjaar 2023 resulteert dit in een tussenkomst van de stad van 108.681 euro.
2. Financiële tussenkomst in energiebesparende investeringen
De stad kent, in het kader van een globaal akkoord, een financiële tussenkomst tot een bedrag van maximaal 238.000 euro (equivalent bedrag door Sportoase gevraagd als tussenkomst corona boekjaar 2021) toe aan Sportoase voor de prefinanciering van energiebesparende investeringen die resulteren in een voldoende hoge rendementsopbrengst met een positieve invloed op het energieverbruik en de energiefacturen. De stad komt enkel tussen in de investeringen waarvan een offerte aan de stad bezorgd is en waarvoor het rendement voldoende aangetoond kan worden (werd ondertussen door Sportoase aangetoond voor onder andere zonnepanelen, scheiding warmtenet peuter/recreatief gedeelte, … voor een bedrag van ongeveer 145.000 euro).
Aan deze tussenkomst zijn 2 voorwaarden verbonden:
3. Addendum
De berekeningswijze van de tussenkomst van de uitzonderlijke stijging van de energiekosten samen met de modaliteiten en voorwaarden van de financiële tussenkomst, winstuitkering, … worden opgenomen in een addendum.
In dit addendum worden bovendien nog bijkomende afspraken opgenomen (bv. in verband met de aangepaste openingsuren, opening cafetaria, optimaliseren operationele werking, …).
Vanuit de politiek-ambtelijke stuurgroep wordt voorgesteld dit evenwichtig voorstel goed te keuren. De stad komt op basis van het subsidiebesluit tussen in de gestegen energiekosten, maar anticipeert naar de toekomst toe door het versneld laten uitvoeren van energiebesparende investeringen waardoor toekomstige tussenkomsten in de energiekosten tot een minimum herleid kunnen worden. Daarnaast vloeit op middellange termijn het geprefinancierde bedrag van de tussenkomst terug naar de stad door middel van een voorafname van de winstuitkering.
Via het addendum worden daarenboven nog extra voorwaarden opgelegd aan Sportoase die de efficiëntie van de werking van Sportoase Schiervelde ten goede komen.
Het addendum biedt een antwoord op de verschillende uitdagingen waar de publiek-private samenwerking mee werd en nog steeds wordt geconfronteerd (gelijkaardig aan andere steden) maar biedt tevens de grondslag om de samenwerking naar de toekomst toe te versterken en de mogelijkheid om een tussenkomst voor uitzonderlijke omstandigheden af te remmen.
Tussenkomst in uitzonderlijke stijging energieprijzen:
Financiële tussenkomst in energiebesparende investeringen
Visum 2024/508 dd. 06/06/2024
Kredietcontrole: Voldoende beschikbaar: 308.681,18 euro (energieprijzen) en 238.000 euro (invest.)
De gemeenteraad keurt het ontwerp van addendum, zoals in bijlage gevoegd, goed waarbij onder meer een regeling wordt getroffen tot regeling van de meerkosten inzake energie en de maatregelen om de site meer energieneutraal te maken.
De jaarrekening 2023 is de vierde jaarrekening volgens de BBC2020-regelgeving.
Stad en OCMW hebben een gezamenlijk meerjarenplan opgesteld dat door beide raden werd vastgesteld (laatste aanpassing van de kredieten van 2023 in de gemeenteraad van 19 december 2023). Beide rechtspersonen hebben samen één doelstellingenboom, waarbij de doelstellingen van het OCMW en die van de Stad vervlochten zijn. Omdat de Stad en het OCMW een geïntegreerd meerjarenplan hebben, wordt het financiële evenwicht voor die twee besturen als één geheel gepresenteerd en beoordeeld.
Omdat elke rechtspersoon voor de eigen verplichtingen en verbintenissen blijft instaan, blijft in de jaarrekening een duidelijk onderscheid bestaan tussen de kredieten van de Stad en die van het OCMW. Dat komt tot uiting in het schema met het overzicht van de kredieten (schema J3), waarin de kredieten voor de Stad en het OCMW apart worden opgenomen.
De vaststelling van de jaarrekening behoort tot de voorbehouden bevoegdheden van elke raad.
De Stad en het OCMW hebben een geïntegreerde jaarrekening, maar hebben hun eigen bevoegdheden voor de vaststelling ervan. Zowel de gemeenteraad als de raad voor maatschappelijk welzijn moeten eerst hun eigen deel van de jaarrekening vaststellen. Daarna kan de gemeenteraad het deel van de jaarrekening dat de raad voor maatschappelijk welzijn heeft vastgesteld, goedkeuren, waardoor de jaarrekening definitief is vastgesteld.
