Minontvangst van 9.680 euro.
Decreet over tijdelijke noodmaatregelen voor het individueel bezoldigd personenvervoer naar aanleiding van de coronacrisis van 14 juli 2020. (Publicatie B.S. 17 juli 2020)
Het Vlaams Parlement keurde op 14 juli 2020 het decreet over tijdelijke noodmaatregelen voor het individueel bezoldigd personenvervoer naar aanleiding van de coronacrisis goed. (Publicatie B.S. 17 juli 2020)
Door dit decreet wordt aan de gemeenten de mogelijkheid gegeven om, als ruggensteun in deze COVID-19-periode, de vergunde exploitanten financieel tegemoet te komen met een gehele of gedeeltelijke vrijstelling of teruggave van de belasting of retributie die ze op basis van het decreet van 20 april 2001 betreffende de organisatie van het personenvervoer over de weg (oude VVB-vergunning) of het decreet van 29 maart 2019 betreffende het individueel bezoldigd personenvervoer (vergunning IBP) moeten betalen.
In het besluit is geen sprake van de retributie voor de bestuurderspas. Deze zal de Stad dus wel moeten innen.
Naast de decretaal opgelegde belasting/retributie heft de Stad een gemeentelijke belasting op de taxi’s van 60 euro (voor de oude taxivergunningen) en een eigen retributie van 170 euro per voertuig die gemachtigd wordt een standplaats te gebruiken.
Als ondersteuningsmaatregel werd de sector reeds vrijgesteld van deze belastingen/retributies voor het aanslagjaar 2020.
De vermindering/kwijtschelding kan toegestaan worden voor ieder werkjaar waarvoor de noodtoestand is uitgeroepen.
Vermits de coronacrisis ook voor het werkjaar/aanslagjaar 2021 een grote impact had op de taxisector, kan ook voor 2021 een vrijstelling worden toegestaan.
De taxisector zag hun inkomsten immers aanzienlijk dalen door:
Bovenop corona kwam de omschakeling naar de nieuwe wetgeving, die net grote investeringen vraagt.
Aanpassing reglementen:
Het belastingreglement op de taxi's werd goedgekeurd in de gemeenteraad van 21.09.2020 en is van toepassing op de aanslagjaren 2021 tot en met 2023.
Het retributiereglement op de machtiging voor het gebruik van taxistandplaatsen op de openbare weg werd goedgekeurd in de gemeenteraad van 21 september 2020 en is van toepassing voor de periode van 01.01.2021 tot en met 31.12.2025.
Het volstaat om de toepassing van beide gemeentelijke reglementen aan te passen en deze te laten ingaan vanaf 01.01.2022.
Voor 2021 werd reeds een kohier opgemaakt en uitvoerbaar verklaard voor een totaal bedrag van 6.048,24 euro.
Deze belastingen zullen terugbetaling verkrijgen zonder dat betrokkenen erom moeten vragen.
Artikel 1 van het belastingreglement op de taxi's, zoals goedgekeurd op 21 september 2020, wordt als volgt aangepast en in bijlage gevoegd van dit besluit:
"Er wordt voor de aanslagjaren 2022 tot en met 2023 een
jaarlijkse gemeentebelasting gevestigd op de voertuigen bestemd voor de
exploitatie van een taxidienst."
Artikel 1 van het retributiereglement op de machtiging voor het gebruik van taxistandplaatsen op de openbare weg, zoals goedgekeurd in de gemeenteraad van 21 september 2020, wordt als volgt aangepast en in bijlage gevoegd van dit besluit:
"Voor een periode ingaand op 01.01.2022 en eindigend
op 31.12.2025 is een jaarlijkse retributie verschuldigd voor de machtiging
voor het gebruik van taxistandplaatsen op de openbare weg ."
Voor de belasting op basis van het decreet van 20 april 2001 betreffende de organisatie van het personenvervoer over de weg wordt voor het aanslagjaar 2021 vrijstelling verleend.
Voor de retributie op basis van het decreet van 29 maart 2019 betreffende het individueel bezoldigd personenvervoer wordt voor het aanslagjaar 2021 vrijstelling verleend.
Dit besluit wordt samen met het gecoördineerde belasting- en retributiereglement bekendgemaakt en aan de toezichthoudende overheid overgemaakt.