De stad Roeselare streeft naar een kwalitatieve, betaalbare en duurzame woonomgeving voor al haar inwoners. Binnen dit beleid vormt het optimaal benutten van het bestaande woningpatrimonium een belangrijke pijler. Leegstaande woningen betekenen immers een verlies aan woonaanbod en dragen vaak bij tot de verloedering van de buurt en de waardevermindering van omliggende panden.
Om deze redenen beschikt de stad over een leegstandsregister van woningen en gebouwen. Dit instrument laat toe om eigenaars te stimuleren hun leegstaand pand opnieuw te activeren of te renoveren, zodat het opnieuw kan bijdragen aan de lokale woonmarkt.
De belasting op leegstaande woningen heeft in dit kader een activerend en sensibiliserend karakter. Ze is in de eerste plaats bedoeld als beleidsinstrument om eigenaars aan te moedigen hun pand opnieuw bewoonbaar te maken, het zelf te bewonen, te verhuren of te verkopen. Op die manier draagt de stad bij aan een kwalitatieve woonomgeving, het behoud van het woningaanbod en het voorkomen van bijkomende ruimte-inname.
In de binnenstad blijft Stad Roeselare uiteraard maximaal inzetten op het behoud van aantrekkelijke handelszaken en het vermijden van leegstand. Handelspanden in de kern worden daarom versneld belast bij opname in het leegstandsregister.
Ook in Roeselare wordt een toename vastgesteld van langdurige leegstand. Daarom wordt voorgesteld om de huidige basisheffing te indexeren.
Om te voorzien in de algemene middelen en om het vooropgestelde beleid te handhaven is het aangewezen de belasting op leegstaande woningen en/of gebouwen ook te heffen in de aanslagjaren 2026 tot en met 2031.
Inhoudelijke wijzigen:
Budgetsleutel 73740000/002000 – raming € 1.317.000
De directe belasting op leegstaande woningen en/of gebouwen wordt als volgt vastgesteld:
Artikel 1: Definitie:
Kernwinkelgebied: de zone zoals afgebakend door het college van burgemeester en schepenen.
Artikel 2: Belastbaar feit
§1 Er wordt voor de periode van 01.01.2026 tot en met 31.12.2031 een jaarlijkse directe belasting gevestigd op woningen en gebouwen die zijn opgenomen in het gemeentelijk leegstandsregister.
§2 De belasting is voor het eerst verschuldigd vanaf het ogenblik dat de woning of het gebouw gedurende twaalf opeenvolgende maanden is opgenomen in het gemeentelijk leegstandsregister.
§3 In afwijking van §2 is de belasting op leegstaande gebouwen gelegen binnen het kernwinkelgebied voor het eerst verschuldigd op de datum van opname in het gemeentelijk leegstandsregister.
§4 Zolang de woning of het gebouw niet uit het gemeentelijk leegstandsregister is geschrapt, is de belasting van het aanslagjaar verschuldigd op het ogenblik dat een nieuwe termijn van twaalf maanden verstrijkt.
Artikel 3: Administratieve verordening
Voor de opmaak en het bijhouden van het leegstandsregister zijn de bepalingen van de administratieve verordening, voor de registratie van leegstaande woningen en/of gebouwen – woningen en/of gebouwen in verwaarloosde toestand - tweede verblijven vastgesteld in de Gemeenteraad van 15.12.2025, en latere wijzigingen, van toepassing.
Artikel 4: Belastingplichtige
De belasting is verschuldigd door de zakelijk gerechtigde van de woning die en/of het gebouw dat in het leegstandsregister is opgenomen.
Indien er evenwel een recht van opstal, erfpacht of vruchtgebruik bestaat, is de belasting verschuldigd door de opstalhouder, erfpachter of vruchtgebruiker.
In geval van mede-eigendom, is iedere mede-eigenaar belastingplichtig voor zijn wettelijk deel.
Zo er meerdere belastingplichtigen zijn, zijn deze hoofdelijk gehouden tot betaling van de verschuldigde belasting.
Artikel 5: Bedrag van de belasting
A: Woningen en gebouwen (met uitzondering van appartementen en kamers)
§1 Basisbelasting
De basisbelasting wordt vastgesteld per strekkende meter gevellengte aan de straatzijde.
De belastbare gevellengte van woningen en gebouwen, die niet aan de openbare weg grenzen, wordt bepaald door de afstand tussen de uiterste punten van het gebouw of
de woning geprojecteerd op de openbare weg.
Indien het woningen of gebouwen betreft die gelegen zijn op een hoekperceel of grenzen aan twee of meerdere straten, wordt enkel de grootste gevellengte in aanmerking genomen voor de berekening van de belasting.
