De Stad Roeselare ondertekende het Lokaal Energie- en Klimaatpact 1.0, 2.0 en 2.1 op respectievelijk 25 oktober 2021, 21 november 2022 en 15 mei 2023. Binnen het Lokaal Energie- en Klimaatpact (LEKP) moet een jaarlijkse inhoudelijke, en nu ook financiële, rapportering met betrekking tot de voortgang opgemaakt worden dat na voorlegging aan de gemeenteraad bij het Agentschap Binnenlands Bestuur moet ingediend worden. Hiervoor wordt gebruikt gemaakt van het Lokaal Klimaatpactportaal, waar de Vlaamse overheid de monitoring van de doelstellingen bijhoudt.
Er werd sowieso reeds jaarlijks een grondige stand van zaken opgemaakt met betrekking tot de voortgang van het klimaatprogramma van de Stad Roeselare met als doelstelling klimaatneutraliteit 2050. Deze rapportering wordt nu samen opgemaakt met de verplichte rapportering voor het Lokaal Energie - en Klimaatpact.
In het LEKP 1.0, 2.0 en 2.1 wordt er een onderscheid gemaakt tussen voortgang op algemene engagementen en voortgang op 4 specifieke werven. Deze laatste zijn van toepassing op het gehele grondgebied. Om op schema te zijn tegen 2030 zouden de meeste parameters rond de 40% moeten zitten. Hieronder de resultaten weergegeven in het LEKP rapport van de Stad Roeselare op 10 maart 2025.
Werf 1: Laten we een boom opzetten
- 1 niet-bos boom extra per inwoner vanaf 2021 tegen eind 2030
- 17.139 van de 66.262 niet-bos bomen werden geplant = 25,87%. Bos-bomen worden in de bomenteller meegenomen van de 100.000 bomen. In 2024 werd de 100.000ste boom van de eigen bomenteller geplant. Dit cijfer uit het rapport is een onderschatting van de realiteit. Private initiatieven zonder tussenkomst van de Stad Roeselare zijn moeilijk te ontdekken.
- 0,5 meter geveltuin of haag extra per inwoner tussen 2021 en eind 2030
- 7.453,50m van de 33.131m werd aangeplant = 22,5%. Een aantal bedrijven plantten grote loten alsook de eigen inwoners via Behaag RSL. Dit is een sterke onderschatting van de realiteit gezien er veel private initiatieven zijn zonder tussenkomst van Stad Roeselare die moeilijk te ontdekken zijn.
- 1 extra natuurgroenperk van minstens 10m² aan te leggen per 1.000 inwoners vanaf 2021 tot en met eind 2030
- 91 van de 66 perken werden aangelegd = 137,33%. Er werd sterk ingezet op het creëren van publieke bloemenweides en graslanden.
Werf 2: Verrijk je wijk
- 50 collectief georganiseerde energiebesparende renovaties per 1000 wooneenheden van 2021 tot en met 2030.
- 1 collectieve renovatie van de 1.602 = 0,06%. Er werden echter 320 extra renovaties ingegeven, maar nog geen reflectie in het rapport. Dit brengt ons op 20%. Via renovatiecampagnes zoals de 'JAAA MAAR HOE' campagne werden inwoners geholpen om (samen) te renoveren.
- 25 fossielvrije renovaties van de 50 collectief georganiseerde, energiebesparende renovaties per 1.000 wooneenheden
- 1 collectieve fossielvrije renovaties van de 801 = 0,12%. Er werden echter 5 extra fossielvrije renovaties ingegeven, maar nog geen reflectie in het rapport. Dit brengt ons op 7,5%. De taxshift zou kunnen helpen om warmtepompen te stimuleren.
- Realisatie van minstens één thematisch wijkverbeteringscontract waarbinnen een collectieve renovatie wordt gefaciliteerd tegen eind 2025
- Niet opgemaakt volgens het rapport. Wel werd Energiewijk Krottegem opgegeven via het loket van binnenlands bestuurd. Hier werd samengewerkt met verschillende (sociale) actoren om gezamenlijke renovatie te stimuleren in Krottegem. Dit moet dus nog meegenomen worden in het rapport.
- 50 uitnodigingen per 1000 wooneenheden voor een klimaattafel tegen eind 2024
- 5.077 uitnodigingen van de 1602. Doorheen 2024 werden drie wijken uitgenodigd om aanwezig te zijn op de Klimaattafels die in 3 stappen werden georganiseerd. De laatste fase gaat in de tweede helft van maart 2025 van start. De twee eerste fases gingen door in 2024.
