Het decreet betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen van 30 mei 2008, en latere wijzigingen.
Een overvloed aan reclameborden veroorzaakt visuele vervuiling. Met deze belasting wordt getracht het aantal reclameborden in het straatbeeld te beperken. Het tarief van deze belasting moet voldoende hoog zijn om dit doel te bereiken.
Reclameborden, geplaatst op sportterreinen, gericht naar de plaats van sportbeoefening en alhoewel zichtbaar vanop de openbare weg worden vrijgesteld van deze belasting. Diegene die met het betreffende bord reclame maakt, mikt op het publiek dat naar de sportactiviteiten op die sportterreinen, waarbij de zichtbaarheid vanop de openbare weg eerder toevallig is.
De gemeenteraad stelde in zitting van 17 december 2019 de belasting op permanente en tijdelijke reclameborden en steigerreclame vast voor de aanslagjaren 2020 tot en met 2025.
Het tarief wordt geïndexeerd ten opzichte van de laatste tariefaanpassing.
Bijkomend wordt een jaarlijkse verhoging van 2 % ingeschreven in het reglement.
Om te voorzien in de algemene middelen van de stad en om het vooropgestelde beleid te realiseren is het nodig de belasting op permanente en tijdelijke reclameborden en steigerreclame verder te heffen.
Budgetsleutel 73422000/002000 - raming € 180.000
Het belastingreglement op permanente en tijdelijke reclameborden en steigerreclame wordt als volgt vastgesteld:
Artikel 1
Er wordt voor de aanslagjaren 2026 tot en met 2031 een belasting gevestigd op vaste reclameborden, tijdelijke reclameborden/led-schermen, steigerreclame.
Artikel 2 – Definities
Voor de toepassing van dit reglement wordt verstaan onder:
Reclame: elke mededeling die rechtstreeks of onrechtstreeks tot doel heeft de verkoop van producten of diensten te bevorderen, ongeacht de plaats of de aangewende communicatiemiddelen.
Producten: lichamelijke roerende zaken, onroerende goederen, rechten en verplichtingen.
Permanent reclamebord: elke reclame op een stilstaand of vast communicatiemiddel, zichtbaar van op de openbare weg en uitwendig aangebracht, met een permanent karakter.
Tijdelijk reclamebord: elke reclame op een stilstaand of vast communicatiemiddel, zichtbaar van op de openbare weg en uitwendig aangebracht, met een tijdelijk karakter (o.a. ledschermen).
Steigerreclame: reclame aangebracht op tijdelijke stellingen of constructies die worden geplaatst voor of aan de gevel van een gebouw naar aanleiding van de uitvoering van werken. De inhoud van de reclame dient vooraleer de plaatsing te worden goedgekeurd door het college van burgemeester en schepenen.
Worden niet als reclame beschouwd:
Notariële aankondigingen en aankondigingen met betrekking tot de verkoop of verhuur van een gebouw, bevestigd aan de gevel van het pand in kwestie.
Mededelingen door openbare besturen, autonome gemeentebedrijven of openbare diensten
Mededelingen ter gelegenheid van wettelijk voorziene verkiezingen
Mededelingen door politieke, culturele, sociale of godsdienstige organisaties en onderwijsinstellingen wanneer het gaat om aankondigingen die uitsluitend voorbehouden zijn voor hun eigen activiteiten, voor zover geen winstgevend doel wordt nagestreefd.
Artikel 3 – Permanente reclameborden
3.1 - Belastingplichtige
De belasting is jaarlijks verschuldigd door de natuurlijke persoon of de rechtspersoon, die de beschikking heeft over het vast reclamebord; is deze niet gekend, de eigenaar van de grond waarop het permanent reclamebord is geplaatst of de eigenaar van de muur of de afsluiting waarop het permanent reclamebord is aangebracht.
