Gelet op artikel 133 van de nieuwe gemeentewet is de burgemeester bevoegd voor de handhaving van de openbare orde in de gemeente.
Gelet op artikel 134 § 1 van de nieuwe gemeentewet, kan de burgemeester politieverordeningen maken in geval van oproer, kwaadwillige samenscholing, ernstige stoornis van de openbare orde of andere onvoorziene gebeurtenissen, waarbij het geringste uitstel gevaar of schade zou kunnen opleveren voor de inwoners.
Gelet op artikel 135 § 2 van de nieuwe gemeentewet, zijn gemeenten bevoegd om te voorzien, ten behoeve van de inwoners, in een goede politie, met name over de zindelijkheid, de gezondheid, de veiligheid en de rust op de openbare wegen en plaatsen en in openbare gebouwen.
Artikel 63 Decreet Lokaal Bestuur.
Per 27 januari 2026 vaardigde de burgemeester een samenscholingsverbod uit voor de periode van 1 maand (vanaf 28 januari 2026 tot en met 27 februari 2026) volgens de modaliteiten zoals weergegeven in het besluit in bijlage.
Per 23 februari 2026 ontving de burgemeester een bestuurlijk verslag van de politie (nr. 350/26) waarin wordt gemeld dat de maatregel effecten begint te ressorteren op het terrein maar dat een verlenging met 1 maand wordt geadviseerd om de inspanning nog te kunnen aanhouden.
Per 25 februari 2026 werd dit verbod derhalve verlengd met een maand (tot en met 27 maart 2026).
Per 19 maart 2026 ontving de burgemeester een bestuurlijk verslag met de evaluatie van het samenscholingsverbod met bijhorend advies om dit te verlengen met 3 maanden.
Gelet op dit advies, is het aangewezen op de maatregel effectief met 3 maanden te verlengen volgens dezelfde modaliteiten van het oorspronkelijke samenscholingsverbod .
Voor de goede orde wordt ook de motivering hernomen van het oorspronkelijke verbod gezien dit nog steeds de basis vormt:
De burgemeester werd in kennis gesteld van een bestuurlijk verslag van de politie (nr. 169/26 de dato 24 januari 2026) met betrekking tot de situatie in en om de Sint-Hubrechtsstraat.
De politie maakt melding van een zeer substantiële vaststelling op 24 januari 2026 waarbij jongeren in groep werden aangetroffen.
Deze jongeren:
Deze vaststellingen volgden na veelvuldige eerdere meldingen van druggebruik, drugdeals, intimidatie en overlast in dezelfde buurt.
Uit het bestuurlijk verslag blijkt eveneens dat niet alleen inwoners en passanten maar tevens de handelaars aldaar zwaar getroffen worden door de handelingen van deze in groep opererende personen.
Op uitdrukkelijke vraag van de politie komt het aldus als noodzakelijk voor om in de omgeving aldaar een tijdelijk samenscholingsverbod in te stellen zodat de rust en veiligheid kan terugkeren en de impact van de groepen personen wordt geminimaliseerd en aangepakt. Een samenscholingsverbod is in deze ook het aangewezen instrument gezien de overlast en onveiligheid steeds veroorzaakt worden door grotere groepen personen waarbij de samenstelling van de groepen ook niets steeds dezelfde is.
Gezien de zone waar het verbod geldt, beperkt wordt en de maatregel ook tijdelijk van aard is, is deze proportioneel en zorgvuldig en gelet op het voorgaande uiteraard ook gemotiveerd.
Gezien de impact en urgentie van de feiten, is verder uitstel in het kader van de openbare veiligheid niet raadzaam en wordt deze maatregel per besluit van de burgemeester genomen.
Bijgevolg keurde de burgemeester het tijdelijk politiereglement ter uitvaardiging van een samenscholingsverbod goed op 20 maart 2026.
Cf. artikel 134 van de NGW dient dit besluit in de eerstvolgende gemeenteraad, in casu 30 maart 2026, bekrachtigd te worden. Gezien de agenda van de gemeenteraad op 30 maart 2026 door het college van burgemeester en schepenen vastgesteld werd op 16 maart 2026 en deze op 20 maart 2026 verstuurd werd, werd dit dossier met akkoord van de burgemeester en voorzitter toegevoegd aan de agenda van de gemeenteraad.
Bij niet agendering in de eerstvolgende zitting van de gemeenteraad, zou dit besluit onmiddellijk vervallen.
Op grond van artikel 134 van de Nieuwe gemeentewet heeft de burgemeester het recht op te treden middels een politieverordening in geval van oproer, kwaadwillige samenscholing, ernstige stoornis van de openbare rust of andere onvoorziene gebeurtenissen, waarbij het geringste uitstel gevaar of schade zou kunnen opleveren voor de inwoners, onder verplichting om daarvan onverwijld aan de gemeenteraad kennis te geven, met opgave van de redenen waarom hij heeft gemeend zich niet tot de raad te moeten wenden. Die verordeningen vervallen dadelijk, indien zij door de raad in de eerstvolgende vergadering niet worden bekrachtigd.
Er zijn geen financiële gevolgen.
Het besluit van de burgemeester d.d. 20 maart 2026 m.b.t. het tijdelijk politiereglement ter uitvaardiging van een samenscholingsverbod wordt bekrachtigd zoals in bijlage gevoegd.