Het ontwerp van de jaarrekening bevat de volgende documenten:
A. Beleidsevaluatie:
B. Financiële nota:
C.Toelichting:
De documentatie bij de jaarrekening 2023 is raadpleegbaar op de portaalsite van de mandatarissen en bevat de volgende documenten:
Punt 19, 20 en 21 (rekening 2023 en de aanpassing van het meerjarenplan 7 2020-2025) worden samen genomen ter bespreking.. Na de tussenkomst van de fractie N-VA wordt de zitting geschorst. Na de schorsing wordt door het college van burgemeester en schepenen een antwoord gegeven op de gestelde vragen. Vooraleer over te gaan tot de stemming wordt de zitting van de gemeenteraad geschorst om de zitting van de raad voor maatschappelijk welzijn te openen voor de bespreking en de stemming over de op de raad voor maatschappelijk welzijn geagendeerde punten.
Er zijn geen financiële gevolgen aan dit besluit.
Het deel van de jaarrekening 2023 van de Stad wordt goedgekeurd zoals in bijlage gevoegd
Het deel van de jaarrekening 2023 van het OCMW, zoals vastgesteld door de raad voor maatschappelijk welzijn, wordt goedgekeurd zoals in bijlage gevoegd.
De gezamenlijke jaarrekening 2023 van de Stad en het OCMW wordt vastgesteld zoals in bijlage gevoegd.
Stad en OCMW hebben een gezamenlijk meerjarenplan opgesteld dat door beide raden werd vastgesteld. Beide rechtspersonen hebben samen één doelstellingenboom, waarbij de doelstellingen van het OCMW en die van de Stad vervlochten zijn. Omdat de Stad en het OCMW een geïntegreerd meerjarenplan hebben, wordt het financiële evenwicht voor die twee besturen als één geheel gepresenteerd en beoordeeld.
Omdat elke rechtspersoon voor de eigen verplichtingen en verbintenissen blijft instaan, blijft in het meerjarenplan een duidelijk onderscheid bestaan tussen de kredieten van de Stad en die van het OCMW. Dat komt tot uiting in het schema met het overzicht van de kredieten (schema M3), waarin de kredieten voor de Stad en het OCMW apart worden opgenomen.
Het vroegere jaarlijkse budget als beleidsdocument is weggevallen en is voortaan geïntegreerd in het meerjarenplan. De ramingen, die het bestuur voor de boekjaren 2024 en 2025 in het meerjarenplan 2020-2025 (en de aanpassing ervan) inschrijft voor de exploitatie, de investeringen en de financiering zijn dan ook de kredieten voor deze boekjaren. In het meerjarenplan van de Stad en het OCMW worden de afzonderlijke kredieten aldus per rechtspersoon ingeschreven. De Stad en het OCMW blijven immers twee afzonderlijke budgettaire entiteiten. De kredieten worden duidelijk toegewezen aan elke rechtspersoon afzonderlijk, ook al wordt het beleid van beide als één geheel voorgesteld.
De vaststelling van het meerjarenplan en de aanpassing van dit meerjarenplan behoort tot de voorbehouden bevoegdheden van de raad.
De Stad en het OCMW hebben een geïntegreerd meerjarenplan, maar hebben hun eigen bevoegdheden voor de vaststelling ervan. Zowel de gemeenteraad als de raad voor maatschappelijk welzijn moet eerst zijn eigen deel van het meerjarenplan (en de aanpassing van het meerjarenplan) vaststellen. Daarna kan de gemeenteraad het deel van het meerjarenplan (en de aanpassing van het meerjarenplan) dat de raad voor maatschappelijk welzijn heeft vastgesteld, goedkeuren, waardoor het meerjarenplan (en de aanpassing van het meerjarenplan) definitief is vastgesteld.
In de regelgeving staat bepaald dat de periode van de aanpassing van het meerjarenplan altijd de initiële periode van het meerjarenplan blijft (i.e. 2020-2025), maar dat de staat van het financieel evenwicht (schema M2), het overzicht van de ontvangsten en uitgaven volgens hun economische aard (schema T2) en het overzicht van de evolutie van de financiële schulden (schema T4) altijd de financiële consequenties voor ten minste 3 toekomstige boekjaren moeten beschrijven. In de aanpassing meerjarenplan 7 2020-2025 worden deze schema's bijgevolg uitgebreid tot en met 2027.