Afhankelijk van de gevellengte wordt de basisbelasting van de belasting als volgt vastgesteld:
Gevellengte | Basisbedrag |
≤ 5 meter | 2.000,00 € |
> 5 meter en ≤ 6 meter | 2.400,00 € |
> 6 meter en ≤ 7 meter | 2.800,00 € |
> 7 meter en ≤ 8 meter | 3.200,00 € |
> 8 meter en ≤ 9 meter | 3.600,00 € |
> 9 meter en ≤ 10 meter | 4.000,00 € |
> 10 meter en ≤ 11 meter | 4.400,00 € |
> 11 meter en ≤ 12 meter | 4.800,00 € |
> 12 meter en ≤ 13 meter | 5.200,00 € |
> 13 meter en ≤ 14 meter | 5.600,00 € |
> 14 meter en ≤ 15 meter | 6.000,00 € |
> 15 meter en ≤ 16 meter | 6.400,00 € |
> 16 meter en ≤ 17 meter | 6.800,00 € |
> 17 meter en ≤ 18 meter | 7.200,00 € |
> 18 meter en ≤ 19 meter | 7.600,00 € |
> 19 meter | 8.000,00 € |
§2. Progressief tarief
De basisbelasting zoals bepaald overeenkomstig §1 wordt vermenigvuldigd met het aantal periodes van 12 maanden opname op het leegstandsregister.
Voor de handelspanden gelegen in het kernwinkelgebied wordt de vermenigvuldigingsfactor verhoogd met 1, vermits de basisbelasting reeds verschuldigd is bij opname in het gemeentelijk leegstandsregister.
Deze vermenigvuldigingsfactor wordt beperkt tot een maximum van vijf.
B: Appartementen
§1 Basisbelasting
De basisbelasting wordt vastgesteld op een forfaitair bedrag van 2.375 euro.
§2 Progressief tarief
De aanslagvoet zoals bepaald overeenkomstig §1 wordt vermenigvuldigd met het aantal periodes van 12 maanden opname op het leegstandsregister.
Deze vermenigvuldigingsfactor wordt beperkt tot een maximum van vijf.
C: Kamers
§1 Basisbelasting
De basisbelasting wordt vastgesteld op een forfaitair bedrag van 675 euro.
§2 Progressief tarief
De aanslagvoet zoals bepaald overeenkomstig §1 wordt vermenigvuldigd met het aantal periodes van 12 maanden opname op het leegstandsregister.
Deze vermenigvuldigingsfactor wordt beperkt tot een maximum van vijf.
Artikel 6: Situatie na verkoop
Het aantal termijnen van twaalf maanden dat een pand in het leegstandsregister is opgenomen, wordt na de verkoop op nul gezet. Het loopt opnieuw vanaf de eerstvolgende verjaardatum van het zakelijk recht, beginnend bij de overdracht.
Dit geldt niet voor overdrachten aan of van:
1° vennootschappen waarin de belastingplichtige rechtstreeks of onrechtstreeks participeert.
2° vzw’s waar de belastingplichtige lid van is.
Artikel 7: Vrijstellingen
Van de belasting zijn vrijgesteld:
§1 De natuurlijke en rechtspersonen die een belastbare woning of gebouw hebben verworven. Deze vrijstelling geldt voor de eerste twee jaren die volgen op de datum van het verlijden van de notariële akte of de datum van vererving;
Deze vrijstelling geldt niet voor overdrachten aan of van:
§2 De natuurlijke en rechtspersonen die aan de woning die of het gebouw dat opgenomen is in het gemeentelijk leegstandsregister grondige renovatiewerken uitvoeren.
Het doel van de renovatiewerken is het herstellen en/of gedeeltelijk vernieuwen/heropbouwen van een bestaande woning of gebouw, waardoor het weer bewoonbaar/bruikbaar wordt naar de huidige maatstaven en woonkwaliteitsnormen.
Uitgesloten zijn verfraaiingswerken, zoals schilder- en behangwerken, tuinaanleg. Deze opsomming is niet limitatief.
Ter staving van de uitgevoerde renovatiewerken kunnen volgende documenten worden voorgelegd:
De facturen mogen niet ouder zijn dan 12 maanden voorafgaand aan de verjaardatum.
Deze vrijstelling moet jaarlijks aangevraagd worden en wordt maximum voor 3 opeenvolgende jaren toegekend.
§3 De natuurlijke en rechtspersonen die een omgevingsvergunning voor stedenbouwkundige handelingen kunnen voorleggen voor:
De vrijstelling wordt beperkt tot 1 jaar en gaat in op datum van goedkeuring van de omgevingsvergunning.
De vrijstelling voor het uitvoeren van renovatiewerken kan 2 maal verlengd worden tot maximum 3 jaar.
Ter staving van de uitgevoerde renovatiewerken kunnen volgende documenten worden voorgelegd:
De facturen mogen niet ouder zijn dan 12 maanden voorafgaand aan de verjaardatum.
De vrijstellingen onder §2 en §3 zijn éénmalig, kunnen niet cumulatief worden toegepast en gelden niet voor nieuwe, onafgewerkte woningen en gebouwen die zeven jaar na goedkeuring van de omgevingsvergunning voor stedenbouwkundige handelingen nog niet in gebruik werden genomen. De vrijstellingen die werden toegekend o.b.v. vorig belastingreglement kunnen niet opnieuw worden aangevraagd.
