De Vl. reg. wil met het eredienstendecreet er vooral voor zorgen dat moskeeën uit de greep geraken van buitenlandse regimes. El-Nour kocht in Krottegem een oude fabriekshal om er hun nieuwe moskee te vestigen. Ze diende via de verkorte erkenningsprocedure een aanvraag tot erkenning in bij de Vl. overheid. Erkenning geeft recht op prov. financiering en door de fed. overheid gesalarieerde imams.
De aanvraag voldeed echter niet aan de ontvankelijkheidscriteria vervat in art. 67, §2, 6° en 7° van het decreet, allicht omdat bepaalde documenten – bewust of onbewust – niet werden aangeleverd. Als de moskee alsnog erkend wil worden, moet ze een nieuwe aanvraag indienen en de gewone erkenningsprocedure doorlopen met een wachttijd van 4 jaar.
Weet het bestuur waarom de erkenningsaanvraag onontvankelijk was en zo ja, heeft El-Nour desgevallend bewust bepaalde informatie achtergehouden?
Hoe reageert de stad op deze beslissing en kan deze niet-erkende moskee (die dus geen transparantie kan of wil bieden inzake de werking) voor het stadsbestuur het aanspreekpunt voor de moslimgemeenschap blijven?
Zal het stadsbestuur ook nog zalen verhuren aan El Nour, bv. voor het offerfeest?
Voor het antwoord zie audio-opname en schriftelijke weergave.
di 14/02/2023 - 08:55