De natuurlijke persoon of de rechtspersoon, die de beschikking heeft over het vast reclamebord, de eigenaar van de grond waarop het permanent reclamebord is geplaatst of de eigenaar van de muur of de afsluiting waarop het permanent reclamebord is aangebracht, zijn hoofdelijk gehouden tot betaling van de belasting.
3.2 - Bedrag van de belasting
Het jaarlijks bedrag van de belasting wordt bepaald per bord en bedraagt € 110,00 per m² .
De belasting stijgt jaarlijks met 2 % en wordt afgerond op 25 eurocent.
De belasting is ondeelbaar en voor het hele jaar verschuldigd, ongeacht het tijdstip waarop het betrokken bord wordt geplaatst, met uitzondering van de borden zoals bepaald in navolgend artikel 3.3.
Als belastbare oppervlakte wordt de oppervlakte genomen die voor reclame kan gebruikt worden.
Als de reclame een onregelmatige vorm heeft, wordt de oppervlakte berekend door een rechthoek te vormen waarvan de zijden horizontaal en verticaal door de uiterste punten van de reclame gaan.
De gedeelten van een m² worden proportioneel tegen dezelfde aanslagvoet belast.
Een toename van oppervlakte in de loop van het jaar geeft aanleiding tot een overeenkomstige toename van de te betalen belasting.
De belasting wordt:
Verdubbeld voor reclameborden waarbij reclame op beide zijden is aangebracht;
Berekend in veelvoud van het aantal reclames wanneer één communicatiemiddel opeenvolgende reclames vertoont.
3.3 - Vrijstellingen
De belasting is niet verschuldigd voor:
De permanente reclameborden die worden geplaatst na 1 december van het aanslagjaar;
De permanente reclameborden, alhoewel zichtbaar vanop de openbare weg, geplaatst op sportterreinen, en gericht naar de plaats van de sportbeoefening;
De permanente reclameborden, die uitsluitend worden gebruikt op een bepaalde plaats om aan het publiek de handel of de nijverheid te doen kennen die daar uitgebaat wordt, de merken van de producten die daar verkocht of vervaardigd worden, het beroep dat er uitgeoefend wordt en, in het algemeen, de activiteiten die er plaatshebben.
De permanente reclameborden, geplaatst door of in samenwerking met de stad
3.4 – Aangifteplicht
De belastingplichtige ontvangt vanwege het stadsbestuur, minstens 20 dagen voor de uiterste aangiftedatum, een aangifteformulier dat door hem, behoorlijk ingevuld en ondertekend, moet worden teruggestuurd uiterlijk tegen 15 oktober van het aanslagjaar.
De belastingplichtige die geen aangifteformulier heeft ontvangen dient spontaan aan het stadsbestuur de voor de aanslag noodzakelijke gegevens ter beschikking te stellen tegen 15 oktober van het aanslagjaar.
Naast de jaarlijkse aangifteplicht moet na wijziging van de belastbare toestand uiterlijk tegen 30 november van het aanslagjaar spontaan aangifte worden gedaan van:
Nieuw aangebrachte communicatiemiddelen
Aanpassingen aan bestaande communicatiemiddelen
Bij gebrek aan aangifte tegen de vastgestelde aangiftedatum of bij onvolledige, onjuiste of onnauwkeurige aangifte wordt de belastingplichtige ambtshalve ingekohierd volgens de gegevens waarover het stadsbestuur beschikt, onverminderd het recht van bezwaar en beroep.
Vooraleer over te gaan tot de ambtshalve vaststelling van de belasting, betekent het college aan de belastingplichtige, per aangetekend schrijven, de motieven om gebruik te maken van deze procedure, de elementen waarop de aanslag is gebaseerd evenals de wijze van bepaling van deze elementen en het bedrag van de belasting.
De belastingplichtige beschikt over een termijn van dertig kalenderdagen te rekenen van de derde werkdag die volgt op de verzending van die kennisgeving om zijn opmerkingen schriftelijk voor te dragen.
3.5 – Belastingverhoging
Op de overeenkomstig artikel 3.4 ambtshalve ingekohierde belasting zal een belastingverhoging worden toegepast van 50 % van de verschuldigde belasting.