- Opmaak renovatietraject op maat deelnemers aan een klimaattafels voor eind 2025
- 326 renovatietrajecten op maat van de 1602 = 20,34%. Er werden 326 renovatietrajecten op maat aangeboden via de eigen JAAA MAAR HOE renovatiecampagne voor de deelnemers van de klimaattafels.
- 36 kWp vermogen per 500 inwoners uit coöperatief/participatief hernieuwbare energieprojecten tegen eind 2030. De helft tegen eind 2025.
- 44 kWp van de 4.770,86 kWp =0,92%. In 2024 werd een faciliterende rol opgenomen door de stad tussen coöperaties en eigenaars van grote daken. Ook werden voor eigen patrimonium verschillende opties bekeken, maar waren voorlopig financieel niet interessant. Lijkt vooral nuttig bij windenergie projecten om draagvlak te creëren.
- Toegang tot de activiteiten van een energiegemeenschap operationaliseren voor 1 per 500 inwoners tegen eind 2025
- Opgericht. Maar in de realiteit geen gemakkelijke doelstelling. De huidige Vlaamse wetgeving en operationalisering maken energiegemeenschappen financieel niet interessant waardoor ze niet opgestart worden.
Werf 3: Elke buurt deelt en is duurzaam bereikbaar
- 2 deelwagens per 1000 inwoners tegen eind 2030
- 25 van de 132 deelwagens = 18,86%. Aantal cambio deelwagens werd in 2024 sterk uitgebreid. Verdere geplande groei zal de doelstelling helpen.
- 1,5 laadpuntequivalent per 100 inwoners tegen eind 2030
- 2.151 van de 993 laadpuntequivalenten = 216,46%. In 2024 werd de publieke laadinfrastructuur stevig opgeschroefd en waren er talrijke private initiatieven met (ultra)snelladers.
- 1 meter nieuw of structureel opgewaardeerd fietspad per inwoner tegen eind 2030
- 19.060 m van de 66.262 m = 28,76%. Som van het Kopenhagenfonds, Fietsfonds en eigen ingegeven initiatieven. Een aantal realisaties uit het Kopenhagenfonds zijn nog niet afgerekend en staan nog niet in het cijfer. Fietsstraten zonder structurele ingrepen tellen niet mee.
Werf 4: Water. Het nieuwe goud.
- 1 m² ontharding per inwoner vanaf 2021 tegen eind 2030
- 41.258,45m² van de 66.262m² = 62,27%. De (her)aanleg van het Moermanpark, verschillende straten, verschillende pleinen, en talrijke kleinere projecten zorgden voor een sterke vooruitgang.
- 1 m³ extra hemelwateropvang per inwoner vanaf 2021 tegen eind 2030
- 32.160m³ van de 66.262m³ = 48,53%. Er weren een aantal grote bufferbekkens aangelegd alsook talrijke wadi’s die het regenwater opvangen.
Algemene Doelstellingen
- Ondertekening Burgemeestersconvenant 2030 of 2050
- Jaarlijkse primaire energiebesparing van 3% in de eigen gebouwen en technische infrastructuur van het lokaal bestuur
- 51,66% van de doelstelling, ofwel reeds 13,66% energie bespaard t.o.v. 2019. Het wegvallen van het stadhuis speelt een grote rol, evenals verLEDding eigen gebouwen en aansluiten op warmtenetten waar mogelijk.
- Tegen 2030 de CO₂-uitstoot van de eigen gebouwen, de technische infrastructuur én de eigen mobiliteit met 55% te reduceren ten opzichte van 2015. Dit werd herrekend naar een reductie van 40,3% ten opzichte van referentiejaar 2019.
- 58,48% van de doelstelling bereikt, ofwel reeds 23,57% minder CO² uitstoot t.o.v. 2019. Het wegvallen van het energieverslindende stadhuis en het aansluiten op het warmtenet van verschillende eigen gebouwen spelen een grote rol. Elektrificatie van eigen vloot moet nog ingegeven worden. Dit cijfers is dus een ondergrens.
- VerLEDding openbare verlichting 100% tegen 2030
- 5900 lichtpunten verLED van de 12331 = 47,85%. In realiteit staat er voor 62% op de uitvoeringsplanning. Goed op weg om in 2028 100% verLED te zijn met openbare verlichting.
- Geen heffingen op hernieuwbare energie-installaties
- Geen nieuwe heffingen op masten en sleuven van ELIA
- Lokaal opgemaakt warmteplan en sloopbeleidsplan
- Warmteplan opgemaakt: Warmtetransitieplan en kaart
- Sloopbeleidsplan niet opgemaakt: Zit deels vervat in een oefening van eigen patrimonium voor opmaak van een vastgoedplan.