De stad wordt geconfronteerd met een toename van chauffeurs die roekeloos rijgedrag stellen. In een aantal gevallen is het nodig de voertuigen van de roekeloze chauffeurs te immobiliseren en van de baan te halen als preventieve maatregel, het voertuig wordt derhalve bestuurlijk in beslag genomen.
Hiertoe werd in zitting van 21 februari 2022 het retributiereglement op de bestuurlijke inbeslagname en bewaring van voertuigen goedgekeurd voor de periode ingaand op 01.03.2022 tot en met 31.12.2025.
Het is aangewezen het retributiereglement te verlengen voor de periode 01.01.2026 tot en met 31.12.2031, zodat de kosten van deze bestuurlijke inbeslagname verder kunnen doorgerekend worden aan de roekeloze bestuurder. De retributie is een forfaitair bedrag met inbegrip van de effectieve takelkost. Het komt immers weinig billijk over dat deze kostprijs zou dienen te worden gedragen door alle burgers, nu net de gevaarlijke houding van deze chauffeurs de meerkosten voor de stedelijke begroting veroorzaakt.
Er wordt een differentiatie gemaakt in de tarifering naargelang de zwaarte van het voertuig, wat in verhouding staat met de door de takelfirma aangerekende kosten aan de stad; het stallen van zwaardere voertuigen is bovendien duurder. De betaling van de retributie dient te gebeuren op het moment van ophaling van het voertuig, nadat het bestuurlijk beslag werd opgeheven.
De tarieven van de retributies worden geïndexeerd ten opzichte van de tariefbepaling van maart 2022.
Er wordt ook voorgesteld om een jaarlijkse stijging van de tarieven met 2 % in te schrijven in de reglementen. Op die manier evolueren uitgaven en ontvangsten in dezelfde richting.
Artikel 119 Nieuwe Gemeentewet
Artikelen 41, 162/2e, 170/paragraaf 4 en 173 van de gecoördineerde grondwet
Artikel 41, 14° van het decreet lokaal bestuur
Budgetsleutel 70090000/048000 - raming € 5.000
Het retributiereglement op de bestuurlijke inbeslagname en bewaring van voertuigen wordt als volgt goedgekeurd:
Artikel 1
Voor een periode ingaand op 01.01.2026 en eindigend op 31.12.2031 wordt een retributie gevestigd op de bestuurlijke inbeslagname en bewaring van voertuigen.
Artikel 2 - Definities
In dit reglement wordt verstaan onder:
Artikel 3 - Bedrag
De retributie is een bedrag dat bestaat uit twee delen en wordt als volgt vastgesteld:
Deel 1: Forfaitair bedrag voor de bestuurlijke inbeslagname voertuig:
| voertuigen tot 3.500 kg | € 290,00
|
| voertuigen vanaf 3.500 kg
| € 460,00 |
Deel 2: Een bewaarkost per begonnen dag
| voor een voertuig tot 3.500 kg | € 29,00 |
| voor een voertuig vanaf 3.500 kg | € 46,00 |
De retributie stijgt jaarlijks met 2 %. Bedragen kleiner dan 100 euro worden afgerond op 25 eurocent. Bedragen vanaf 100 euro worden op de volle euro afgerond.
Artikel 4
De retributie is verschuldigd door de gebruiker van het voertuig op het moment van de bestuurlijke inbeslagname.
De houder van de nummerplaat en/of de eigenaar, dan wel bezitter, van het voertuig is de retributie verschuldigd indien de gebruiker in gebreke blijft.
Artikel 5 - Betaling
§ 1 De totale retributie dient vóór het moment van ophaling van het voertuig betaald te worden.
§ 2 De betaling van de retributie gebeurt bij voorkeur elektronisch.
§ 3 Op het moment van ophaling van het voertuig dient de verschuldigde retributie volledig betaald te zijn.
§ 4 Het voertuig wordt enkel vrijgegeven op voorlegging van een betaalbewijs.
§ 5 Indien de betaling van de volledige retributie niet voldaan is op de voorziene dag van ophaling en/of het voertuig niet opgehaald wordt op de voorziene dag van ophaling, wordt de stalling verlengd en de bijkomende bewaarkost eveneens aangerekend.
§ 6 Het voertuig wordt maximaal tot 6 maanden na de bestuurlijke inbeslagname bewaard. Indien de retributie na die 6 maanden niet betaald is, kan de eigenaar ervoor kiezen om vrijwillig afstand te doen van het voertuig.
Artikel 6
Artikel 177 van het decreet lokaal bestuur biedt de mogelijkheid om een dwangbevel uit te vaardigen met het oog op de invordering van onbetwiste en opeisbare niet-fiscale schuldvorderingen.
Bij betwisting kan het stadsbestuur zich tot de burgerlijke rechtbank wenden om de retributie in te vorderen.