Het bedrag van deze verhoging wordt ingekohierd.
3. 6 – Kohier
De belasting wordt ingevorderd bij middel van een kohier, dat vastgesteld en uitvoerbaar verklaard wordt door het college van burgemeester en schepenen.
3.7 - Betaling
De belasting moet betaald worden binnen 2 maanden na de verzending van het aanslagbiljet.
Artikel 4 - Tijdelijke reclameborden
4.1 – Belastingplichtige
De belasting is verschuldigd door de natuurlijke persoon of de rechtspersoon die de omgevingsvergunning voor het plaatsen van het tijdelijk reclamebord aanvraagt bij de bevoegde stadsdienst.
De natuurlijke of de rechtspersoon die het gebruiksrecht heeft over het tijdelijk reclamebord is hoofdelijk aansprakelijk voor de betaling van de belasting.
4.2 – Bedrag van de belasting
De belasting bedraagt per tijdelijk reclamebord:
Per dag | 22,00 € |
Per week | 75,00 € |
Per maand | 220,00 € |
De belasting stijgt jaarlijks met 2 % en wordt afgerond op 25 eurocent.
4.3 – Vrijstellingen
De belasting is niet verschuldigd voor:
De reclameborden van uitvoerende aannemers aan werfhekkens tijdens de uitvoering van werken.
De reclameborden, geplaatst door of in samenwerking met de stad in het kader van citymarketing. De afspraken met betrekking tot de citymarketing dienen schriftelijk te worden aangetoond.
4.4 – Contantbelasting
De belasting op tijdelijke reclameborden wordt contant ingevorderd tegen afgifte van een betalingsbewijs en is verschuldigd bij de aflevering van de goedgekeurde omgevingsvergunning.
Als de contantbelasting niet kan worden geïnd, wordt de belasting een kohierbelasting. Ze wordt dit door opname in een kohier en krijgt vanaf dan alle kenmerken van een kohierbelasting.
Artikel 5 – Steigerreclame
5.1 – Belastingplichtige
De belasting is verschuldigd door de natuurlijke persoon of de rechtspersoon die de vergunning voor het plaatsen van de steigerreclame aanvraagt bij de bevoegde stadsdienst.
De natuurlijke of de rechtspersoon die het gebruiksrecht heeft over de steigerreclame is hoofdelijk aansprakelijk voor de betaling van de belasting.
5.2 – Bedrag van de belasting
De belasting wordt vastgesteld op € 110,00 per m² .
De belasting stijgt jaarlijks met 2 % en wordt afgerond op 25 eurocent.
De belasting geldt voor een periode van maximum 12 maanden.
De gedeelten van een m² worden proportioneel tegen dezelfde aanslagvoet belast.
5.3 – Vrijstellingen
De belasting is niet verschuldigd voor:
Het deel van de steigerreclame (maximum 4 m²) waarop enkel de handelsbenaming van de belastingplichtige, de aard van zijn werkzaamheden, eventueel de naam van de bouwheer, architect, aannemers en verdere praktische gegevens zoals verantwoordelijke voor signalisatie, worden vermeld;
Het deel van de steigerreclame dat een weergave is van de achterliggende gevel.
5.4 - Contantbelasting
De belasting op de steigerreclame wordt contant ingevorderd tegen afgifte van een betalingsbewijs en is verschuldigd bij aflevering van de goedgekeurde omgevingsvergunning.
Als de contantbelasting niet kan worden geïnd, wordt de belasting een kohierbelasting. Ze wordt dit door opname in een kohier en krijgt vanaf dan alle kenmerken van een kohierbelasting.
Artikel 6
De belastingschuldige kan bezwaar indienen bij het college van burgemeester en schepenen volgens de modaliteiten van het decreet van 30 mei 2008; en latere wijzigingen.
Artikel 7
Deze verordening wordt aan de toezichthoudende overheid toegezonden.