Artikel 40 e.v. van het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur.
Het decreet van 9 juli 2021 houdende wijzigingen van diverse decreten met betrekking tot wonen, waarbij een regelgevend kader met betrekking tot de woonmaatschappijen wordt gecreëerd.
Het besluit van de Vlaamse Regering van 17 december 2021 tot wijziging van verschillende besluiten over wonen.
De Vlaamse Codex Wonen van 2021 (VCW)
Het Besluit Vlaamse Codex Wonen van 2021 (BVCW)
In het Vlaamse regeerakkoord is opgenomen dat de SHM’s en de SVK’s (sociale huisvestingsmaatschappijen en sociale verhuurkantoren) tegen 1 januari 2023 één actor dienen te vormen en dit zodanig dat in iedere gemeente maar één sociale verhuurder meer actief is: de woonmaatschappij. Elke woonmaatschappij telt minimaal 1000 sociale huurwoningen en opereert in een uniek, niet-overlappend werkingsgebied. Ze verenigt alle sociale huur- en koopactiviteiten in de gemeente of in een cluster van gemeenten.
De Vlaamse regering wenst met deze woonmaatschappij:
In een eerste stap in het proces tot oprichting van de woonmaatschappij werd het werkingsgebied vastgelegd en goedgekeurd in de gemeenteraad van 25 oktober 2021.
In een tweede fase werden de criteria voor de stemverdeling van de lokale besturen in de algemene vergadering van de toekomstige woonmaatschappij goedgekeurd in de gemeenteraad van 30 mei 2022.
In het traject naar het vormen van een eengemaakte woonmaatschappij voor het werkingsgebied tegen 1 januari 2023, kunnen sociale huisvestingsmaatschappijen, die er pas tegen 30 juni 2023 zullen in slagen om aan alle voorwaarden tot erkenning als woonmaatschappij te voldoen, ofwel door zich zelf om te vormen tot woonmaatschappij, ofwel door een herstructurering (fusie, splitsing…) door te voeren met een andere woonmaatschappij of met een sociale huisvestingsmaatschappij, die kan aantonen dat die zich kan omvormen tot woonmaatschappij, een verlenging van de hun erkenning als sociale huisvestingsmaatschappij tot 30 juni 2023 bekomen. Daartoe moeten zij een aanvraag indienen bij het agentschap Wonen-Vlaanderen.
In de brief dd. 9 juni 2022, die de stad Roeselare ontving van de sociale huisvestingsmaatschappijen De Mandel en IZI Wonen, wordt gevraagd om tegen uiterlijk 29 september 2022 een advies uit te brengen over het traject dat zij willen doorlopen om tegen uiterlijk 30 juni 2023 deel uit te maken van de woonmaatschappij die in het werkingsgebied, waar de stad Roeselare deel van uitmaakt, zal worden gevormd.
Daarbij moet de aanvragende sociale huisvestingsmaatschappij aantonen dat ze zich uiterlijk op 30 juni 2023 zal kunnen omvormen tot woonmaatschappij, mede ondersteund door een stappenplan en een advies van de lokale besturen uit het werkingsgebied (art 223, §2, 2de lid van het BVR van 17/12/2022 tot wijziging van verschillende besluiten over wonen).
Omdat op korte termijn ook een erkenningsaanvraag als woonmaatschappij zal moeten worden ingediend, waarbij eveneens een advies is vereist van de gemeenteraad omtrent de lokale netwerkvorming, lokale inbedding en verankering (art. 4.98 §1 3°, punt k van het BVCW van 2021), en op basis van het stappenplan al geheel duidelijk kan zijn welke SHM’s uit het werkingsgebied zich zullen omvormen tot de unieke woonmaatschappij, kan ontworpen artikel 3 van deze beslissing meteen ook dienstig zijn voor het verplichte advies van de gemeenteraad bij de erkenningsaanvraag als woonmaatschappij, die binnen enkele maanden kan worden verwacht.
Er zijn geen financiële gevolgen voor de Stad.
De gemeenteraad neemt kennis van de aanvraag tot verlenging van de erkenning van de sociale huisvestingsmaatschappijen De Mandel en IZI Wonen tot en met 30 juni 2023.
De gemeenteraad geeft als advies aan de Vlaamse Regering dat het bij voormelde aanvraag gevoegde stappenplan naar de woonmaatschappij voldoet aan de doelstellingen van de gemeente.
De gemeenteraad stelt in het kader van de procedure vermeld in artikel 4.98 §1 tweede lid, 2°, punt k van het BVCW van 2021 vast dat de aldus te vormen woonmaatschappij zal zorgen voor voldoende lokale netwerkvorming, lokale inbedding en verankering.
Deze beslissing wordt aan de aanvrager bezorgd.