§4 De VMSW of de door de VMSW erkende sociale huisvestingsmaatschappijen
§5 De natuurlijke persoon van wie de handelingsbekwaamheid beperkt werd ingevolge een gerechtelijke beslissing. Deze vrijstelling geldt voor 2 jaar, te rekenen vanaf de datum van opname in één van hogervermelde registers of voor 2 jaar te rekenen van de gerechtelijke beslissing om de handelsbekwaamheid te beperken, indien dit voordeliger is voor de belastingplichtige;
§6 De natuurlijke en rechtspersonen die zich in een geval van overmacht bevinden.
Overmacht kan enkel voortvloeien uit een van de menselijke wil onafhankelijke gebeurtenis die de belastingplichtige niet heeft kunnen voorzien of voorkomen. Het onderstelt dus een onvoorziene en onafwendbare gebeurtenis waardoor het naleven van de aangegane verbintenis of verplichting onmogelijk wordt gemaakt.
§7 De natuurlijke en rechtspersonen eigenaar van een belastbare woning en/of gebouw gelegen binnen een door de bevoegde overheid goedgekeurd onteigeningsplan, een rooilijnplan, een plan van aanleg of ruimtelijk uitvoeringsplan of beleidsplan, waardoor een omgevingsvergunning voor stedenbouwkundige handelingen niet wordt verleend omwille van een nieuwe rooilijn, rooilijnwijziging en/of functiewijziging, of waarvoor een weigering van omgevingsvergunning voor stedenbouwkundige handelingen verkregen werd wegens een in voorbereiding zijnde onteigeningsplan, plan van aanleg of ruimtelijk uitvoeringsplan;
§8 De natuurlijke en rechtspersonen eigenaar van een belastbare woning en/of gebouw gedurende de termijn van behandeling door de bevoegde instanties, van het dossier tot restauratie van een geklasseerd monument, overeenkomstig art. 4.4.6. van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening of overeenkomstig het decreet betreffende het Onroerend erfgoed;
§9 De natuurlijke - en rechtspersonen indien ze niet vrij over de woning of het gebouw kunnen beschikken, omwille van een gerechtelijke procedure waarvan de woning of het gebouw onderwerp uitmaakt. Deze vrijstelling geldt tot één jaar na het definitief worden van de uitspraak in laatste aanleg van de rechtszaak;
§10 De natuurlijke persoon, laatste bewoner en zakelijk gerechtigde ingevolge zijn opname in een erkende ouderenvoorziening of opname voor een langdurig verblijf in een psychiatrische instelling. Deze vrijstelling geldt voor 1 jaar te rekenen vanaf de datum van opname in het leegstandsregister;
§11 De natuurlijke en rechtspersonen die een woongelegenheid uitsluitend gebruiken voor een beroepsactiviteit. De vrijstelling wordt toegekend zolang de beroepsactiviteit wordt aangetoond;
§12 De zakelijk gerechtigden van handelspanden die hinder ondervinden naar aanleiding van grote infrastructuurwerken in de stad met een duur van meer dan drie maanden.
De vrijstelling wordt toegekend vanaf 6 maanden vóór de werken tot 6 maanden na de werken.
Wordt begrepen onder hinder: sterk verminderde toegankelijkheid ten gevolge van werken.
Het gebied waarbinnen de vrijstelling van toepassing is, zal door het college van burgemeester en schepenen vastgesteld worden na advies van de bevoegde dienst;
§13 De houder van het zakelijk recht van het gebouw dat is opgenomen in een database waarbij de voorwaarden tot opname verder geëxpliceerd worden in het subsidiereglement voor het versterken van het handelsapparaat in de Roeselaarse kernen, goedgekeurd in de gemeenteraad van 15.12.2025; en latere wijzigingen.
Deze vrijstelling geldt voor een periode van 1 jaar vanaf het moment van opname in de voornoemde database.
Via de opname in deze database stelt de houder van het zakelijk recht zijn leegstaand gebouw ter beschikking voor tijdelijke invullingen. Indien de houder van het zakelijk recht de invulling weigert zonder gegronde redenen, binnen de vrijstellingsperiode, dan vervalt deze vrijstelling.
Artikel 8: Invordering
De belasting wordt ingevorderd door middel van een kohier dat vastgesteld en uitvoerbaar verklaard wordt door het college van burgemeester en schepenen.
Artikel 9 Betaling
De belasting moet betaald worden binnen twee maanden na de verzending van het aanslagbiljet.
Artikel 10: Bezwaarschrift
De belastingschuldige kan bezwaar indienen tegen deze belasting bij het college van burgemeester en schepenen volgens de modaliteiten van het decreet van 30 mei 2008, en latere wijzigingen
Artikel 11: Toezicht
Deze verordening wordt aan de toezichthoudende overheid toegezonden.