Het ontwerp van de aanpassing meerjarenplan 7 2020-2025 bevat volgende documenten:
De documentatie bij de aanpassing meerjarenplan 7 2020-2025 is raadpleegbaar op de portaalsite van de mandatarissen en bevat de volgende documenten:
Punt 19, 20 en 21 (rekening 2023 en de aanpassing van het meerjarenplan 7 2020-2025) worden samen genomen ter bespreking.. Na de tussenkomst van de fractie N-VA wordt de zitting geschorst. Na de schorsing wordt door het college van burgemeester en schepenen een antwoord gegeven op de gestelde vragen. Vooraleer over te gaan tot de stemming wordt de zitting van de gemeenteraad geschorst om de zitting van de raad voor maatschappelijk welzijn te openen voor de bespreking en de stemming over de op de raad voor maatschappelijk welzijn geagendeerde punten.
Er zijn geen financiële gevolgen aan dit besluit.
De kredieten van de Stad voor het boekjaar 2024 en het boekjaar 2025 (M3) worden vastgesteld zoals opgenomen in de aanpassing meerjarenplan 7 2020-2025 en in bijlage gevoegd.
De aanpassing meerjarenplan 7 2020-2025 wordt vastgesteld zoals in bijlage gevoegd.
Stad en OCMW hebben een gezamenlijk meerjarenplan opgesteld dat door beide raden werd vastgesteld. Beide rechtspersonen hebben samen één doelstellingenboom, waarbij de doelstellingen van het OCMW en die van de Stad vervlochten zijn. Omdat de Stad en het OCMW een geïntegreerd meerjarenplan hebben, wordt het financiële evenwicht voor die twee besturen als één geheel gepresenteerd en beoordeeld.
Omdat elke rechtspersoon voor de eigen verplichtingen en verbintenissen blijft instaan, blijft in het meerjarenplan een duidelijk onderscheid bestaan tussen de kredieten van de Stad en die van het OCMW. Dat komt tot uiting in het schema met het overzicht van de kredieten (schema M3), waarin de kredieten voor de Stad en het OCMW apart worden opgenomen.
Het vroegere jaarlijkse budget als beleidsdocument is weggevallen en is voortaan geïntegreerd in het meerjarenplan. De ramingen, die het bestuur voor de boekjaren 2024 en 2025 in het meerjarenplan 2020-2025 (en de aanpassing ervan) inschrijft voor de exploitatie, de investeringen en de financiering zijn dan ook de kredieten voor deze boekjaren. In het meerjarenplan van de Stad en het OCMW worden de afzonderlijke kredieten aldus per rechtspersoon ingeschreven. De Stad en het OCMW blijven immers twee afzonderlijke budgettaire entiteiten. De kredieten worden duidelijk toegewezen aan elke rechtspersoon afzonderlijk, ook al wordt het beleid van beide als één geheel voorgesteld.
De vaststelling van het meerjarenplan en de aanpassing van dit meerjarenplan behoort tot de voorbehouden bevoegdheden van de raad.
De Stad en het OCMW hebben een geïntegreerd meerjarenplan, maar hebben hun eigen bevoegdheden voor de vaststelling ervan. Zowel de gemeenteraad als de raad voor maatschappelijk welzijn moet eerst zijn eigen deel van het meerjarenplan (en de aanpassing van het meerjarenplan) vaststellen. Daarna kan de gemeenteraad het deel van het meerjarenplan (en de aanpassing van het meerjarenplan) dat de raad voor maatschappelijk welzijn heeft vastgesteld, goedkeuren, waardoor het meerjarenplan (en de aanpassing van het meerjarenplan) definitief is vastgesteld.
In de regelgeving staat bepaald dat de periode van de aanpassing van het meerjarenplan altijd de initiële periode van het meerjarenplan blijft (i.e. 2020-2025), maar dat de staat van het financieel evenwicht (schema M2), het overzicht van de ontvangsten en uitgaven volgens hun economische aard (schema T2) en het overzicht van de evolutie van de financiële schulden (schema T4) altijd de financiële consequenties voor ten minste 3 toekomstige boekjaren moeten beschrijven. In de aanpassing meerjarenplan 7 2020-2025 worden deze schema's bijgevolg uitgebreid tot en met 2027.
Het ontwerp van de aanpassing meerjarenplan 7 2020-2025 bevat volgende documenten:
De documentatie bij de aanpassing meerjarenplan 7 2020-2025 is raadpleegbaar op de portaalsite van de mandatarissen en bevat de volgende documenten:
Punt 19, 20 en 21 (rekening 2023 en de aanpassing van het meerjarenplan 7 2020-2025) worden samen genomen ter bespreking.. Na de tussenkomst van de fractie N-VA wordt de zitting geschorst. Na de schorsing wordt door het college van burgemeester en schepenen een antwoord gegeven op de gestelde vragen. Vooraleer over te gaan tot de stemming wordt de zitting van de gemeenteraad geschorst om de zitting van de raad voor maatschappelijk welzijn te openen voor de bespreking en de stemming over de op de raad voor maatschappelijk welzijn geagendeerde punten.
Er zijn geen financiële gevolgen aan dit besluit.
De kredieten van de Stad en het OCMW voor het boekjaar 2024 en het boekjaar 2025 (M3) worden vastgesteld zoals opgenomen in de aanpassing meerjarenplan 7 2020-2025 en in bijlage gevoegd.
De aanpassing meerjarenplan 7 2020-2025 wordt vastgesteld zoals in bijlage gevoegd
De lijst van de toegestane werkings- en investeringssubsidies zoals in bijlage gevoegd en de toekenning ervan wordt goedgekeurd.
Het voorstel van beslissing wordt als volgt geamendeerd::
De stedelijke politieverordening de dato 17 oktober 2022 zoals aangevuld door het politiebesluit van de burgemeester de dato 12 april 2023 wordt als volgt uitgebreid:
Artikel 1 alinea 1 van de politieverordening de dato 17 oktober 2022 wordt als volgt uitgebreid:
Het is verboden alcoholhoudende dranken (gedistilleerde of gegiste dranken, al dan niet in gemixte vorm) te gebruiken op het openbaar domein bestaande uit het stationsplein (inclusief busstation) , Muntplein en De Coninckplein.
Artikel 2 van de politieverordening de dato 17 oktober 2022 wordt uitgebreid met navolgende tussengevoegde nieuwe derde alinea:
Met het De Coninckplein uit artikel 1 wordt bedoeld: het plein begrensd door de Hendrik Consciencestraat, Jan Mahieustraat, Sint-Amandsstraat en De Coninckplein (gelijknamige straat) .
Naar aanleiding van de aanhoudende overlast op het Stationsplein die onze fractie in deze gemeenteraad tot vervelens toe aankaartte, werd er een eerste alcoholverbod ingesteld middels een stedelijke politieverordening op 27 juni 2022. Inmiddels -vanwege de doeltreffendheid van de maatregel- is er een verlenging en een uitbreiding geweest van dit alcoholverbod.
We waarschuwden toen echter ook reeds voor het gevaar dat de problematiek zich zou verleggen naar het nabijgelegen De Coninckplein, in de volksmond het Sint-Amandsplein.
Ondertussen werden, naar aanleiding van de verwachtte zomer, daar reeds terug de gekleurde stoeltjes geplaatst. We stellen nu vast, samen met de buurtbewoners en de passanten dat deze plaats nu de uitwijkplaats is geworden van diegenen die door het alcoholverbod zijn verdreven van het Stationsplein.
Ze vatten post o.a. recht tegenover de Sint-Amandskerk waar nu “Kunstuur” is gevestigd. Ze zitten/liggen daar langs de grond, sommigen samen met hun huisdier en o.a. hun voorraad bier in halve liter blikken. De hoek links van het kerkgebouw gebruiken ze als plaats om te urineren en ze vallen constant verbaal mensen lastig. Dit is uiteraard niet toelaatbaar, maar evenmin is dit gedrag een visitekaartje voor onze stad. Enkele bezoekers van buiten de stad aan “Kunstuur” spraken me hierover reeds aan.
Daarom stelt onze fractie voor om het alcoholverbod, zoals nu ingesteld aan het station, ook in te voeren aan het De Coninckplein, en nu reeds in dit besluit uit praktische overwegingen direct het Moermanpark, dat nog in aanleg, is mee te nemen en de Waterval op het einde van de Kleine Bassin.
Deze maatregel staat natuurlijk in relatie met de verdere opvolging van deze personen door de (sociale) diensten die onze stad rijk is zoals op heden reeds het geval is.
Voorstel tot beslissing:
De gemeenteraad in zitting bijeen op 24 juni 2024 vult het politiebesluit
met aanvulling
aan met volgende zones:
Rekening houdend met het goedgekeurd amendement waarbij het voorstel van beslissing als volgt wordt aangepast:
Artikel 1 alinea 1 van de politieverordening d.d. 17 oktober 2022 wordt als volgt uitgebreid:
Het is verboden alcoholhoudende dranken (gedistilleerde of gegiste dranken, al dan niet in gemixte vorm) te gebruiken op het openbaar domein bestaande uit het stationsplein (inclusief busstation) , Muntplein en De Coninckplein.
Artikel 2 van de politieverordening d.d. 17 oktober 2022 wordt uitgebreid met navolgende tussengevoegde nieuwe derde alinea:
Met het De Coninckplein uit artikel 1 wordt bedoeld: het plein begrensd door de Hendrik Consciencestraat, Jan Mahieustraat, Sint-Amandsstraat en De Coninckplein (gelijknamige straat) .
wordt dit voorstel tot beslissing goedgekeurd.